Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1992 - pagina 371

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1992 - pagina 371

5 minuten leestijd

VOORUITGANG den namens het museum de klassen rond. Ik sluit me aan. Zes nagemaakte schooUokalen vormen het hart van het museum. W e zien een kloosterschool, een kale ruimte met Spartaanse houten banken en een enkele religieuze wandschildering, en een zeventiende dorpsschool, nagemaakt van een schilderij van Van Ostade, met zwartgemutste poppen erin. "Daar was het rommelig, vies en koud," vertelt de rondleidster. Dan zien we een modelklas uit 1830. "In dit lokaal zie je voor het eerst een lekkere, grote kachel." De kinderen zijn zeer geboeid door de schooltaferelen uit het verleden en hangen aan de lippen van het museummeisje. Zijn er nog vragen? Vele vingers worden opgestoken, maar de meesten willen niet echt meer informatie. Ze vertellen iets wat ze hebben meegemaakt in de vakantie. De invloed van het kringgesprek doet zich hier gelden. "Allemachtig," zegt het museummeisje. "Laten we gauw verder gaan naar het volgende tafereel." "In dit lokaal uit 1910 zie j e voor het eerst het leesplankje. Kunnen jullie samen met mij het Aap-NootMies lezen?" Weer veel vingers en veel verhalen over de koektrommels en placemats die de kinderen thuis hebben met daarop het motief van het leesplankje. "Het was in die tijd héél belangrijk datje ontzettend braaf was ... Nee! Laat die inktpotjes nou in de banken zitten! Die zijn van steen, die kunnen kapot!" Datje in een museum niet aan de tentoongestelde spullen hoort te komen, daarvan zijn de kinderen die deze dag het Schoolmuseum bezoeken niet op de hoogte. Een suppoost plukt er steeds een paar uit de gammele oude schoolbanken. We gaan naar 1930. Een radio, elektrische verlichting, een wasbak, allemaal attributen waaraan we de vooruitgang kunnen aflezen. De rondleidster vertelt dat de juf of meester controleerde of de kinderen wel schone handen hadden, en luisvrije hoofden. Ze wijst op de kaart van Zuid-Holland aan de muur en vertelt dat de leerlingen in koor de namen moesten scanderen van de plaatsen die de meester aanwees. "Veel meisjes hadden een hele lange vlecht. Dat was heel link voor zo'n

meisje, want de punt van zo'n vlecht kon door een jongen in een inktpot gestopt worden," diept ze enige folklore op in onvervalst Rotterdams. "Meester, deed u dat ook vroeger?" "Zo oud ben ik nog niet," protesteert de onderwijzer, "in mijn tijd schreven we al met een balpen." Dan zien de kinderen hoe de klas van hun meester eruit zag. De 'hcht-lucht-school' uit 1960, grote ramen, zakeHjke inrichting, een televisie. Klopt dat wel? Stond er niet alleen in de hal van de school één toestel? Maar de bedoeling is duidelijk: in die tijd deed de schooltelevisie haar intrede. Het hoogtepunt van het museum is de werkklas. Daar mogen de bezoekers eindelijk in de oude lessenaartjes plaatsnemen. " N u gaan alle armen over elkaar en aUe monden dicht," imiteert de rondleidster een ouderwets strenge j u f Nadat ze alle handen op reinheid heeft geïnspecteerd, leest ze met de klas 'J^tiQe zag eens pruimen hangen, o als eieren zo groot' en ze laat zien hoe je moet schrijven: "Dun op, dik neer." Tot slot mogen de gasten zelf proberen te schrijven met inkt en een kroontjespen. Natuurhjk niet met de linkerhand. "Wat moet ik dan schrijven, juf?" zeuren er nog een paar, maar dan gaan ze in grote stilte aan het werk, terwijl ik de rest van de collectie bekijk. Het is leuk om te zien wat men in de loop van de jaren allemaal bedacht heeft om kinderen rekenen te leren, de meest ingewikkelde constructies. Verder zijn er natuurlijk lees- en taaiboekjes te zien, griffeldozen, inktlappen, sponzedoosjes, schoolplaten en ouderwets meubilair. Naast de vaste collectie, de zes m o dellokalen en de verzameling leermiddelen, is er in het Schoolmuseum altijd een tentoonstelling. Mijn bezoek valt tijdens de laatste dagen van een tentoonstelling over Montessorionderwijs. Het oorverdovende geschreeuw van de schoolkinderen maakt het moeilijk rustig te kijken en uit te vinden waarop de grote populariteit van dit type onderwijs berust. Gelukkig grijpt een norse cipier in en verstomt het gejoel. Wat ik begrijp is dat de veelzijdigheid van het onderwijs en de indivi-

duele aandacht voor elk kind. Montessorischolen zo aantrekkelijk maken. Naast de gewone vakken komen ook allerlei praktische zaken aan bod, zoals aankleden (voor kleuters) en huishoudelijk werk. Ik zie zogenaamde aankleedrekken, waarmee kinderen kunnen oefenen met het maken van strikken en het open en dichtdoen van gespen en knopen en het dichtnjgen van een korset. O o k zie ik emmers, sponzen en een foto van een kleuter die ingespannen bezig is met het poetsen van zijn schoenen. Doel van dit leermateriaal, lees ik, is de ontwikkehng van de motoriek en het aankweken van verantwoordelijkheidsbesef voor de omgeving. Maria Montessori, die op de foto's een vriendelijker uitgave van Koningin Wilhelmina lijkt, was dus een voorloopster van Hedy d'Ancona met haar 'het IS een slimme vent, die zijn verantwoordelijkheden kent'. Deze winter komen er in het Schoolmuseum tentoonstellingen over feesten op school en over schoolplaten, lees ik in een folder in de museumwinkel. Daar zijn helaas geen ulevellen te koop. Ik heb nooit geweten hoe die eruit zien! Al met al is dit museum een leuk uitstapje (vergeet niet rond te kijken in de buurt, het museum ligt in een beeldschoon deel van Rotterdam!) voor een opa met een kleinkind, een weekendvader met zijn grut en iedere andere volwassene die zijn eigen klaslokaal van vroeger terug wil zien. Het jongste modellokaal, van 1960, was precies zoals ik me de lagere school herinner. Tafeltjes, in groepjes van vier, met inktpotjes waar geen inkt meer in zat, balpennen in de daarvoor bestemde gleuf, stempels van landen voor de aardrijkskundeles. Vertederd heb ik staan kijken naar de planten in de vensterbank. Van die zielige sprieten met gele puntjes en half verdorde citroenplanten!

Het Nationaal Schoolmuseum, Nieuwe Markt la, Rotterdam, telefoon: 0104045425; geopend dinsdag t / m zaterdag van 10 tot 5, zondag van 11 tot 5, maandagen en feestdagen gesloten.

17 vu MAGAZil-JE CXrC«B '907

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1992 - pagina 371

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's