VU Magazine 1995 - pagina 363
lezend in het Frans en met je walkman op acht zodat iedereen kan horen dat je een strijkkwartet van Bela Bartók aan het beluisteren bent. Toch kun je het gewoon niet helpen. Je leunt een tikkeltje naar voren om over de schouder van een medepassagier - uitgerekend die met dat roddelblad - eventjes mee te kijken hoe het nieuwe kapsel van deze of gene tv-ster er uitziet. Ben ik met vrienden gezellig samen, dan is het vaalc nog erger. Eerst zit er nog iets besmuikts in de manier waarop de laatste schandaaltjes over tafel gaan. En is het hek eenmaal van de dam, dan wordt, naar goed gebruik, het geroddel vervolgens gesmoord in een of ander vertrouwd intellectueel kader. OJ. Simpsonl Klassejustitie in Amerika, rassenstrijd, of weer een robbertje doodstrafdiscussie. Woody Allen en Mia Fariowl De teloorgang van het traditionele huisgezin. En in de loop van de avond wordt de drang om dit soort onderwerpen afstandelijk en intellectueel te bespreken steeds verbetener. Lorena Bobbittl Duidelijke parallellen met op de genitaliën gerichte verminkingsriten bij Australische aboriginals. Ondanks de hoogdravende toon van dit soort gesprekken voel je je toch schuldig na afloop. Waarom zijn we eigenlijk zo voyeuristisch, en zo slecht in staat sensatiezucht en mediagekte te weerstaan? Als ik na zo'n avond roddelen weer eens doodmoe en schuldbewust op mijn werk kom, dan stel ik mezelf gerust met de simpele vaststelling: ik ben gelukkig niet de enige.
vlooien; het was ongetwijfeld het voorspel tot een moment van nog grotere intimiteit. Absalom was stilletjes in een boom geklommen en zat op een tak pal boven het paar om het tafereel nu eens écht van dichtbij te aanschouwen. Maar de tak brak onder zijn gewicht en hij donderde naar beneden, bovenop het paartje, tot groot verdriet van hemzelf en tot grote woede van het verstoorde paar. Soms heeft voyeurisme onder apen veel weg van burgerlijke koffieleuterij. Baviaan Rebecca had haar eerste jong. Ape-moeders die voor de eerste maal hebben gebaard zijn zelden erg handig met h u n jonggeborene; maar Rebecca was in dat opzicht echt een ramp. Ze sloeg de baby en vergat hem mee te nemen wanneer ze de groep met andere wijfjes na een onderonsje de rug toekeerde. De kunst om de baby op haar rug te dragen kreeg ze maar niet onder de knie, zodat het dier steeds half aan een van haar flanken hing, zijn knuiststjes om haar staart geklemd. Toen ze op een dag van tak tot tal< sprong met haar zoon in deze penibele positie, verloor hij plots zijn grip en viel drie meter naar beneden. En in dat ene moment toonden zeven toekijkende mede-primaten - vijf bavianewijfjes en twee mensen, onder wie ikzelf - hun nauwe onderlinge verwantschap: we lieten zien dat we waarschijnlijk eenzelfde aantal synapsen in onze hersenen gebruiken bij de emotionele afwikkeling van zo'n gebeurtenis, door exact dezelfde reactie te vertonen. Wij de toekijkende apen en menselijke obeservators - snal<;ten als één individu naar adem; vervolgens werd het doodstil. Alle ogen bleven stral< gericht op de gevallen baby. Dat duurde even; tot het jong overeind kwam, naar zijn moeder boven in de boom keek en wegholde naar een groep vriendjes vlakbij. Pas tóen begonnen we in koor van opluchting ineens allemaal luid te tsjakken met de punten van onze tongen.
Als primatoloog breng ik veel tijd door met de observatie van de sociale mechanismen in troepen van zo'n honderd bavianen op de Oost-Afrikaanse savannen. En zij zijn in feite net als wij. Een stel bavianen in het veld. Ineens is er het begin van een vechtpartij. Twee mannetjes met een hoge rang in de troep - vijftig kilo zware, door testosteron bestuurde spierbundels - stormen op elkaar af, gaan met elkaar op de vuist en halen uit naar elkaar met h u n vlijmscherpe hoektanden, groter dan die van een leeuw. Een toekijkende baviaan kan gewond ral<en als hij naar het gevecht blijft kijken; óf direct erna, wanneer de verliezer zijn frustraties afreageert op iemand die kleiner is. De meest logische reactie is dus: wegwezen! Maar wat doet de helft van de troep? Ze laten alles vallen, en drommen op twee poten samen om het schouwspel beter te kunnen zien. Proberen ze zo wellicht iets op te steken over de beste gevechts-talctieken? Vormen ze misschien de protesterende getuigen van een falend pacifisme onder het bavianenvolkje? Niks hoor! Ze zijn gewoon nieuwsgierig hoe het afloopt. Soms neemt het voyeurisme een andere vertrouwde gedaante aan, zoals in het geval van een mannetjesbaviaan in de puberteit die ik Absalom zal noemen. Toen Absalom bij de troep kwam, begon hij net oog te krijgen voor de wijfjes. Die zagen hem echter nog niet staan, dus nam hij genoegen met het meest haalbare alternatief op seksueel gebied: zodra er in de groep werd gecopuleerd, zat Absalom in de bosjes te loeren, reikhalzend om vooral niets te missen. Op een dag zaten een mannetje met een hoge rang in de troep, en een wijfje op het hoogtepunt van haar vruchtbaarheidscyclus, elkaar afgezonderd van de rest te
WETENSCHAP,
CULTUUR
et)
"De mens moest de taal wel uitvinden", heeft de antropoloog hven DeVore ooit gezegd, "om 's avonds, rond het kampvuur, tenminste ergens over te kunnen praten." Koko, de inmiddels beroemde gorilla die de eerste beginselen van een gebarentaal heeft geleerd, is uiteindelijk misschien geen echte taalgebruiker. Maar dat weerhoudt haar er niet van om te roddelen: nadat ze een van haar menselijke begeleiders ruzie had zien mal<en met zijn vriendin, moest ze dat per se aan een andere begeleider doorvertellen. Mark Twain heeft de mens gedefinieerd als de enige diersoort die kan blozen, en daar bovendien reden toe heeft. Het is waar dat een mens soms moet blozen ais hij erop wordt betrapt al te goed geïnformeerd te zijn over de inhoud van de roddelbladen, terwijl een baviaan nooit gêne zal vertonen als hij wordt betrapt op het toegeven aan zijn voyeuristische driften. Maar voor het overige zijn de verschillen verwaarloosbaar. De neiging tot reikhalzen blijkt een zeer algemene voorkomende eigenschap bij primaten. Robert M. Sapolsky doceert biologie en neurotechnologie aan Stanford University in de Verenigde Staten. © The Sciences, tweemaandelijks tijdschrift van The New York Academy of Sciences, maart/april 1995.
SAMENLEVING - fULl/AUGUSTUS
69
I99i
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995
VU-Magazine | 588 Pagina's