VU Magazine 1995 - pagina 148
te naar boven die je niet zo vaalc hoort, maar die ik heel belangrijk vind: de politiek is zelf ook een markt. In die benadering ligt de vooronderstelling besloten dat de mens, net als op de markt, ook in de politiek het eigenbelang najaagt. Men ging in die jaren spreken over de 'BV Nederland' en over de noodzaalc van een 'klantgerichte' overheid. Volgens deze theorie streven politici naar macht en herverkiezing, ambtenaren denken aan h u n carrière en kiezers stemmen met hun portemonnee. Die visie op de politieke mens is cynisch te noemen. De econoom Jan Pen heeft eens een artikel geschreven onder de titel 'Slechte mensen'. Hij zegt dat in dit beeld van de politiek de mens als slecht wordt gezien. Pen gaat zelfs zover te beweren dat de mensen die dit zeggen zelf slecht zijn."
sterk uitgebreid en is er toen veel gebeurd op het terrein van de voUcshuisvesting en de gezondheidszorg." Hoe zag u uw eigen lol in die tijd: wilde u een bijdrage leveien aan het goed functioneren van de oveiheidl "Toen ik eerstejaarsstudent was heb ik mij in een rede al eens kritisch uitgelaten over bepaalde vormen van conservatisme in de politiek. Ik pleitte voor meer sociale wetgeving en voor democratisering, ook binnen de politieke partijen. Toentertijd werden de partijen nog op een tamelijk patriarchale wijze geleid. In de wetenschap domineerde echter een empirische benadering. De gedachte was: in de politiek wordt sterk normatief gedacht; de wetenschap daarentegen moet feiten verzamelen. In 1964 schreef ik een proefschrift getiteld Trotestantisme en progressiviteit'; het was een rustige analyse van de feiten. Het werd vooraf gelezen door vier hoogleraren politicologie; geen van vieren kon eruit opmaken weUce politieke opvattingen ik huldigde. Zo deed je dat."
Is die benadering geen goede weergave van de realiteit! Is de mens dan niet slecht! "Dat is een interessante vraag. Mensen streven natuurlijk, ook in de politiek, mede naar hun eigenbelang. Maar als weergave van de realiteit deugt het beeld niet. Ondanks alle egoïsme laten mensen zich voor een groot deel leiden door sociaal besef en altruïsme. Ik denk dat wanneer de overheid op een cynische wijze redeneert - alsof mensen er louter op uit zouden zijn om zoveel mogelijk uit de staatsruif te eten - zij daarmee zelf onvoldoende een beroep doet op de waarden die nog wèl bij mensen leven. Je zou zelfs kunnen zeggen dat een overheid die er van uitgaat dat de burger egoïstisch is, daarmee zelf egoïstisch gedrag stimuleert. Ik denk dat het mogelijk is om als overheid de burgers op een redelijke wijze aan te spreken. Het karakteristieke van de politiek is nu eenmaal dat het om meer gaat dan alleen eigenbelang. Dat hebben de meeste mensen ook wel in de gaten."
Ik heb de indruk dat beleidswetenschap sterk geneigd is mee te denken met de staat-, gaat zi) immers niet uit van de vooronderstelling dat het optreden van de overheid kan worden geperfectioneerd en dat de wetenschap daartoe een bijdrage kan leveienl "Daar zit wat in. Toen ik in 1969 hoogleraar in Nijmegen werd, heb ik het beleid een centrale plaats gegeven in mijn vakgebied. Het streven naar verbetering van het overheidsbeleid ligt inderdaad ten grondslag aan de beleidswetenschap. Als afzonderlijke wetenschap is zij in de jaren zestig ontstaan in de Verenigde Staten. Destijds groeide het bewustzijn rond maatschappelijke problemen als rassentegenstellingen, milieuvervuiling, energietekorten etcetera. Het protest was nog niet tegen de overheid als zodanig gericht; men verzette zich wèl tegen een overheid die was voortgekomen uit het vooroorlogse bestel. Dat verzet was tegelijkertijd een pleidooi voor een meer democratische, op welzijnszorg gerichte overheid. Het besef nam toe dat de maatschappij niet volmaakt is, net zo min als het overheidsbeleid. Beide konden beter."
'^Demociatie moet samengaan met aristocratie: het geestelijk adeldom van mensen die de brede blik hebben van de staatsman of -vrouw."
Was de gedachte dat de overheid de hele samenleving naar haar hand kon zetten - de maakbaarheidsgedachte - toch niet een wat overtrokken verwachting! "Dat hoor je wel wel, dat die verwachting overtrokken zou zijn. Als ik terugkijk, geloof ik dat toch niet. De gedachte achter de sociale wetgeving was: niemand mag creperen. Is dat nou zo'n overschatting van wat de taak van de overheid is? De overheid heeft veel tot stand gebracht en vermag nog altijd heel veel. Ongeveer twintig procent van de bevolldng, en die bestond vaak uit grote gezinnen, woonde rond de eeuwwisseI ling in eenkamerwoningen; dat percentage is gigantisch gedaald. Het aantal mensen dat voortgezet en hoger onderwijs heeft gevolgd, is enorm gestegen; dat zou ondenkbaar zijn zonder de bemoeienis van de overheid. Er zit veel misleiding in de opvatting uit de jaren tachtig en negentig als zou de samenleving niet maakbaar zijn; zij is zeer wel maakbaar. Voor een deel doelbewust, voor een deel ook op achtelozer wijze, is de samenleving door mensen gemaakt."
Ondanks alle maatschappijkritiek was ei dus toch een sterk vertrouwen in de overheid. "Dat vertrouwen was in die tijd vrij sterk aanwezig en in zijn algemeenÉ beid heb ik dat vertrouwen nog. Je kunt de samenleving niet zo maar overlaten aan het vrije spel der maatschappelijke krachten. De overheid is erg belangrijk waar het gaat om de kwaliteit van de samenleving." Valt er ergens een omslagpunt in dat vertrouwen aan te wijzenl "De omslag kwam in de jaren tachtig, het duidelijkst bij het eerste kabinet-Lubbers. Er ontstond een klimaat van verminderd vertrouwen in de samenleving: meer markt, minder overheid. Bovendien kwam in die tijd een gedachWETENSCHAP,
CULTUUR
En zelfs het afbreken blijkt maakwerk. es) SAMENLEVING
10
- APRIL
199^
van de sociale
voorzieningen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995
VU-Magazine | 588 Pagina's