VU Magazine 1995 - pagina 404
terecht geweest. Het zogeheten nature/nurtuie-dtbat (de eindeloze discussies rond de vraag of het menselijk individu, inclusief zijn karakter, primair door erfelijkheidsfactoren, dan wel door zogeheten 'omgevingsfactoren' wordt gevormd) is herhaaldelijk door ressentimenten en oneigenlijke aanvallen op de 'naturalisten' vertroebeld. En volstrekt legitieme onderzoeksprojecten als destijds voorgesteld door de voormalige criminoloog Buikhuisen en, meer recentelijk, het hersenonderzoek van Swaab, zijn er ten onrechte door verstoord of in ernstige mate gehinderd.
samen te werken, heeft zich bij de mens een erfelijke mentaliteit ontwikkeld die hem tot goedheid aanzet, uit naam van iets dat hij van lieverlee zelf maar 'moraal' is gaan noemen. Dit altruïsme en het daaruit voortvloeiende morele besef, zegt Ruse vervolgens, is een adaptatie: "een aanpassing van de mensheid aan haar plaats in de natuur." Moraal is "een eigenschap die ons helpt in de strijd om het bestaan en de voortplanting, net zoals onze handen en ogen, tanden en voeten." En: "Morele gevoelens zijn alleen maar subjectieve uitdrukkingen, die in ons denken gegrift zijn omdat ze zo'n grote aanpassingswaarde hebben." Moraal, kortom, "is gewoon een illusie, die ons door onze biologie wordt aangepraat om het biologische 'altruïsme' te stimuleren." Om zedeloosheid en moreel verval te voorkomen en onszelf in het gareel te houden is het echter noodzakelijk deze illusie in stand te houden. En dat is nu precies de reden waarom de kans groot is dat deze evolutionaire kijk op de ethiek u als uiterst ongeloofwaardig zal voorkomen. Michael Ruse zegt het zelf zo: "U bent geneigd te geloven in een objectieve moraal, in menselijke gedragsregels met universele geldigheid, die meer zijn dan alleen gevoelens. Dat is logisch; uw biologie stelt alles in het werk om het evolutionaire standpunt over moraal onaannemelijk te doen lijken." Met andere woorden: als u het niet gelooft bevestigt dat in feite de juistheid van de theorie. Het is een verbluffende poging van Ruse om zich de potentiële critici van zijn leer van het lijf te houden; zij zullen zich wel twee maal bedenken alvorens zichzelf te kijk te zetten als goedgelovige luidjes die zonder het te
CiRCUSPAARDEN
Hoe dan ook, in de moderne evolutionaire ethiek, zoals verwoord door Michael Ruse, speelt het vooruitgangsgeloof geen enkele rol meer en wordt ook niet langer gepoogd op grond van zoiets een moreel systeem naet dwingende voorschriften van de grond te krijgen. De vraag naar de inhoud van de ethiek is zelfs volledig uit het zicht geraakt ten gunste van die naar de oorsprong ervan. Zoals gezegd denkt Michael Ruse die oorsprong te kunnen vinden in een biologisch bepaald altzuïsme (dat is; een neiging tot samenwerken waarvan een gezamenlijk biologisch voordeel het gevolg is, en vooral niet te verwarren met het type altruïsme dat op pure zelfopoffering van het Moeder Teresfl-type lijkt te berusten). Want, zegt Ruse, "Als ik met u samenwerk kunnen wij een grote prooi doden; als we constant vechten gaat u dood en raal< ik uitgeput (of omgekeerd)." Omdat het in het biologisch belang van de soort is om WETENSCHAP,
CULTUUR
&> SAMENLEVING
34
- SEPTEMBER
199s
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995
VU-Magazine | 588 Pagina's