VU Magazine 1995 - pagina 466
Glasmodel èn vloeistofpreparaat van de kolonievormende kwal Physophora magnifica. Het preparaat is verschrompeld en grauw, terwijl het model een veel realistischer, driemaal vergroot beeld van het dier geeft.
didactische modellen van ontwikkelingsseries en van enkele modellen die de anatomie uitbeelden. In landelijke opzicht hebben de Utrechtse glasmodellen een status als uniek en onvervangbaar cultuurbezit. Voor zover bekend beschikt een onderwijsinstelling meestal over niet meer dan enkele tientallen glasmodellen. Collecties van honderden modellen zijn wel aan te treffen in enkele musea en bij Amerikaanse Universiteiten. In kwantitafief opzicht bevindt zich in Utrecht een van de grotere Europese onderwijscoUecties glasmodellen van Blaschka. In onze tijd vinden wetenschap en publiek de theorieën over de oorsprong van het leven en over verwantschappen in het dierenrijk nog altijd interes-
sant. De aandacht is daarbij echter gericht op experimenteel en theoretisch onderzoek. Voor glazen dieren is niet langer plaats. De glasmodellen zijn echter stille getuigen van een tijd waarin men optimistisch was over de stand van de verworven kennis van het dierenrijk. Een volledige, wetenschappelijk geordende verzameling dieren in een museum voor Natuurlijke Historie leek destijds binnen handbereik te liggen en men geloofde dat de raadsels van de evolutie binnen afzienbare tijd zouden zijn opgelost. Inmiddels weten we beter. Het aantal geproduceerde glazen dieren loopt in de duizenden, waaronder stukken die getuigen van een vakmanschap en een precisie die vandaag de dag niet meer kan worden geevenaard. De elazen dieren winnen
WETENSCHAP,
CULTUUR
O) SAMENLEVING
40
- OKTOBER
daardoor nog aan waarde. En eigenlijk is dat wrang, omdat ze ook diersoorten verbeelden die tegenwoordig in hun bestaan worden bedreigd.
Henri Reiling is buitengewoon medewerker van het Utrechts Universiteitsmuseum. In het Utrechtse Universiteitsmuseum is tot 29 oktober een selectie glasmodellen te bezichtigen. Hierna gaan de modellen een jaar in depot, tot na de verhuizing van het museum. Met dank aan: A.V.M. Hubrecht, Maarten Tromp (Archiefbewaarplaats Universiteit Utrecht) en dr Christiane Groeben (Archives Stazione Zoologica 'Anton Dohrn').
199s
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995
VU-Magazine | 588 Pagina's