Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1992 - pagina 209

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1992 - pagina 209

4 minuten leestijd

ïHiJ^^

SAS/C/A KERSENBOOM, GETOOID MET SIERADEN DIE BEHOREN BIJ EEN LYRISCHE DANS: 'WESTERSE KRITIEK KOMT VAAK TE VROEG'.

halen springlevend, maar geen van de aspecten die in mijn studie centraal stonden, werd daar belangrijk gevonden. Niemand maakte zich druk om de grammaticaal juiste betekenis van een woord of zin. Niemand vroeg zich af wat de authentieke versie van een verhaal was, ook niet aan de universiteiten daar." "Wat men daar belangrijk vond was; hoe expressiefis de voordracht, is er een goede interactie tussen uitvoerder en publiek? Je m o e t j e zo'n uitvoering heel anders voorstellen dan een toneelstuk bij ons. D e voorstelling vindt niet plaats op een toneel, maar midden in het dorp. De personages worden niet gezien als toneelspelers, maar ze zijn ook werkelijk de goden en helden die zijn afgedaald tot de mensen. D e overdracht tussen spelers en publiek is zo sterk, dat er soms toeschouwers bezeten raken. Door de lengte van de opvoering is er geen sprake van een zwijgend, eerbiedig toekijkend p u bliek. M e n komt kijken, loopt weer weg, of doet andere dingen tussendoor. Dat kan ook, omdat iedereen het verhaal al kent. Het is misschien moeilijk voorstelbaar dat een opvoering zo lang duurt. Dat komt omdat de tekst 'elastisch' is. O m een belangrijk woord in een zin te benadrukken, voegt men een lied toe over dat ene woord. O p die manier kan een voorstelling eindeloos gerekt worden."

Het heeft iets absurds om een zo gebruikte tekst te zien als louter woorden op papier, zoals de Europese filologisch traditie doet. Saskia Kersenboom; "De indologie heeft bruikbare instrumenten voor de studie van Indiase talen opgeleverd, zoals grammatica's en woordenboeken. Maar inhoudelijk zitten de filologen op een verkeerd spoor. Dat eindeloze gezoek naar authentieke teksten leidt tot een vicieuze cirkel van falen. Een Indiase tekst functioneert niet primair op schrift, maar meer als uitgangspunt voor een uitvoering; als een geheugensteun, een libretto, dus."

Verjaardagsfeest Wie iets wil begrijpen van de inhoud van Indiase teksten moet zich dus bekwamen in de uitvoerende kunst; dat was voor Saskia Kersenboom al gauw een uitgemaakte zaak. En daarmee kreeg ze meteen de kans om haar tweede interessegebied, de dans, bij haar w e tenschappelijke werk te betrekken. Ze ging in de leer bij Zuid-Indiase danseressen/zangeressen en maakte zich de taal eigen van gebaren, gelaatsuitdrukkingen, passen, stembuigingen, articulatie en ritmes. Voor de Nederlandse indologie was dit praktijkonderzoek hoogst uitzonderHjk. Maar het past uitstekend in een meer algemene wetenschappelij-

ke ontwikkeling. Sinds enige tientallen jaren begint in de tekst- en menswetenschappen meer en meer het besef door te dringen dat nietschriftelijke communicatie een veel grotere rol speelt dan vaak gedacht is. Vanouds gebruiken deze wetenschappen vooral geschreven teksten als bron. Begrijpelijk, want teksten zijn gemakkelijk toegankelijk, en dus zijn uitspraken erover goed controleerbaar. Bovendien is het schrift de oudste methode om complexe kennis buiten de menselijke geest te bewaren. Maar geschreven teksten hebben ook hun beperkingen. Veel kennis en ervaring wordt namelijk niet op schrift doorgegeven. Dat geldt zelfs in onze samenleving waar praktisch iedereen kan lezen en schrijven. H o e je een verjaardagsfeest organiseert, bijvoorbeeld, en op welke manier dat verschilt van een eindexamenfeest, leert niemand uit een boekje. Gefixeerdheid op geschreven teksten geeft dus een vertekend beeld van de werkelijkheid. De ervaring van Saskia Kersenboom laat zien dat juist bij een half-orale cultuur, zoals die in India, waar het schrift wel bestaat, maar de meeste communicatie toch mondeling verloopt, het gevaar van een verkeerde interpretatie van teksten levensgroot is. Een belangrijke aanzet voor het onderzoek naar orale communicatie gaf, in de jaren twintig, de classicus

31

vu MAGAZINE MEI 1992

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's

VU Magazine 1992 - pagina 209

Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1992

VU-Magazine | 484 Pagina's