VU Magazine 1997 - pagina 168
witte neger. Hij hoorde er duidelijk niet bij. Je had ook geen katholieke vriendjes. Ik denk dat die toestand voor de huidige generatie studenten nauwelijks nog te bevatten valt.
Een onbezorgde jeugdl "Het was een leuke Indisch jeugd, en dat is nooit weg. Wel hebben we in een Japans interneringskamp gezeten en dat was minder leuk. Maar toen was ik ook een stuk jonger, ik was vier jaar toen we geïnterneerd werden en zeven jaar toen we eruit kwamen. Veel school heb ik dus niet verzuimd. Mijn zusje die vier jaar ouder was, had er veel meer moeite mee, en voor ouders was het kampverblijf erger dan voor kinderen. Ik heb het verblijf in dat kamp wel eens vergeleken met een overvolle, smerige camping in Zuid-Frankrijk, zo'n camping waar het eten duidelijk van onvoldoende kwaliteit is. Misschien is die vergelijking niet erg gelukkig, maar het leuke was wel dat in zo'n kamp heel veel kinderen waren. Vermoedelijk zo'n vijfduizend in totaal op één vierkante kilometer! En als kind weet je natuurlijk niet wat primitief is. Pas als je luxe en welvaart waardeert, ga je het ontbreken ervan als een gemis voelen."
"Iedereen leefde in zijn eigen wereldje. Een beetje zoals later in Zuid-Afrika. Het was een heel nierkwaardige samenleving,"
Is die door u genoemde segregatie een typisch Nederlands kenmerkl "Segregatie vindt in iedere samenleving plaats, ook in de hedendaagse. Ik neem niet aan dat bij u veel Marokkaanse kennissen over de vloer komen? Het contact wordt niet gezocht. Van oudsher heeft in Nederland een sterke scheiding tussen bevolkingsgroepen bestaan, vooral op basis van godsdienst. In de jaren vijftig zat ik in Leiden op het stedelijk gymnasium - een openbare school en het enige gymnasium in Leiden - en in mijn klas zat maar één katholieke leerling. Die werd behandeld als een
16
wcs
MEI/JUNI
1997
"In Indonesië bestond al evenzeer een sterke segregatie. Maar het bijzondere was dat daar ook nog eens een wetgeving gold die de segregatie in stand hield. De Engelsen hadden een wetboek dat betrekking had op alle bevolkingsgroepen, maar in Nederlands-Indië lag dat anders. Daar had iedere bevolkingsgroep de eigen vorm van recht en wetgeving. "Je moet een volk niet de eigen wetten en het eigen recht ontnemen. Vanuit die verlichtingsgedachte meende men dat het onjuist was de Javaanse bevolking het Nederlandse recht te moeten opleggen. Deze niet onsympathieke gedachte raakte echter in de tweede helft van de negentiende eeuw geperverteerd, de juridische ongelijkheid biedt de mogelijkheid tot uitbuiting. Met behulp van verschillende vormen van wetgeving kun je andere eisen stellen aan de Javaanse bevolking dan aan de Nederlandse of Chinese bevolking." Is zo'n verschil in wetgeving ook geen uitdrukking van superioiiteitsbesef, van de wens het eigen ras en volk niet te laten besmetten door invloeden van huitenl "Buitenlandse bezoekers van Nederlands-Indië - die natuurlijk niet op de hoogte waren van de wetgeving - vonden juist dat verschillende bevolkingsgroepen gemakkelijker met elkaar omgingen dan in het door de Britten bestuurde India. In NederlandsIndië waren relatief veel gemengde huwelijken, er werd nogal eens getrouwd tussen Nederlandse mannen en meisjes uit het land zelf. Door het huwelijk kon je van de ene naar de andere bevolkingsgroep overgaan. Als een Javaanse vrouw trouwde met een Nederlandse man, werd zij automatisch Nederlandse en dat gold ook voor de kinderen. "In India was het ondenkbaar dat een Engelse officier trouwde met een niet-Engels meisje. Maar daarentegen was daar wel iedereen gelijk voor de wet. In Nederlands-Indië werd het als een vorm van gelijkheid beschouwd wanneer iedere bevolkingsgroep een eigen wetgeving had. In de twintigste eeuw viel dat aan de buitenwacht steeds moeilijker uit te leggen. Veel mensen zijn dat als een vorm van discriminatie gaan zien." Waar veel voor te zeggen valt. "Jawel, maar in het begin van de twintigste eeuw waren het vaak de meest vooruitstrevende mensen, zoals de Leidse hoogleraar Van VoUenhoven, die voorstander waren van zoiets als het adatrecht ~ het Indische gewoonterecht - vanuit die gedachte dat je een volk niet van zijn eigen cultuur mocht beroven. Hij dramatiseerde dat buitengewoon: zo'n inheemse beschaving, daar moest je het hart niet uit halen. "Die eigenheid van cultuur en wetgeving is echter altijd maar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
VU-Magazine | 434 Pagina's