VU Magazine 1998 - pagina 97
hem waarschijnlijk het leven gekost. Aan het eind van zijn middelbareschooltijd ligt Edwards besluit bioloog te worden vast. Even lijkt dat door geldgebrek te mislukken nraar dan blijkt hij zeer goedkoop terecht te kunnen aan de universiteit van Alabama. Aanvankelijk werkt hij voor zijn studiegeld, dan springt zijn moeder bij. Ze is inmiddels hertrouwd met een beminnelijke en bemiddelde man. Tijdens zijn studie gaat hij er veel met bevriende natuurliefhebbers op uit, verdiept zich meer en meer in mieren, bereidt zijn eerste publicaties voor, en maakt kennis met de evolutiebiologie die dan net een nieuwe vlucht neemt. Na zijn afstuderen in 1950 krijgt hij een promotieplek met -beurs aan de Harvarduniversiteit, waar hem via tijdelijke baantjes uiteindelijk een vaste benoeming wacht. Hij graaft zich verder in de mieren in, doet vooral systematisch onderzoek, promoveert in 1955 op een nieuwe indeling van de weideraieren, en breidt zijn belangstelling steeds verder uit naar de verspreiding, zowel in ruimte als in tijd, het sociale gedrag en de evolutie van mieren, en later ook allerlei andere diergroepen. Dankzij extra beurzen, verkregen op grond van zijn wetenschappelijke prestaties, reist hij een aantal jaren de wereld af om op de meest afgelegen plekken onder de meest bizarre omstandigheden naar mieren te zoeken. Mierenkabinet In 1956 komt fames Watson - van 'Watson en Crick', de ontdekkers van de structuur van bet DNA - naar Harvard, en krijgt daar al snel meer invloed. Die DNA-doorbraak vormt een belangrijk moment in de geschiedenis van de biologie, niet alleen omdat het een op zich interessante inzicht bood, maar ook doordat de biologie als geheel er een heel ander aanzien door kreeg. De snel groeiende moleculaire biologie van Watson en de zijnen is in 1956 een jonge discipline die de ene belangwekkende ontdekking na de ander oplevert, terwijl de gevestigde posities in de biologie worden ingenomen door wat de moleculairen 'ouderwetse' biologen
noemen. Dat zagen ze graag veranderen en er ontbrandt een flinke strijd die Wilson aanduidt als 'de moleculaire oorlogen'. Als het aan de moleculairen ligt wordt de hele biologie moleculair, en mogen de ouderwetsen, de postzegelverzamelaars als Wilson met zijn mierenkabinet, vervroegd met pensioen. Zover is het gelukkig niet gekomen - de moleculaire biologie is met zijn steeds amechtiger aangekondigde genen voor steeds weer iets anders inmiddels zelf
Bart Voorzanger
wcs
MAART/APRIL
1998
21
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's