VU Magazine 1997 - pagina 231
p^'?^^^^^^l^^s^^^^§^^f^^^^^^^^^^is^?^^^^w^^^
^^^^^^
NEERSLAG
Wachten op steken De meeste Nederlanders hopen op een warme zomer. Lekker op een terrasje zitten, tuinieren of fietsen in de natuur. De patiënten van de Groninger allergologe Manneke Oude Elbeiink zien dat anders: de vrees voor een wespen- of bijensteek houdt hen binnen. Veel reden voor die angst lijkt er op het eerste gezicht niet te zijn. Nederlanders worden gemiddeld eens in de tien jaar gestoken en jaarlijks overlijden minder dan tien mensen aan de eventueel daarop volgende allergische reactie. Desondanks zijn de gevolgen van de steek voor veel mensen ingrijpend, variërend van stevig opgezette ledematen tot een coma. Wie dat heeft meegemaakt wordt bang voor herhaling en hoopt op een rotzomer, want dan is de verleiding om naar buiten te gaan gering.
Oude Elberink richt zich vooral op de gevolgen van de angst voor steken voor de kwaliteit van leven. Ze vergelijkt de effecten van twee behandelmethoden. De immunotherapie laat het lichaam wennen aan het gif van bijen of wespen. De EPI-pen, waarmee zij zichzelf kunnen injecteren, bevat stoffen die de gevolgen van een steek beperken. Oude Elberink: "Ik ben bezig met het verzamelen van de gegevens van de mensen die we vorig jaar behandeld hebben. Wanneer ik die binnen heb, kan ik beide methoden vergelijken, bijvoorbeeld door na te gaan of er verschillen zijn in de mate waarin mensen weer naar buiten durven." Ook dit jaar heeft Oude Elberink in het Groninger Academisch Ziekenhuis weer deelnemers nodig voor haar onderzoek:
"Niet dat ik graag zie dat mensen een steek van een bij of wesp krijgen, maar vanwege mijn onderzoek hoop ik toch een beetje op een warme zomer, waarin mensen vaak de buitenlucht opzoeken. En ik hoop vooral dat hetzelfde geldt voor de mensen die we al hebben behandeld. Dan heeft de behandeling samen met onze zorgvuldige voorlichting hun angst weggenomen." (ELG)
entomologen ook op zoek geweest naar de oorzaak van de vreemde seksratio's. "We zoeken in de woestijn naar vlindereitjes van ongeveer twee millimeter groot, die door sluipwespen zijn geparasiteerd. Je kunt ze makkelijk vinden, want de eitjes worden altijd afgezet in de oksels van een heel karakteristieke plant, een duizendknoopachtige. Die eitjes laten we uitkomen, waarna opnieuw vlindereitjes worden geparasiteerd. Vorig jaar hebben we alle mannetjes die uit de eitjes kropen weggegooid, omdat we dachten dat we het bij vrouwtjes moesten zoeken. Dit najaar hebben we
wat zitten rekenen en kwamen toen op het model met een B-chromosoom. Zo kwamen plotseling ook mannetjes in beeld en zijn we daar gericht op gaan testen. Zo zie je maar, je moet weten wat je eigenlijk zoekt voor je het ook echt kan vinden", zegt Stouthamer. Hij reist zelf in juli ook weer af naar de Verenigde Staten, maar heeft zijn Amerikaanse vrouw beloofd dat het dit keer echt voor vakantie is. "Waarschijnlijk ga ik nog wel even de woestijn m om wat beestjes te verzamelen. Dat doet je voor je plezier: het is daar zo rustig, zo'n fantastisch open landschap", (GVM)
Vreemde seksratio's "We hebben hem gevonden". De Wageningse entomoloog Richaid Stouthamei kan er nog niet over uit. In de woestijn van Californië, in de buurt van Riverside, hebben twee van zijn studenten een sluipwesp ontdekt die de seksratio van zijn nakomelingen naar zijn hand zet. Het bijzondere ligt vooral in 'zijn hand', want van vrouwelijke sluipwespen is al langer bekend dat zij op allerlei manieren de sekse van hun nakomelingen manipuleren. Meestal leidt dit er toe dat er meer of uitsluitend vrouwelijke nakomelingen geproduceerd worden. Bij de nu opgespoorde sluipwesp gaat het om een mannetje dat ervoor zorgt dat er uitsluitend mannelijke nakomelingen uit de door hem bevruchte eitjes kruipen: een psR-verstoorder heet dat, van Paternal Sex Ratio. Extra bijzonderheid is dat de sluipwesp zijn sekse-beïnvloedende capaciteiten waarschijnlijk te danken heeft aan een extreem zelfzuchtig B-chromosoom: een primeur waarmee Stouthamer denkt te scoren onder vakgenoten. Stouthamer is net terug uit de Verenigde Staten, maar zijn studenten blijven daar nog een tijdje. Vorig jaar zomer zijn de
Dierenarts De juiste oplossing van de 'logikwiz' uit het maart/aprilnummer van wcs luidt als volgt: Achtereenvolgens zijn aan de beurt: lapjeskat Bonnie (gewond), Duitse herder Sonja (loopt mank), Siamese kat Doris (inenting), konijn Kees (weigert te eten) en Schotse collie Toby (ontstoken oor).
De prijzen zijn dit maal voor: J. de Koeijer in Aardenburg, P.C. Pronk-Kloek in Castricum, W.M. Boering-Witpen in Rotterdam, J. van Dijk in Winterswijk, M.C. Dirksen in Nieuwleusen, M.W. Broekhuijsen m Tilburg, A. Verdam m Hilversum, H. Dirks in Egmond-Binnen, J. Koops in Oosterwolde, W. de Vries in Schagen en S.J. Vermeulen-Brauckman in Amsterdam.
J wcs
JULI/AUGUSTUS
1997
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
VU-Magazine | 434 Pagina's