VU Magazine 1995 - pagina 477
maar AH is ook baas op eigen schap. Het bedrijf kan zelf bepalen welk merk er op ooghoogte komt en welke op buk- of zelfs enkelhoogte. Het is allemaal van doorslaggevend belang voor de verkoopcijfers. Procter & Gamble hanteert de stelregel dat de consument binnen drie seconden zijn keuze maakt. Als het produkt niet meteen in het oog springt is de slag verloren. Ook de markt voor 'witgoed' (waaronder de detailhandel koelkasten, wasmachines en dergelijke verstaat) stagneert. Bijna alle Europese huishoudens zijn voorzien van een wasmachine. Zo'n apparaat gaat minstens acht jaar mee. Reclame maken voor een specifiek model heeft dan ook niet zo veel zin, omdat je daarmee maar een betrekkelijk kleine groep bereikt: slechts degenen die juist aan een nieuw waswonder toe zijn. De reclamestïategieën voor een produl<J; met zo'n lage omloopsnelheid zijn dan ook ' vooral gericht op merkbekendheid. De consument moet met positieve associaties voor een
merk de winkel binnenstappen: Miele is een degelijk merk. "Het koopgedrag zelf is volstrekt spastisch", meent A.I. van Andel, jarenlang topman van Megapool en tegenwoordig docent marketing aan de Tilburgse universiteit. "Als een wasmachine plotseling de geest geeft, moet er in prinicipe binnen drie dagen een nieuwe zijn." We kunnen kennelijk absoluut niet zonder en beslissen razendsnel over de aanschaf van een vervangend apparaat. De consument laat zich daarbij niet altijd door rationele argumenten leiden, aldus Van Andel. Als het gaat om wasmiddelen is de koper gefixeerd op schoon, schoner, schoonst. Maar gaat het om de aanschaf van een machine, dan maalct niemand zich daar druk over. Ook slijtage van kleding, een hot item in de OMO Power-affaire, is geen onderscheidend criterium van betekenis. Wat telt is dat de was snel wordt gedaan en zo droog mogelijk uit de machine komt. De warme gevoelens die de meeste mensen koesteren voor de machine
WETENSCHAP,
CULTUUR
et) SAMENLEVING
51
- OKTOBER
met patrijspoort is misschien nog wel het grootste mysterie in de waswereld. Het ontwerp is mechanisch inferieur aan dat van de bovenlader. De voorlader neemt meer plaats in. De trommel is veel instabieler omdat hij maar aan één kant is opgehangen, waardoor het apparaat een sterke neiging vertoont om door de kamer te dansen als er wordt gecentrifugeerd. Het rubbermanchet slijt. En toch wil Nederland niet anders. In Amerika en Frankrijk daarentegen is de bovenlader weer grenzeloos populair. Ongrijpbare, irrationele motieven kunnen zodoende een stempel drukken op technische ontwikkelingen. De producent kan niet veel anders doen dan zich schikken in het koopgedrag van de consumentenkudde. Er moet dus een voorlader komen die snel wast en goed centrifugeert. Hoe het ding in de badkamer op zijn plek blijft als de trommel met 1200 toeren per minuut centrifugeert, is een probleem dat de fabrikant mag oplossen.
199s
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995
VU-Magazine | 588 Pagina's