Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1998 - pagina 353

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1998 - pagina 353

4 minuten leestijd

Toch valt niet te zeggen dat Rozendaal door middel van zijn interviews een ontluisterend beeld van de wetenschap presenteert. Dat beeld wordt er hooguit realistischer en genuanceerd op, en dat kan nooit kwaad. De zeer menselijke kleinzieligheid doet ook niet zo veel af aan het inhoudelijk belang van de wetenschappers. De interviews met onder andere E. O. Wilson, Douglas Hofstadtei, Francis Crick leveren enerzijds vaak mooie portretten op met de nodige sfeertekening (de ijdelheid van Wilson), tegelijkertijd geven ze ook een uitstekend beeld van nieuwe inzichten en twistpunten in de wetenschap. Daarbij heeft Rozendaal in de selectie van de interviews gekozen voor een

bewuste beperking: alle interviews hebben iets te maken met de speurtocht naar de biologische oorsprong van de mens. Het is een heel dun, achteraf geconstrueerd verbindingsdraadje tussen op zichzelf staande interviews die de afgelopen jaren voor 'Elsevier' zijn gehouden. Soms is de link wel heel ver te zoeken. Zo kun je het interview met psychiater Lifton over nazi-dokters alleen in metaforische zin onder het thema rangschikken: de mens als beest. In de inleiding rechtvaardigt Rozendaal zijn keuze vanuit het toenemend belang van biologische verklaringen van menselijk gedrag. Hij steekt zijn enthousiasme voor die ontwikkeling niet onder stoelen en banken. Onbegrijpelijk is dat zeker

niet. Hij constateert daarbij dat (socio)biologen van de weeromstuit geneigd zijn zichzelf te overschreeuwen. Helaas heeft Rozendaal die neiging zelf ook een beetje. Zo durft hij de voorspelling aan dat de, zoals hij dat ziet, twee bondgenoten in de strijd tegen de biologie het christendom en de sociologie - in de volgende eeuw onder de toenemende biologische bewijzen verpletterd zullen worden. Ach ja, we zullen zien. (KN)

OP DE PLANK

H.f. Hearing, 'Wat heeft de filosofie met God te makenl', Meinema, f ^2,^0. De bekende Leidse emeritus hoogleraar in de godsdienstwijsbegeerte stelde een compacte gids samen over de wijze waarop de filosofie door de eeuwen en stromingen heen met God is omgesprongen. Wie schouderophalend denkt dat het vraagteken in de titel een uitroepteken had moeten zijn, kent Heering niet: "Mogelijk is (...], dat de filosofie zelf al heeft ontdekt, dat het redelijk is om rekening te houden met wat in het kader van de ratio niet te vatten is of zelfs, dat al wat ons het kostbaarste en belangrijkste is in het leven, de waarheid, de gerechtigheid, de schoonheid, de liefde, niet zozeer een gave is van ons denken, als wel een opgave aan ons denken, aan de filosofie." Het credo van een gelovig godsdienstfilosoof.

Ger Verrips, 'Mannen die niet deugden - een oorlogsverleden'. Balans, f 2^,go. Een zestienjarige jongen meldt zich in 1943 aan bij de Waffen-SS, vervolgens verdwijnt hij als krijgsgevangene in de Goelag-archipel, om uiteindelijk weer op te duiken als gewaardeerd soldaat in de Nederlandse strijdkrachten tijdens de politionele acties. De auteur probeert de gevolgen van een foute keuze te beschrijven.

Mannen die niet deugden

Alan Guth, 'Het uitdijende heelal - wat gebeurde er voor de oerknaU', Contact, f 79,90. De klassieke oerknaltheorie beschrijft wat er gebeurde na die knal. Maar wat was er daarvóór? Hoe kon materie ontstaan? Alan Guth geldt als een van de belangrijkste theoretici over het begin van het universum, en zijn hypothese van 'het uitdijend heelal' heeft school gemaakt. Het boek is bedoeld voor niet-wetenschappers met belangstelling voor wetenschap. Alle specialistische wetenschappelijke termen en begrippen worden uitgelegd. Toch verlangt de auteur het een en ander van de lezer: "Ik merkte dat ik dit boek niet kon schrijven zonder aan te nemen dat de lezer een vaag verlangen met me deelt om het heelal te begrijpen, een verlangen dat deel heeft uitgemaakt van het menselijk bewustzijn vanaf het schrijven van Genesis tot het wetenschappelijk tijdperk van de relativiteitstheorie en de kwantummachanica."

wcs

SEPTEMBER/OKTOBER 1998

49

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's

VU Magazine 1998 - pagina 353

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's