VU Magazine 1997 - pagina 213
Tomas Vanheste, 'Copernicus is ziek - een geschiedenis van het New-Agedenken over natuurwetenschap'. (Het proefschrift is te bestellen hij Eburon in Delft.)
Tomas Vanheste heeft het niet op 'New Age' (wie wel?|. Hij schreef een proefschrift waarin hij een rij bekende auteurs bespreekt ~ Mumford, Roszak, Capia, Sheldrake, Lovelock, Prigogine, Vaiela, Naess - die weinig meer gemeen hebben dan dat ze door anderen onder het NewAgehoedje worden gevangen, dat ze nieuwe ontwikkelingen in hun vak voorzien waaraan ze graag een bijdrage willen leveren, waarvoor ze zelfs hun nek durven uit te steken, en dat ze Vanhestes goedkeuring niet kunnen wegdragen. Vooral dat laatste is het hele boek door voelbaar.
Een boek dat medestanders overtuigt
Als Sheldrake komt met zijn "morfogenetische" velden-hypothese en mee-
deelt hoe hij die voortaan kortheidshalve zal aanduiden, dan zegt Vanheste dat dat "de volledige argumentatie voor deze stap" is. Dat is alleen al flauw omdat Sheldrakes mededeling overduidelijk niet als argument bedoeld is. Sheldrake lanceert een hypothese, geeft aan hoe je die zou kunnen toetsten, en steekt er veel energie m om het benodigde onderzoek van de grond te krijgen. En dat is precies waar het bij hypothesen om gaat. Als Naess het belang van biodiversiteit verdedigt, dan haalt Vanheste de zijns inziens wel wetenschappelijke evolutionaire ecologie aan die meent dat " de stabiliteit van een ecosysteem oingekeerd evenredig is met het aantal verschillende populaties". Dat is niet flauw, dat is gewoon onzin. Het enige dat evolutionair ecologen zeggen is dat de stabiliteit van een ecosysteem niet altijd récht evenredig is met het aantal populaties, en dat is iets heel anders dan "omgekeerd evenredig".
vele generaties lang consequenties kunnen hebben. En als er iets mis gaat, kijkt iedereen elkaar verbaasd aan. Wie heeft de fout gemaakt, wie kan er verantwoordelijk worden gesteld? Meestal luidt het antwoord dan dat uiteindelijk niemand verantwoordelijk was. De politiek, constateert Beek, is de greep op de beheersing van zulke risico's kwijtgeraakt. In onze samenleving hebben we een verfijnd netwerk van insti-
tuties opgebouwd ten behoeve van groei en van verdeling van welvaart. Maar met de vergroting van risico's, als onbedoeld gevolg van de modernisering, weten we slecht raad. Die schijnbare onbeheersbaarheid leidt tot een verlies aan vertrouwen in de politiek. Maar Beek vindt dit niet zo erg, hij pleit niet voor eerherstel van de politiek. Hij ziet meer in een politisering van onderaf: inensen die in een ontwikkelingslaboratorium werken
Als Roszak na lang zwijgen met een nieuw boek komt en daarin over allerlei dingen anders blijkt te denken dan voorheen, dan is Vanheste niet verheugd maar verbaasd: "Hoe is deze radicale wending mogelijk?" Roszak moet "murw gepraat" zijn door anderen, of hij is een oportunist. Het idee dat iemand die denkt alleen al daardoor van mening verandert kwam bij Vanheste kennelijk niet op.
Kortom: Vanheste schreef een boek dat zijn medestanders beslist zal overtuigen. (BV)
zijn volgens hem beter in staat om in te schatten welke risico's aanvaardbaar zijn en welke niet. Verder denkt hij bovendien dat burgers en consumenten daartoe weer beter in staat zijn dan de experts. Hij is overtuigd van - zoals dat tegenwoordig wordt genoemd - het 'zelfreinigend vermogen' van de samenleving in haar totaliteit. Van onderop valt het heil te verwachten. (KN)
wcs
MEI/JUNI
1997
61
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
VU-Magazine | 434 Pagina's