Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1995 - pagina 149

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1995 - pagina 149

2 minuten leestijd

"De inkomensongelijkheid is in ieder geval toegenomen, het aantal miljonairs meer dan verdubbeld. Dat heeft veel te maken met het gevoerde overheidsbeleid. Heel opvallend is, dat je in de jaren tachtig de begrippen 'gelijkheid' en 'sociale rechtvaardigheid' uit de beleidsstukken ziet verdwijnen. Je zou denken dat die begrippen een retorische betekenis hebben, maar nee, dat is niet zO; het is niet louter retoriek. Er zijn beginselen die richting geven aan het beleid. Max Weber, de beroemde socioloog, heeft waarden eens vergeleken met wissels in het spoorwegverkeer: zij geven een globale koers aan. Welke wissels kies je in de trein van de politiek? Het is geen toeval dat het begrip 'gelijkheid' verdwijnt uit de beleidsstukken en dat tegelijkertijd het aantal huishoudens dat op of onder het sociale minimum zit stijgt tot achthonderdduizend. Daar zitten de armen van vandaag." In de politiek zijn de wissels zetl "Heel duidelijk."

omge-

Hoe valt dat te veiklaienl 'Er zijn diverse verklaringen voor de opkomst van dit marktdenken in de politiek mogelijk. Ik denk dat heel belangrijk is geweest dat de rijken het zat waren de lasten van de armeren te dragen. In de naoorlogse periode heeft de verzorgingsstaat zich ontplooid, maar toen in de jaren tachtig de lasten toenamen heeft zich een tegenbeweging van beter-gesitueerden ontwikkeld."

valebeweging opklom in de politiek. Nu is er een 'politieke elite' die in belangrijke mate wordt samengesteld uit degenen die toch al actief zijn in partijen of overheidsinstanties. Ze worden grotendeels gerecruteerd uit kringen van hoger-opgeleiden, academici." Dat zegt niet veel. Ik kan mij voorstellen dat een academicus geleerd heeft over de grenzen van het eigen groepsbelang heen te kijken. "Het zou inderdaad niet zo erg zijn wanneer beter-gesitueerden de dienst uitmaal<ten in de politiek, als zij tenminste nog idealen hadden; idealen van sociale strekking. Weinig politici nemen het echter op voor de zwalckeren in de samenleving. Op mijn boek heb ik reacties gekregen in de trant van: 'O, er zijn dus nog betergesitueerden die aan ons denken; ik wist niet dat die er nog waren.' Echt waar, dat soort brieven kan ik u laten zien. "De politieke idealen zijn verflenst. Dat heeft te maken met algemene ontwikkelingen in de politieke cultuur, met een groeiend relativisme en cynisme. Er is bijvoorbeeld het postmodernisme dat alles relativeert, en zegt dat het er maar vanaf hangt hoe je iets bekijkt. 'Zeg maar', is zo'n typisch stoplap die tegenwoordig veel wordt gebruikt. Op de televisie hoor je het soms om de andere zin. Dat is zo'n relativering die betekent dat het niet uitmaal<;t of je de zaken nu zus of zo bekijkt; een typisch postmoderne uitdrukking, zeg maar."

"Je kunt de samenleving niet zomaar overlaten aan het vrije spel der maatschappelijke krachten. De overheid is erg belangrijk waar het gaat om de kwaliteit van de samenleving."

Over Ameiika is wel gezegd dat ei een klassenstrijd van rijk tegen aim gaande is. "Ik denk dat je inderdaad ook in ons land van een omgekeerde klassenstrijd kunt spreken. De rijken pakken nu de armen. Zij hebben er genoeg van om een hoog percentage van hun inkomen af te dragen ten behoeve van anderen. En ze zien daar ook geen eind aan komen. Ze vrezen dat die lasten nog verder zullen toenemen. De tegenbeweging van de beter-gesitueerden heeft gebruik gemaakt van de ideologie als zou de samenleving niet maakbaar zijn, dat de overheid is uitgegroeid tot een kwaadaardig gezwel en dat de oplossing in het marktdenken ligt. De zwaldceren in de samenleving zijn ook slecht georganiseerd. Wie zijn in deze samenleving nog hun kampioenen? Dat zijn er niet zoveel meer. Het is niet toevallig dat nu een beleid wordt gevoerd ten gunste van de beter-gesitueerden; dat is een rechtstreekse afspiegeling van de machtsverhoudingen."

Hoe kan het dat vóói de jaien tachtig de positie van de zwakkeren nog zo veel steikei wasl "Er was vroeger nog opkomstplicht bij verkiezingen. Bovendien is het deel van de bevoUcing dat participeert in politieke partijen sterk gedaald. Tot in de jaren zeventig waren de al dan niet verzuilde maatschappelijke organisaties goed vertegenwoordigd in de politieke partijen. Toen kwam het nog voor dat een ongeschoold arbeider via de WETENSCHAP,

CULTUUR

En daar heeft u iets op tegen? "Daar heb ik iets op tegen, ja. Als wetenschapper weet je uiteraard dat je de dingen op verschillende manieren kunt bekijken, maar op een gegeven moment moet je toch ook zeggen: er zijn betrekkelijk algemeen aanvaarde waarden. Als je niet meer gelooft dat er zoiets bestaat als een algemeen belang of universele mensenrechten, wat houd je dan over? Ik denk dat er een aantal fundamentele waarden bestaat als vrijheid, gelijkheid, solidariteit en nog zo een paar gedachten die al een paar duizend jaar oud zijn en waarvoor we nog niets beters hebben bedacht. Ik ontmoet nu mensen die zeggen dat de problemen waarmee we momenteel te kampen hebben, niet meer kunnen worden aangepakt via de parlementaire democratie. Maar wat wil je daarvoor dan in de plaats zetten? Het alternatief is toch een of andere vorm van dictatuur?" In NRC-Handelsblad was vorig jaar het verslag van een ronde-tafelgesprek tussen topmensen uit het bedrijfsleven, bankwereld en ambtenarij te lezen. De teneur daarvan was: geef ons de leiding maar in handen. "Dat was verschrikkelijk. Intellectueel is dat weerzinwekkende borrelpraat en in politiek opzicht is het buitengewoon riskant. Het is een uiting van gigantische zelfoverschatting van managers die denken dat je de staat als een bedrijf zou kunnen leiden. Ik denk dat je allereerst al veel

ei) SAMENLEVING

- APRIL

1995

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995

VU-Magazine | 588 Pagina's

VU Magazine 1995 - pagina 149

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995

VU-Magazine | 588 Pagina's