VU Magazine 1992 - pagina 163
onderzoek dat hem meer dan veertig jaar bezighield.
Detective Dijkstra wierp zich met groot enthousiasme op zijn taak. Hij beperkte zich niet tot het zuiver medische werk, maar ontwikkelde zich tot amateur-archeoloog, historicus en in zekere zin tot detective. Een voorbeeld van zijn werkwijze is de identificatie van Floris V, 'der Keerlen God', die in 1296 vermoord werd. Een oude kroniek beschrijft deze moord; "ende sloegen daer den Grave doet. Oec viel dat paerd in enen sloet ende gaven hem tien stonden xxii doeregaende wonden." Dat aantal van 22 wonden komt aardig overeen met de sporen van geweld die Dijkstra aantrof op het gebeente dat aan Floris V zou toebehoren. Hij deed verslag van zijn bevindingen in 'Graven en gravinnen van het Hollandse Huis' uit 1979. Dijkstra's boek kreeg kritiek vanuit
EN
de archeologische hoek. Had de keel- neus- en oorarts bijvoorbeeld niet wat al te veel zijn fantasie gebruikt toen hij uitgebreid de moord op Floris V beschreef? Was hij niet te ver gegaan door te beschrijven waar diens belagers stonden, in welke volgorde zij in actie kwamen en waar hun aanvallen doel troffen? Waren de plaatsen waar de stoffelijke resten in de abdijkerk werden aangetroffen wel in overeenstemming met hun waardigheid, zouden sommige belangrijke edelen niet op een meer centrale plaats in de kerk zijn begraven? Al die vragen gaven aanleiding tot een polemiek in de vakbladen, die uiteindelijk onbeslist bleef In die polemiek kreeg de C14-datering nauwelijks aandacht. D e critici spraken over het probleem van de te vroege C l 4 datering en lieten het daarbij. Toch gaven de gegevens die de natuurkundigen leverden over de ouderdom van de skeletten uit Rijnsburg aanleiding tot ernstige
twijfel aan de juistheid van de identificaties van Dijkstra.
C-14 datering De C14-methode is een manier om de ouderdom van organische materialen vast te stellen, door de h o e veelheden van het C14-isotoop te meten. Het C14-isotoop gaat in een bekende tijd over in N 1 4 , het meest voorkomende stikstof-isotoop. Wie weet hoeveel C l 4 in het materiaal rest, weet in principe ook hoe oud dat materiaal is. De C14-methode is een ontdekking van de Amerikaan Libby. De Groninger natuurkundige Hessel de Vries werkte er als een der eersten mee en hij was het die de methode in de praktijk bruikbaar maakte. De Groninger natuurkundige De Waard vertelt dat D e Vries in de jaren vijftig C14-bepalingen uitvoerde om de ouderdom van de skeletten uit Rijnsburg vast te stellen. D e Waard, die nog met De Vries heeft
GRAVEN
JULIANA WAS AANWEZIG TIJDENS HET BIJZETTEN VAN HAAR VERRE VOOROUDERS IN DE RIJNSBURCSE TOMBE MAAR WAREN HET WEL DE BOTTEN VAN DE GRAVEN VAN HOLLAND?
29 v u MAGAZINE APRIL 1V92
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992
VU-Magazine | 484 Pagina's