VU Magazine 1993 - pagina 447
eentje staat een electronic coupler and sequencing switch ("Let daar maar niet op, hoor"), een ding dat hoort bij een apparaat waarmee je ozon kunt meten. Ozon die in oktober en n o vember goeddeels verdwijnt boven de zuidpool. "Dat is het gat in de ozonlaag", vertelt Allaart, wijzend op een satellietopname. "En we denken dat het door mensen is veroorzaakt." De presentatie is kort, de spreker zoekt naar synoniemen en worstelt met de gretig gestelde vragen. Kun je het ozongat ook zien? (Alleen met heel bijzondere apparaten) Hoe komt dat gat boven de zuidpool terwijl ze daar helemaal geen CFK's gebruiken? (Omdat het er heel koud is, anders kunnen de CFK's geen ozon afbreken) Was u de beste in de klas? (Nee hoor). Het karakter van de vragen verandert als onder opgewonden geroezemoes weerman Peter Timoffeef op het podium is gaan staan. Wat voor weer wordt het vandaag? Voorspelt u het weer zelf? Gaat er wel eens iets erg mis op tv? Wordt u herkend op straat? Weet u hoe het allemaal in elkaar zit of leest u alleen maar voor wat het K N M I zegt? De repliek van Timoffeef is geroutineerd en nu en dan ongeveinsd enthousiast. Als de vragenstroom is opgedroogd plaatst de weerman handtekeningen op de uitgereikte KNMI-tasjes.
Klok Van het KNMI naar Transitorium I van de Universiteit Utrecht is een fikse wandeling. In het begin van de middag arriveren de twaalfjarigen in de brede entreehal van het gebouwencomplex. Aan weerszijden van de gang worden stands ingericht van deelnemende bassischolen aan de Wetenschapsweek Junior. Elke school heeft een thema, inhoudelijk begeleid door een Utrechtse onderzoeker. De DaCostaschool kreeg hulp van universitair docent dr Peter Duynkerke, verbonden aan het Instituut voor Marien en Atmosferisch onderzoek. Duynkerke heeft er werk van gemaakt: hij verzorgde een paar lessen op school, gaf de leerlingen een reader over het weer en het klimaat en helpt nu mee de stand op te tuigen. Die ziet er aardig uit, ook al door de vertederende spreuken op gekleurde vellen van karton: "Als ik de wolk was, dan zou ik arme landen water geven door de regen. Dat ze dan niet uitdrogen".
Na de lunch is er een speurtocht en voor Duynkerke en een begeleidster van de Wetenschapsweek is het rennen geblazen. Bij de stands van de andere scholen en op verschillende plaatsen in het gebouw moeten vragen worden beantwoord. Het wordt een race tegen de klok. Het groepje benut de kraampjes als pitsstop, voelt en kijkt wat, schrijft de antwoorden van elkaar over en rent verder. Snappen ze waarover het gaat? Medewerkers van de universiteit zitten bij een opstelling die golfbewegingen nabootst. Een groene vloeistof klotst door een langwerpig aquarium. Uitleg over de diepere achtergronden ontbreekt, toch mogen de leerlingen de "slingertijd", de "golfhoogte" en de "halve golflengte" meten. H o e dit soort werk in de praktijk wordt toegepast, blijft onduidelijk. "Tja", zegt een van de standhouders zachtjes tegen een collega, "ze zeiden bij Voorlichting: het is belangrijker dat ze het leuk vinden dan dat ze precies begrijpen waar het om gaat". Dan maar naar Technisch Lego. In een kamertje mogen de leerlingen inmiddels bekaf- een hijskraan bouwen. Want dat is techniek. En techniek is...? "Dat is iets heel moeilijks", weet een oplettende jongen. "Dat is met tandwielen die aan elkaar draaien enzo." Hadden ze in de oertijd al techniek? "Nee, want toen deden de mensen toch nog niets!" Er staat een dik half uur voor de bouw van twee stellages: de ene met een tandwiel, de ander met twee. Het ophijsen van een blokje gaat met de tweede een stukje gemakkelijker. Dat draait lichter, maar ook een beetje langzamer. Weten we dat ook
weer. Na zo'n hele dag wetenschap kan zo'n brokje techniek verhelderend werken. "En, zie je jezelf hier later al rondlopen?" vraagt Peter Duynkerke nadien in de gang aan een van de jochies. Resoluut klinkt het: " N o u nee, ik word nog liever piloot."
Knopjes In het zaaltje gaat een luid gejuich op als Dennis Bergkamp en Ruud Gullit over het scherm gaan. Vanavond voetbalt Nederland tegen Engeland, en het diaklankbeeld over erfelijkheid in het Amsterdamse techniekmuseum N I N T krijgt zo ineens een actueel tintje. Het gaat over het hebben van een natuurlijke aanleg voor iets - voetbal, bijvoorbeeld - en hoe dat komt. In tien minuten worden de MAVO-2 leerlingen herinnerd aan de grondbeginselen van de erfelijkheidsleer. Van Leeuwenhoek, Pasteur, Fleming, celgroei, D N A , chromosomen, bacteriofagen: het begrippenbombardement is te kort en te hevig. "Laten we de natuur zelf zijn gang gaan of helpen we een handje?", zo luidt de open vraag waarmee de show wordt besloten. De presentatie die volgt roept nog meer vragen op. Een medewerker van het N I N T - in witte laboratoriumjas gehuld, maar bij navraag student internationale betrekkingen geeft in een naburig zaaltje uitleg over microscopen. In vogelvlucht worden de principes van stralenbreking en lenzenwerking uitgelegd. Evenwijdige lichtbundels die door een bolle lens gaan, komen in het brandpunt bijeen - zo werkt een mi-
v u MAGAZINE DECEMBER 1993
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1993
VU-Magazine | 484 Pagina's