VU Magazine 1998 - pagina 244
f
Koos Neuvel
Frank
Koerselman
Het verlangen om geliefd te zijn, vindt hij, is een van de grootste gevaren die een arts kunnen bedreigen. Zelf slaagt hij er feilloos in een breed publiek tegen de haren in te strijken. "Voor de kadootjes had ik natuurlijk nooit psychiater moeten worden."
"Angst voor wetenschappelijke polemiek is een uiting van academische preutsheid", schreef Frank Koerselman in 1990 als laatste stelling bij zijn proefschrift. Van veel angst om zich impopulair te maken, kan Koerselman zelf niet worden beticht. Zo veroorzaakten de opvattingen van de Utrechtse hoogleraar in de psychiatrie in april veel beroering op een congres van de Whiplash Stichting. In zijn visie hebben typisch hedendaagse ziektes als whiplash en ME (het chronische-vermoeidheidssyndroom) iets te maken met de maatschappelijke noodzaak om autonoom te zijn. Wie meer behoefte heeft aan bescherming valt uit de boot. Vele harde werkers, zo zei Koerselman in De Volkskrant, hebben een licht ongeval of een griep met eeuwigdurende vermoeidheid nodig als alibi, om zonder eerverlies uit de maatschappelijke race te kunnen stappen. Het was een standpunt dat hem niet bepaald geliefd maakt bij de patiëntenverenigingen. Een paar jaar daarvoor bemoeide Koerselman zich intensief met een andere brandende kwestie in de geneeskunde: euthanasie en hulp bij zelfdoding. Hij was de eerste psychiater die openlijk zijn collega Chabot afviel, de psychiater die zijn patiënte Nettie
12
wcs
JULI/AUGUSTUS 1998
Boomsma van dodelijke middelen voorzag, nadat zij haar twee zoons verloren had en verklaarde niet verder te willen leven. Chabot had er wat hem betreft volkomen fout aan gedaan om op die doodswens in te gaan. Uiteindelijk vond de kritiek van Koerselman een zekere weerklank en kreeg Chabot een berisping van het Medisch Tuchtcollege. In het boekje 'Als de dood voor het leven' uit 1995 schreef Koerselman dat degenen die de angst voor het hellend vlak bij euthanasie bagatelliseren, ongelijk hebben. "Nederland glijdt als gidsland voorop de diepte in", merkte hij toen op. In zijn werkkamer in het Academisch Ziekenhuis Utrecht vraag ik Koerselman of zijn bemoeienis met het vraagstuk iets heeft uitgehaald en er inmiddels een grotere terughoudendheid bestaat inzake euthanasie. Koerselman is er niet gerust op. "Ik maakte mij destijds ernstig zorgen en dat doe ik nog altijd. Je ziet dat het gewoon maar doorgaat. De Koninklijke Maatschappij ter bevordering van de Geneeskunst organiseert dit jaar een congres over dit onderwerp en wie is daar een van de belangrijkste sprekers? Chabot! De KNMG heeft altijd op een proeuthanasiespoor gezeten. In het verleden heb ik wel gesprekken gevoerd met een KNMG-commissie. Dat leidde ertoe dat in een door hen uitgegeven rapport een paar bijstellingen hebben plaatsvonden; enige scherpe kantjes zijn eraf. Maar je kunt allerminst zeggen dat de trend veranderd is. Dat valt ook te zien aan de politieke constellatie. D66 heeft weliswaar flink verloren in de verkiezingen, maar paars stoomt krachtig door. "
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's