VU Magazine 1997 - pagina 189
Welk werk doet u aan de univeisiteitl "Formeel heb ik een aanstelling voor één dag, maar in de praktijk wordt dat een dag of drie, vier. Ik concentreer mij op kennis die in de praktijk bruikbaar is. In die richting doe ik onderzoek en publiceer ik. Verder geef ik colleges en begeleid ik studenten en promovendi." Wat is uw hoofdbetzekkingi "Dit is mijn belangrijkste bezigheid. In het verleden was ik bestuursvoorzitter van het reclamebureau FHV/BBDO. Die eerste 'F', dat ben ik." Hoe bent u in dit professoraat beland} "Ik ben gevraagd. Het Genootschap voor Reclame had een leerstoel op Nijenrode, maar dat ging mis. De UvA heeft het overgenomen. Ik had veel gepubliceerd op het randgebied van wetenschap en praktijk, maar afgezien van een blauwe maandag psychologie heb ik geen wetenschappelijke achtergrond. Het was een verrassing."
wat kritische woorden over de reclame gesproken en dat gaf flink wat ophef. Ik heb niets teruggenomen, maar ook geen extra zout in de wonden gestrooid. Ie moet wel rekening houden met de mensen die je betalen." Voelt u zich serieus genomen door uw collega's} Ja, ik krijg genoeg waardering binnen de vakgroep."
Giep Franzen (64) bijzonder hoogleraar Commerciële communicatie aan de Universiteit van Amsterdam, vakgroep communicatiewetenschap, vanwege het Genootschap voor Reclame.
Wat is het belang van uw professoraat voor de universiteit} En voor het land} "Dat ik de visie van de beroepsbeoefenaren verwoord. Ik sta met één been in de praktijk en met het andere in de theorie. Dat werkt, reclame fascineert veel mensen in mijn omgeving. Mijn colleges zijn niet verplicht, maar er komen tweehonderd studenten. Wat betreft dat landsbelang, met mijn publicaties verbreid ik kennis over de reclame. Dat kan goed zijn voor de economie."
Bespeurt u een cultuurverschil tussen universiteit en bedrijfsleven} "Dat is levensgroot. In het bedrijfsleven was ik gewend mijn werk in tijd te meten en daar een bedrag in guldens aan te hangen. Dat gaat anders op de universiteit. Bovendien werken we in de reclame meer in teamverband." Wilde u altijd al professor worden} "Nee, ik had niet eens aan de mogelijkheid gedacht."
En voor Het Genootschap voor Reclame} "De verbreiding van de kennis die wetenschappers verzamelen helpt bij de onderbouwing van het reclamevak. Die is nog niet stevig. Het Genootschap is niet uit op verbetering van het imago van de reclame, het gaat om de vakinhoudelijke kant."
Eric Le Gras
Wat betekent het professoraat voor uzelf} "Een verademing. Rust, lezen en nadenken op een hoger abstractieniveau. Maar ik onderteken mijn brieven niet met 'professor'." Aan wie legt u verantwoording af} "Aan een curatorium met vertegenwoordigers van de UvA en het Genootschap. Ik stel me onafhankelijk op, ook wanneer me dat niet in dank wordt afgenomen. In de Groene heb ik eens
GVR
i
WCS
MEI/JUNI
1997
37
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1997
VU-Magazine | 434 Pagina's