VU Magazine 1993 - pagina 363
Koos Neuvel
Walter Goddijn
• • » •
11* % m "
Wm
Katholieken sjacheren. Z e reaHseren zich dat er een kloof bestaat tussen ideaal en w^erkelijkheid. D o o r die flexibiliteit, vindt priester en socioloog prof.dr. W. Goddijn, slaagt h e t katholicisme er telkens w^eer in te overleven. Een interview^ over de evenwichtskunst van de rooms-katholieke kerk. " O f het me pijn gedaan heeft? Dat valt wel mee." Walter Goddijn reageert laconiek op de vraag wat de aanvallen op zijn persoon hem gedaan hebben. Verbitterd is hij niet over de oorlogsstrategie van R o m e tegenover de Nederlandse katholieken en hemzelf. "Met die lui in R o m e bleef ik ondanks alles goede relaties houden. O o k ben ik altijd de man achter Alfrink gebleven, hoewel ik vond dat hij het conflict harder had moeten aangaan en te gemakkelijk voor de druk vanuit R o m e gezwicht is." Ooit was Nederland het speerpunt van de kerkvernieuwing. Aan het eind van de jaren zestig werd druk gediscussieerd over democratischer kerkstructuren, over bevordering van de oecumene en over een grotere betrokkenheid van vrouwen bij de kerk. De geruchten gingen zelfs dat in Nederland het celibaat afgeschaft zou worden. De ogen van de wereld waren gericht op deze oproerige kerkprovincie. Lang duurde de euforie niet. Hardhandig draaide R o m e de vernieuwing de nek om. Dat deed men vooral door achter elkaar een hele serie aartsreactionaire bisschoppen te benoemen. ledere vernieuwingsgezinde moest het ontgelden. O o k Waker Goddijn, zoals hij beschrijft in zijn kroniek 'De moed niet verliezen' (Kok Agora). Hij was, als adviseur van de bisschoppen, een belangrijk man achter de schermen. Door sommigen is hij wel 'de paus van Nederland' genoemd. Door de behoudenden werd hij gezien als de personificatie van de vernieuwing en men probeerde hem op dood spoor te zetten. Iets wat uiteindelijk gelukt is; een belangrijke functie als secretaris-generaal van de Nederlandse kerkprovincie werd hem onthouden. Goddijn (1921), die priester is en tot 1985 hoogleraar sociologie in Tilburg is geweest, heeft nooit de verzoeking gekend uit de kerk te treden. Bij sommige geloofsgenoten lag dat anders. "Ik heb veel mensen bij mij thuis gehad, hele serieuze katholieken, die vloekten en zeiden dat als er nog eens zo'n bisschop benoemd werd, ze eruit zouden stappen. Woedend waren ze. Het is heel tragisch dat er zoveel bedrijfson-
iiii
gevallen zijn ge'weest. Het is ook tragisch voor mensen als Simonis en Ter Schure; zij zijn als persoon misbruikt. M e n deed alsof hun benoemingen iets met het geloof te maken hadden, maar in wezen was het pure kerkpoHtiek." yint men in Rome nu eindelijk in te zien dat men te ver is gegaan? "Ik denk dat men zich wel begint te realiseren dat de kolonisering van Nederland contra-produktief werkt. D e kerk heeft zich vervreemd van de gelovigen. Voor het eerst sinds 1970 is nu een bisschop benoemd, in Limburg, die weer normaal is; iemand die niet polariseert. Ik moet nog wel even afwachten wat er met de bisschopsbenoemingen in Rotterdam en Breda gaat gebeuren. Maar onlangs schreef ik al, een tikje optimistisch, in een artikel: hope rises for Holland'' D e ontwikkeling van de Nederlandse katholieke kerk is een opvallende. Voordat die kerk beroemd en berucht werd vanwege haar eigenzinnigheid, stond Nederland bekend als de meest trouwe kerkprovincie. R o m e kon trots zijn op zo'n volgzame leerling. Geen land dat zoveel missionarissen voortbracht, geen land waarin zo nijver gewerkt werd aan 'zuiver' katholieke organisaties. "Roomsen waren wij en geen apartheid was ons te dol", schreef Goddijn in een van zijn boeken. Die apartheid, zegt Goddijn, heeft hij persoonlijk nauwelijks aan den lijve ondervonden. "Ik groeide op in Leiden en wij waren heel oecumenisch. Mijn vader zat in de verzekeringen en was makelaar. En als je klanten wilt krijgen, moetje niet gaan donderen met het geloof. Een klant is een klant. Een paar huizen verderop woonde een dominee; mijn vader kwam er vaak en zong dan gregoriaans. Ik kwam regelmatig iemand tegen met een zwart pak en een witte boord. Hij groette mij altijd maar ik kende hem niet. Mijn moeder vertelde mij dat hij van de oud-katholieken was. Ze vond niet dat ik hem uit de weg moest gaan, ik moest hem v u MAGAZINE OKTOBER 1993
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1993
VU-Magazine | 484 Pagina's