Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1992 - pagina 148

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1992 - pagina 148

5 minuten leestijd

Als ev zo eens in de drie weken op de achterpagina van NRC Handelsblad een positief-christelijk stukje zou staan, dan zeggen de lezers: wat overkomt ons nou?^^ Klein (hoogleraar geschiedenis in Leiden, JdK) bespreekt hij 'Mensen van klein vermogen' en 'Bavianen en slijkgeuzen'. Over beide is hij p o sitief en dan vraagt hij zich af: waarom worden ze minder gelezen dan Schama (auteur van 'Overvloed en onbehagen', JdK). Dan kijkt hij in het derde boek en daar komt voor hem de aap uit de mouw: die man is waarachtig calvinist, dus geen wonder! Maar als dat de oorzaak is, dan had hij dan toch ook moeten merken bij het lezen van die andere boeken! U merkte tenslotte ook een zekere spanning tussen die verschillende boeken."

H

U schrijft dat uw boek over gewone mensen gaat, maar ik kom er juist ongewone mensen in tegen, zoals vrouwen die twee dagen achtereen kunnen dansen, of iemand die in zijn eentje een Turks schip overmeestert. Ook hun opvattingen zijn vaak bijzonder, waardoor ze minder herkenbaar zijn dan de mensen in Schama's boek. "Ik denk dat het wel hele gewone mensen zijn. D e veranderingen in opvattingen hebben zich bij hen het langzaamst voltrokken. In de burgerHjke elite van de zeventiende eeuw ging dat sneller. Daardoor gingen die mensen inderdaad al meer op ons lijken, terwijl de gewone mensen nog veel dieper in de middeleeuwen geworteld waren. Schama schrijft niet over gewone mensen, maar over de mensen die je op schilderijen van die tijd aantreft. Dat is in het algemeen de ehte en die zullen de culturele veranderingen van de zeventiende eeuw het meest hebben verwerkt. H o e gewoner iemand was in de zeventiende eeuw, hoe vreemder wij ons nu in zijn gezelschap zouden voelen. Ze vertegenwoordigen het type van die tijd, maar tegenwoordig hebben we een heel ander soort zeelieden, bakkers en boeren." B

Vindt u de zeventiende eeuw sympathieker dan de huidige tijd? H Het ging hem om een zekere calvinistische "Dat is mogelijk, maar ik denk dat je in elke rechtlijnigheid, die hij in uw werk bespeurde. tijd die je onderzoekt streeft naar herkenning. Mij valt in 'Mensen van klein vermogen' op Toen ik mijn studie begon, dacht ik niet: ik dat u vaak uw scherpzinnigheid demonstreert. moet maar in de zestiende eeuw, want die vind U begint met een stelling, voert de bezwaren ik het meest interessant. Ik ben toen vooral met aan, en verwerpt die om toch weer bij het uitachttiende-eeuwse onderwerpen bezig gegangspunt terug te keren. weest. Toen kwam ik in D e n Haag bij het "Maar dat is aUe historici eigen! Dat wordt hen Bureau van de Rijkscommissie voor Vadernogal eens verweten: een gebrek aan beshstlandse Geschiedenis en daar moest ik beginnen heid, altijd maar een enerzijds-anderzijds. Dat met de resolutiën der Staten-Generaal van 2 jahebben we in de jaren zeventig menigmaal nuari 1610. Daar heb ik jarenlang van dag tot moeten horen. Historici beoefenen een vak. Ik dag die resoluties doorkropen. Daarmee heb ik doe dat op basis van common sense en dat moet de basis gelegd voor een wat ruimere kennis ik dus ook zoveel mogelijk inbrengen. Dat van de zeventiende eeuw. wordt anders zodra je het in de wetenschap "Maar als ik me tot een andere periode zou meer moet hebben van het toepassen van techrichten, dan zou, denk ik, hetzelfde proces van nieken." herkenning zich voordoen. Al is het wel zo dat ik mij zou thuis voelen in het gezelschap van de I U lijkt in uw werk twee historische benaderin- mensen die in de zeventiende eeuw in de gen te onderscheiden: de liefdevolle aandacht Staten Generaal zaten. Dat zou in de tijd van voor het verleden en het op zoek gaan naar de Thorbecke niet meer opgaan. Dus de zeveneigen wereld in het verleden. Die laatste bena- tiende eeuw is mij toch wat nader." dering leidt tot resultaten die bij het grote publiek waardering vinden. Is dat de reden H Wat spreekt u vooral aan in die tijd? waarom uw eigen werk minder populair is? "In de mensen die toen geestelijk leiding gaven, "Het is mogeHjk dat mensen zichzelf in mijn herken ik mij nog steeds. Bij hen zou ik mij boeken te weinig herkennen. Als ik praat met kunnen aansluiten. Ik sta met hen in één geloof niet-historici die Simon Schama hebben geleen kan dus met hen door de tijden heen een zen, dan zeggen ze: daar wordt me een kant en vorm van gemeenschap belijden. In de kerk klaar beeld gegeven, een samenhang die ik kan wordt wel de formule 'de kerk van aUe tijden' onthouden. In 'Mensen van klein vermogen' gebruikt. Ik vind dat historici aan die gemeenstreef ik dat doel inderdaad niet na. Ik probeer schap recht moeten doen, want je kunt haar weer te geven hoe het was, maar schrijf niet dat echt beleven. Je kunt je erover verheugen dat je dat beter begrijpt als je de resultaten van ook toen hetzelfde geloof werd beleden en dat hoofdstuk twee in verband brengt met hoofdzij het overdroegen aan een volgende generatie. stuk veertien." "In de Statenvertaling probeerde men het oor-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1992 - pagina 148

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's