Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1992 - pagina 427

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1992 - pagina 427

6 minuten leestijd

weet; het vooronderzoek onttrekt zich immers aan de openbaarheid. Een rechtszitting zou het vooronderzoek ter discussie kunnen stellen, maar in de praktijk gebeurt dat nauwehjks. Aan de eerlijkheid van de methodes van poHtie-ambtenaren wordt zelden getwijfeld. Tijdens het proces tegen Johnny zijn er wel enkele stille getuigen. Zijn vrouw had namelijk een fototoestel binnengesmokkeld in het kamertje waar hun rendez-vous zou plaatsvinden, en met behulp van de zelfontspanner de 'seksuele handelingen' vereeuwigd. De hele ochtend Hggen de plaatjes ter inzage op de rechtbanktafel.

Drugs Andere getuigen worden, tot grote woede van Johnny, niet opgeroepen. Hij heeft een verkreukeld stuk papier in zijn handen en zwaait daarmee heftig. Twaalf of dertien getuigen wil hij laten horen. Maar daar komt niets van in. Zijn advocaat brengt de zaak terug tot minder veeleisende proporties. Bijna verontschuldigend richt hij zijn verzoek tot de voorzitter van de rechtbank. NatuurHjk reaHseert hij, de advocaat, zich dat er een strikt tijdsschema bestaat en dat door het laten horen van getuigen dat schema in de war wordt gestuurd. Niettemin zou hij, gezien het belang van deze zaak, toch wel even iets anders dan een doorsneezaak, één getuige willen laten oproepen. De getuige om wie de advocaat vraagt is de broer van de verdachte. Johnny heeft nameHjk net, tot ieders verrassing, in de rechtszaal gezegd dat hij tijdens de pohtieverhoren onder de drugs zat. Verwarring alom. Wie had hem dat spul gegeven? De politie soms? Nee, die niet, stamelt Johnny, hij weet het niet meer precies. Het moet

zijn broer zijn geweest, tijdens een van de reconstructies die hij tijdens het voorarrest had meegemaakt. De advocaat vindt dat de rechtbank daar het fijne van behoort te weten en vraagt de officier van justitie deze getuige op te roepen. Die heeft daar absoluut geen zin in. Dan trekken de rechters zich terug voor beraad. Na lang beraad blijkt men er niet echt uitgekomen te zijn. Men wil de getuige niet onmiddellijk oproepen, maar dat later bij het tussenvonnis, wanneer dat noodzakehjk geacht wordt, misschien alsnog doen. Waarom doet de rechtbank eigenhjk zo moeihjk over het oproepen van een getuige? Tot in de jaren tachtig was het heel gebruikelijk dat alle getuigen om wie een verdachte vroeg, inderdaad gedagvaard werden. Maar dat liep uit de hand. Er waren verdachten die het noodzakelijk vonden om de minister-president, de koningin en de burgemeester voor hun karretje te spannen. Dat leverde onwerkbare situaties op. Sindsdien moet de rechter toestemming verlenen voor het oproepen van getuigen door verdachte en verdediging. Voor de officier van justitie geldt daarentegen die beperking niet; hij kan zonder voorafgaande toestemming iedere gewenste deskundige en getuige voor de zitting dagvaarden. Mede op grond van dit verschil menen critici dat in het Nederlandse strafrechtsysteem een fundamentele ongeHjkheid is geslopen. Officieel heet er equality of arms te zijn: het Openbaar Mimsterie en de verdediging dienen elkaar met gelijke wapens te kunnen bestrijden. Maar van een gehjke strijd, een eerlijk duel, is zo geen sprake.

Kruisverhoor

28 vu MAGAZINE NO/y^K1992

Het Openbaar Ministerie heeft niet alleen de mogelijkheid om dwars te hggen bij het oproepen van getuigen a décharge, maar bepaalt ook de hele onderzoeksagenda. Het kan vrijehjk gebruik maken van het opsporingsapparaat, van gerechtelijke laboratona, of van psychiatrische deskundigen. De advocatuur heeft dat soort mogelijkheden niet of nauwelijks. Het Openbaar Ministerie kan een zaak voor het gerecht brengen op het moment dat men de hele voorbereiding rond acht. Advocaten hebben zich maar aan te passen, krijgen soms nauwelijks de tijd om zich goed voor te bereiden en kennen het dikke dossier vaak slecht. De voormahge officier van justitie Abspoel heeft ooit voorgesteld om een Instituut voor Openbare Verdediging in het leven te roepen, als tegenwicht voor het Openbaar Ministerie. Z o ' n onafhankelijke stichting, betaald door de overheid, zou meer bevoegdheden op het terrein van opsporing en onderzoek moeten hebben. Een dergelijk instituut is er nooit gekomen. Prof Schalken vindt dat de a-symmetrie in het strafproces hersteld moet worden. De raadsman moet zijns inziens in staat gesteld worden om controle uit te oefenen op de

