Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1995 - pagina 298

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1995 - pagina 298

4 minuten leestijd

REPORTAGE

HANCO

JÜRGENS

Kop in de wind Voor een anemometer, een psychrometer en een doorvalmeter zestig meter klauteren; in Drenthe zien fysisch geografen de wind tegen het Bankenbos botsen. Het lokale klimaat krijgt er een opdoffer, evenals de computermodellen. ''Volgende week hangen we hier een kryptonhygrometer op.''

D

iep in het Bankenbos te Veenhuizen staat een mast van zestig meter hoog. Hier wordt wetenschap beoefend op haar smalst. Als een taats torent de mast boven de toppen van de bomen uit. Wie het ver wil schoppen moet hoog klimmen. Zo ook Peteï van Breugel, als 'onderzoeker in opleiding' verbonden aan de valcgroep fysische geografie in Groningen. "Het is een kick als je daarboven hangt en het is mooi weer. Het is waanzinnig leuk om aan die apparaten in de mast te werken. Bovendien bevalt de afwisseling van praktisch werk en onderzoek mij uitstekend." Samen met een elektronicus en twee gewetensbezwaarden, die h u n alternatieve dienstplicht vervullen aan de universiteit, is hij naar Veenhuizen getogen voor onderhoudswerkzaamheden aan de mast. Een dagje hard werken in het Bankenbos. Tbeimocouple Out of Range, lezen we in de grote computer die in een container op de grond staat. Na lezing hiervan weten de medewerkers wat hen te doen staat. Voor alle schoonmaalc- en herstelwerkzaamheden is één dag te kort. Werkkleding, bergschoenen en bergbeklimmersuitrusting aan op de Drentse laagvlalcte. Veilig gezekerd klimmen we langs geavanceerde meetinstrumenten omhoog. Stap voor stap

op de aluminium ladder. Van dit werk krijg je een ijzeren conditie. In één ruk omhoog klimmen is weinigen gegeven. "Meestal klim ik tot een meter of twintig aan één stuk, dan laat ilc even rustig de lift omhoogkomen, en ga üc door met deel twee." Slechts de helft van de bezoekers waagt de spreekwoordelijke sprong in het diepe, de meesten besluiten vèr voor het bereiken van de top af te dalen.

Mozaïekmodel Pas boven de boomgrens wordt duidelijk waar het onderzoek om draait. Vanuit het Bankenbos hebben we uitzicht op het Fochtelooër Veen. Vanuit het hoogveen waait een koel briesje onze kant op. Een merel fluit zijn deuntje, het schouwspel is af. Op het veen staan twee masten van de Landbouwuniversiteit Wageningen van zes meter hoog. Daar wordt de verplaatsing van luchtmassa gemeten. De plotselinge overgang van veen naar bos is niet alleen voor fysisch geografen maar ook voor meteorologen van belang. Voorheen hoorde bij elk klimaat een bodem en een vegetatie, maar tegenwoordig is er het inzicht dat de invloed ook andersom kan zijn. "Tot nu toe zijn er veel metingen verricht op microniveau en op macroniveau", legt Van Breugel uit, "maar het veld tussen

WETENSCHAP,

CULTUUR

et)

SAMENLEVING - JULlIAUGUSTUS

4

die twee schalen, van een paar honderd meter tot tien kilometer, dat is een beetje een vergeten schaal. Voor onderzoek van een heterogeen landschap gras, hoogveen, bos - werd meestal een mozaïekmodel toegepast. Dus je hebt bijvoorbeeld vijftig procent grasland en vijftig procent bos; je neemt het logaritmisch gemiddelde en je weet al aardig wat er in het gebied gebeurt." Het mozaïekmodel werkt echter niet wanneer de wind door grote vegetatieveranderingen wordt onderbroken. "Aan de rand van het Bankenbos is er tot dertig procent meer neerslag meetbaar. De turbulentie is groot, een gedeelte van de lucht wordt door het bos heen geperst, het grootste gedeelte van de lucht wordt opgedrukt. Die werveling van lucht is van belang voor de doorgave van energie. Juist in Noordwest-Europa zijn er veel bosranden die een grote invloed uitoefenen op het klimaat." In weer en wind gaan de geografen op pad. De grens is windkracht acht. "We zijn twee keer met windkracht acht naar boven gegaan. Als de wind vanuit het zuidwesten komt, worden we van de mast geblazen. Dat is prettig want we hangen toch al van de mast af. Maar als de wind van opzij komt, worden we helemaal uit balans geduwd. Bovendien krijgen we toch een beetje moeite met ademhalen. Fijn I99S

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995

VU-Magazine | 588 Pagina's

VU Magazine 1995 - pagina 298

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995

VU-Magazine | 588 Pagina's