VU Magazine 1998 - pagina 170
liter
BLOED per minuut
In laboratoria en testcentra wordt het lichaam soms tot het uiterste beproefd. Wat kan een mens verdragen? Een serie over technologische martelwerktuigen. Aflevering 3: de tredmolen. "Ik sta er flink bij te schreeuwen, als proefpersonen op de tredmolen een maximaaltest ondergaan. Ze verdienen het te worden aangemoedigd, want ze gaan dóór tot ze echt niet meer kunnen - en wat mij betreft moeten ze dan nog een stukje verder. Daarom moedig ik ze luidkeels aan. Het zou niet echt motiverend zijn als ik een eindje verderop rustig koffie zou gaan drinken. Je gaat hier echt helemaal dóód. Met deze tredmolen meten we de conditie. Dat doen we door te kijken hoeveel zuurstof iemand verbruikt tijdens een maximale inspanning van het lichaam. Ook houden we de hartfrequentie in de gaten. Tijdens een maximaaltest schroef ik de belasting steeds een stukje op. De loopband gaat sneller, de helling wordt vergroot. Op een zeker moment neemt de zuurstofinname niet langer toe. Dat is voor mij het teken dat de proefpersoon aan zijn maximum zit. Natuurlijk kijk ik ook naar zijn gezicht en naar zijn bewegingen. Inmiddels kan ik behoorlijk goed inschatten of iemand echt zijn top heeft bereikt, of dat hij er best nog een schepje bovenop kan doen. De maximaaltest duurt doorgaans 15 tot 20 minuten. De proefpersoon krijgt een knijper op de neus en een soort stofzuigerslang in de mond, waardoor hij moet ademen. We meten het verschil in zuur-
wcs
stofgehalte tussen de ingeademde en de uitgeademde lucht. Via een band met elektroden wordt de hartslag geregistreerd. Op zich kan zo'n test gevaarlijk zijn, als iemand bijvoorbeeld verborgen hartgebreken zou hebben. Ik heb echter nog nooit meegemaakt dat er iets misging. We vragen de proefpersonen vooraf een formulier in te vullen waarin ze aangeven dat ze niets bijzonders mankeren. Er is geen andere laboratoriumtest die het lichaam zo uitput als deze. Brandweermensen, bepakt en bezakt, hebben op dit apparaat hun conditie laten meten. Ook verpleegkundigen en kinderen met inspannings-astma hebben we tot het uiterste belast. De tredmolen is ook ingezet bij een onderzoek naar de relatie tussen lichaamsbeweging en depressiviteit. Verder is het apparaat ideaal om het effect van conditie-programma's te meten. Met een test vóór en na zie je het eventuele verschil meteen. Daarnaast is de opstelling leerzaam voor studenten. Duursporters komen hier natuurlijk ook. Maar een goede uitslag betekent niet dat je meteen een marathon kunt gaan lopen. Trainen blijft noodzakelijk, maar kan ook geen wonderen doen: de zuurstofinname van het bloed is deels erfelijk bepaald. Op een zeker moment is het lichaam simpelweg niet tot méér in staat. Overigens blijf ik het fascinerend vinden dat het hart tijdens zo'n test zo'n 25 liter bloed per minuut kan rondpompen. Ik wil mijn proefpersonen tot het uiterste drijven. Het is niet voor niets een maximaaltest. Tegen het einde, als ze echt kapot zijn, hou ik ze steevast voor de gek. Nog één minuutje volhouden, roep ik dan, en dan zeg ik na drie minuten pas dat die ene minuut voorbij is."
Drs. Brenda van Keeken, Faculteit Bewegingswetenschappen, Vrije Universiteit A m s t e r d a m . Interview: Mark Traa. Met dank aan Barbara Verhallen. Fotografie: Lenny Oosterwijk.
MEI/JUNI
1998
19
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's