andering van de Nederiandse procesgang. Het zou aan de verdediging, en met aan de rechter, moeten zijn om de diepgang van de ondervraging te bepalen. Liegende getuigen, Hegende opsporingsambtenaren, twijfelachtige bekentenissen, een haperend geheugen, een valse waarneming, een rapport van de getuige-deskundige dat aan alle kanten rammek; het komt, laten zij m hun eigen onderzoek zien, allemaal voor. Het moet de advocaat mogelijk gemaakt worden een belastende getuige zo vergaand te ondervragen als voor de verdediging noodzakehjk wordt geacht.

Discotheek

w?;. 6£ArR/J5 KORTENHORST: "JE KUNT JE AFVRAGEN OF WE WEL ZO VER VAN DE MIDDELEEUWEN AFSTAAN, ALS EEN RECHTER NIET EENSMEER HOEFT TOE TE LICHTEN HOE HIJ TOT EEN BESLISSING IS GEKOMEN''

totstandkoming van het bewijs. "In ieder geval moet bij ontkennende verdachten de mogelijkheid bestaan om een voUedig proces te voeren waarbij ook getuigen opgeroepen worden. Helaas is de procesgang erop gericht zo snel mogeHjk veel zaken af te doen, en niet op het naar boven brengen van de onderste steen. Dat gebeurt alleen wanneer aannemelijk is gemaakt dat er iets aan de hand is. Maar hoe kun je zoiets aannemehjk maken? Door het oproepen van getuigen. En het oproepen van getuigen past met in het verlangen naar een snelle afwikkeling van zaken. De twijfel wordt niet gestimuleerd." De laatste paar jaar duikt de getuige toch weer wat vaker op in de rechtszaal. Maar daarmee is niet gezegd dat die bekende onderste steen gemakkelijker naar boven komt. "Nederlandse rechters weten niet (echt) waar verhoren toe dienen", schrijven de psychologen Crombag, Van Koppen en Wagenaar in hun geruchtmakende boek 'Dubieuze zaken'. Echte kruisverhoren komen in de Nederlandse rechtszalen nauwelijks voor. Tijdens de zitting leidt de rechter het onderzoek en bepaalt de diepgang van de vragen. Vervolgens kan de advocaat nog wel enige vragen ter verheldering stellen, maar het is onverstandig het niveau van het onderzoek ter discussie stellen. Daar niaakt de verdediging zich niet populair mee bij de rechter. Crombag c.s. pleiten voor een ver-

Maar de rechter beshst. Na alle verklaringen en getuigemssen, hoe diepgaand of oppervlakkig ze ook zijn, moet de rechter het vonnis vellen. Hij moet besluiten welke bewijsmiddelen hij aanvaardt en welke hij verwerpt. Als de ene getuige een verdachte zegt te herkennen en een andere getuige de identificatie tegenspreekt, dan moet de rechter bepalen wie hij wil geloven. Het vellen van zo'n vonms duurt kort. Erg kort. Tussen de bedrijven van het proces tegen Johnny door, wordt op de veertiende september een man veroordeeld. Hij wordt ervan beschuldigd in een discotheek een man, die zich opdrong aan zijn vriendin, met een mes te hebben doodgestoken. De rechter acht het ten laste gelegde feit bewezen en veroordeek de man tot een paar jaar cel. In een paar minuten tijd kan de man de rechtszaal weer verlaten. Hoe de rechter tot zijn oordeel is gekomen, blijft onduidehjk. Misschien dat in het geval van die discotheekbezoeker geen enkele twijfel bestaat over de feiten. Maar het kan, zou men denken, toch interessant zijn te weten welke argumenten de rechter tot dit vonnis hebben ge-

1 29 v u MAGAZINE NOVWÖEB 1992

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1992 - pagina 427

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's