Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1995 - pagina 355

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1995 - pagina 355

2 minuten leestijd

O P LEVEN E N D O O D De dood van een wijfje is meestal ongunstiger voor de soort dan die van een mannetje. De evolutieleer is keihard maar consistent. De hogere levensverwachting van vrouwen valt ermee te verklaren. Door manipulatie is de jeugd van de zeeslak met een maand te verlengen. Maar de mens zit wat dat betreft waarschijnlijk al aan zijn plafond.

MARCEL

D

e genen vormen de blauwdruk van het leven, maar ook van de dood. Ze bouwen het lichaam op van eencellige tot gezonde volwassene en laten het vervolgens weer aftakelen. In jonge cellen wordt de schade die vrije radicalen (zuurstofverbindingen die bijna overal mee reageren) toebrengen aan het erfelijk materiaal opgespoord en hersteld. De genen die verantwoordelijk zijn voor deze onderhouds- en reparatiewerkzaamheden, lijken er echter niet op ingesteld hiermee eeuwig door te gaan. Naarmate het organisme ouder wordt, houden ze er geleidelijk of abrupt mee op, waardoor lichaamscellen een groeiende verzameling gebreken gaan vertonen, organen steeds slechter gaan functioneren en de kans op bijvoorbeeld kanker toeneemt. Mensen bezitten geen genen die hen in staat stellen gezond de honderd te halen. De afgelopen paar miljoen jaar plachtten onze voorouders ruim voor hun zestigste ten offer te vallen aan honger, infecties, parasieten, roofdieren, koude, ongevallen of moordpartijen: de zogenaamde exogene doodsoorzaken. Genen die hen tot hun honderdste zouden beschermen tegen endogene doodsoorzal<en - bejaardenkwalen, zoals de ziekte van Alzheimer - boden in die omstandigheden dus geen enkel voordeel. Genen die bewerkstelligen dat dertigers met wat minder slaap en voedsel toe kunnen dan jongeren, zodat ze meer kin-

ROELE

deren groot konden brengen, werden daarentegen wèl geselecteerd. Misschien vergrootten dergelijke genen wel de kans dat hun bezitter aan allerlei slijtageverschijnselen ten onder ging wanneer de zestig eenmaal was gepasseerd. Deze nadelige bijwerkingen verkleinden de overlevingskansen van de genen echter nauwelijks, omdat exogene doodsoorzal<;en de mens dwongen om voor zijn zestigste klaar te zijn met voortplanten en opvoeden. ZALM

Het was de Britse geneticus Sir Ronald Fishei die 65 jaar geleden op het idee kwam om aftalceling te verklaren uit de nadelige bijwerkingen - antagonistische pleiotmpie genoemd - van genen die op jeugdiger leeftijd nuttige dingen doen. Modernere versies van Fishers theorie worden gebruikt om te verklaren waarom de ene dier- of plantesoort langer leeft dan de andere, wanneer het verval inzet en hoe snel het verloopt. Kernbegrip daarbij is het repioductief potentieel. Dit potentieel is op zijn hoogst wanneer een plant of dier de gevaarlijke jeugdfase heeft overleefd en eraan toe is om zijn genen door te geven. Tot dit ogenblik is van aftalceling nog geen spralce. Genen die hun drager nadeel berokkenen voordat deze begonnen is zijn erfelijk materiaal aan een volgende generatie door te geven, sterven immers onherroepelijk uit.

WETENSCHAP,

CULTUUR

e)

SAMENLEVING - rULl/AUGUSTUS 6i

Naarmate het individu verder is gevorderd met het verzekeren van de overlevingskansen van zijn erfelijk materiaal, door nalcomelingen te produceren of familieleden te helpen, wordt de weerstand tegen aftakelingsgenen kleiner. Daarom begint de aftaJceling wanneer het organisme zijn reproductief potentieel gaat realiseren en verloopt het sneller naarmate dit potentieel sneller daalt. De volwassen zalm zwemt vanuit zee stroomopwaarts terug naar de bovenloop van de rivier, waar hij geboren is, om zich voort te planten. Op dat moment is zijn reproductieve potentieel nog volkomen intact en is hij in de kracht van zijn leven. Bedreigingen in de natuur malden het onmogelijk dat hij, na zich te hebben voortgeplant, de tocht terug naar zee onderneemt en daar zou kunnen overleven. Zalmen doen ook al niet aan ouderlijke zorg. Het reproductieve potentieel van de zalm, kortom, is uitgeput nadat hij zich voor het eerst heeft voortgeplant. Het is geen ramp voor de soort als de genen, die hem vanaf dat ogenblik snel doen aftakelen, geen strobreed in de weg wordt gelegd; daarom leggen zalmen snel het loodje nadat ze zich hebben voortgeplant. Mensen daarentegen kunnen zich meerdere malen voortplanten en hun kinderen en kleinkinderen nog van dienst zijn, waardoor de aftakeling geleidelijker verloopt. I99S

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995

VU-Magazine | 588 Pagina's

VU Magazine 1995 - pagina 355

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1995

VU-Magazine | 588 Pagina's