VU Magazine 1998 - pagina 369
varing met de gevolgen van stalking. "Je kunt daar ook moeilijk in het algemeen iets over zeggen", stelt Klaas Schipper van de Raad van de Kinderbescherming, afdeling Leeuwarden. "Veel hangt af van wat kinderen hebben meegemaakt en hoe de moeder daarmee omgaat. Vanuit ons werk hebben we bovendien een beperkt zicht op dergelijke gevallen. Wat we vaak meemaken is dat de moeder zich bedreigd voelt en dat gevoel overdraagt op haar kinderen. Dan voelen ze zich soms thuis niet meer veilig. En als de vader plotseling op school opduikt of ze op de speelplaats aanspreekt, dan is ook die plaats niet meer veilig. Hoe de kinderen daarop reageren, hangt voor een deel af van de leeftijd." "Het zijn natuurlijk kinderen die een verhoogd risico lopen op allerlei problemen", vertelt kinderpsychiater Bouman. "Hoe die zich gaan uiten, is afhankelijk van een hoop factoren. Misschien heeft de moeder meer oog voor haar eigen problemen en ziet ze niet dat haar kind onder de situatie lijdt. Het kind kan ook denken: mijn moeder heeft het toch al zo moeilijk, ik zal haar maar niet met mijn problemen lastig vallen." Bouman kan niet uit ervaring spreken, maar de problemen die kinderen in stalkingsituaties ondervinden, zijn soms dezelfde als die van getraumatiseerde leeftijdgenoten. "In een aantal gevallen zul je zien dat het kind normaal blijft functioneren. Want dat is zijn taak. Op het oog doet dat kind het goed, maar het blijft toch met een aantal onverwerkte dingen zitten die tijdens de volwassenheid naar buiten komen. Dat kan in de vorm van depressies zijn, of angsten", legt de arts uit. "Bij sommigen merk je tijdens de jeugd al dat er iets mis is. Ze voelen zich niet vrij genoeg om te zeggen dat ze met een probleem zitten. Vooral niet als er door de twee ouders aan ze wordt getrokken. Dan zie je dat ze aandacht vragen via allerlei lichamelijke klachten, zoals hoofd- of buikpijn. Ook krijgen ze moeilijkheden op school omdat ze hun gedachten niet bij de les kunnen houden. Een kleine minderheid zal reageren
met zichtbare emotionele of gedragsproblemen. Ze reageren dan agressief en zonderen zich af van hun omgeving." Apparaatje Annelies Lissauer van de afdeling Jeugdzorg van het RIAGG in Amsterdam: "Vaak raken de kinderen door de manipulaties van de stalker verzeild in een loyaliteitsconflict. Ze weten niet wie ze moeten geloven en willen het liefst beide partijen plezieren. Dat leidt tot gedragsproblemen als concentratiestoornissen of een verstoring in de relatie met andere kinderen. Ze dragen een verantwoordelijkheid die niet bij hun leeftijd hoort. Veel kinderen die we hier zien, raken over de hele linie verstoord in hun ontwikkeling. Ze hebben thuis en op school problemen. Vaak worden ze ook nog eens gepest door klasgenootjes." Wat in de ervaring van Lissauer de kinderen het ergste raakt, is het gevoel van onveiligheid dat bij hen ontstaat. Door alle gebeurtenissen voelen ze zich niet meer op hun gemak in hun eigen huis. Soms evenmin op school, als de stalker ook daar komt opdagen. Slachtoffers staan hier vrijwel machteloos tegenover en hopen dan ook dat er in Nederland snel een wet komt die stalking strafbaar stelt. Zodat de politie meer middelen heeft om er iets tegen te doen. De meeste pesterijen zijn namelijk zo subtiel, dat er geen sprake is van een strafbaar feit. Er is geen wet die zegt dat je iemand geen brieven mag sturen of dat je iemand niet honderd keer per dag mag bellen. Pas als er sprake is van fysiek geweld, kan de politie ingrijpen. En dan nog staat de stalker binnen de kortste keren opnieuw voor de deur. Stalkers moeten een duidelijk signaal krijgen dat hun gedrag niet langer geduld wordt, menen voorstanders van een anti-stalkingswet. Zo'n wet is er al in Groot Brittannië en in de vs. In België is een voorstel door de Kamercommissie voor Justitie aanvaard. Naar verwachting zal daar ook het parlement het wetsvoorstel goedkeuren. In Nederland ligt op het ogenblik een wetsvoorstel klaar, maar daar zal nog heel wat over gedebatteerd worden.
Ondertussen loopt in Rotterdam het AWARE-project, waarbij vrouwen van gewelddadige ex-echtgenoten en hun (oudere) kinderen een apparaatje krijgen dat ze kunnen activeren zodra de ex, die een straatverbod heeft, in hun buurt komt. Na een druk op de knop komt er een signaal binnen in de politiemeldkamer, waarna de agenten direct uitrukken. Resultaten van het anderhalf jaar geleden gestarte initiatief zijn er nog niet. In het Engelse Norwich, waar hetzelfde systeem in gebruik is, zijn de ervaringen echter positief. Sinds de invoering is het aantal meldingen van incidenten in huis er verdubbeld en vervijfvoudigde het aantal arrestaties na geweld van de zijde van de ex-echtgenoot. In Rotterdam baren de kinderen die aan het project deelnemen Charlotte van Besouw van de stichting Sarah, zorgen: "Met sommige gaat het niet goed. Of ze hebben zelf met geweld te maken, of ze zijn bang dat hun moeder iets overkoint. Je ziet ook dat ze de nodige aandacht en troost tekort zijn gekoinen tijdens de lange periode dat hun moeder bedreigd en opgejaagd werd. Dat blijkt zodra het systeem bij hen is geïnstalleerd. Dan is er ineens weer ruimte voor de andere problemen binnen het gezin." Fotografie: Rene Koster. Met dank aan Daan Eymers.
wcs
'ÉfM^^Jkm-^i'-MiLJ^Sé^
SEPTEMBER/OKTOBER
1998
65
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's