VU Magazine 1998 - pagina 266
niet) die haar muzendochters voortbrachten: "iedere klank zou vervluchtigen zonder ooit opgenomen te worden in een melodie, ieder verswoord zou zijn verdwenen voor het rijmwoord klonk." De muzenmoeder leeft voort in samengestelde woorden die met 'mnemo' beginnen en alle op de geheugenleer betrekking hebben. En, naar wij ons menen te herinneren, ook in het woord lenjffiie'. JeütOlogie, of te wel het klinische hersenonderzoek (het onderzoek naar stoffelijke zaken als zenuwcellen, neurotransmitters, synapsen en zo meer) en de cognitieve psychologie (de tak van wetenschap die zich met ongrijpbaarder facetten van de menselijke psyche bezighoudt) rekenen beide het geheugenonderzoek tot hun terrein. Lang hebben zij zich echter gedragen als twee vijandige mogendheden, waartussen zich een immens niemandsland uitstrekte. Dat heeft, naar klinici en cognitici nu zelf ook toegeven, de voortgang van het geheugenonderzoek ernstig belemmerd. Met de ontginning van dit braakland werd pas in de jaren tachtig begonnen. En dat levert nu gelukkig boeken in de populair-wetenschappelijke sfeer op, waarin het gedoe met neuronen, gekoppeld aan dat van mensen, fascinerende lectuur oplevert. Zoals 'De kunst van het geheugen' van Daniel L. Schacter, waaraan ten behoeve van dit waanwijze lexicon veel feitelijkheden zijn ontleend.
34
wcs
JULI/AUGUSTUS 19
' Onthtmden noemt men de poging het geheugen uitdrukkelijk opdracht te geven een bepaalde herinnering goed te bewaren. Het is niet zozeer uit onwil of ongehoorzaamheid van het geheugen dat zo'n poging soms een averechts resultaat heeft. Dan slaat het geheugen dusdanig intensief aan het opbergen dat het later niet meer weet waar het de spullen gelaten heeft. Toch gebruiken we allemaal dezelfde manier om vluchtige ervaringen bewust vast te houden en ze voor later vast te leggen in het geheugen. De leek noemt het 'inprenten'. Psychologen spreken van een 'coderingsproces', waarbij zo bewust mogelijk aandacht wordt geschonken aan een actuele gebeurtenis zodat deze mét de bijbehorende boodschap, de beelden en geluiden en eventueel ook de geur, tot uherinnering wordt. priming is het merkwaardige fenomeen dat waarschijnlijk is terug te voeren op de werking van ons impliciete geheugen (zie aldaar). Daniel Schacter doet het volgende experiment met zijn lezers om uit te leggen wat priming inhoudt. Bestudeer de volgende woorden nauwkeurig gedurende vijf seconden: 'moordenaar', 'octopus', 'avocado', 'mysterie', sheriff' en 'klimaat'. Ga vervolgens een uurtje wandelen en keer op tijd terug voor de volgende tests. Welke van de volgende woorden kwamen wel, en welke niet voor op het bestudeerde lijstje? 'Schemer', 'moordenaar', 'dinosaurus', 'mysterie'? Niet zo moeilijk hè? En vul nu bij de volgende woorden de open plekken in: 'ch ne', 'o . t . . us', '. po . k . . . . ' , ' . 1. m . . t'. Wedden dat u met 'champagne' en 'spookhuis', die niet op het eerste lijstje stonden, aanmerkelijk meer moeite had dan met 'octopus' en 'klimaat' die u daarop al wel had gezien?! Dat is nu priming. Schacter suggereert dat priming wel eens de verklaring zou kunnen vormen voor gevallen van onbedoeld plagiaat, met name in de muziek. Maar wellicht biedt het recent ontdekte verschijnsel ook René Diekstra nog een kans op rehabilitatie.
m
P
Quizzen op radio en tv bieden volop gelegeiïheid ons geheugen op omvang en accuratesse te testen. In de meeste gevallen gaat het daarbij om pure feitenkennis. Wie tot de categorie 'omgevallen boekenkast' behoort kan ver komen. Want in de meeste gevallen scoort men het best met volstrekt nutteloze weetjes zonder enig onderling verband. Omdat in het kader van de algehele infantilisering tegenwoordig zelfs de meest onzinnige spelletjes op tv 'quiz' worden genoemd, werd het pleonasme 'kennisquiz' geïntroduceerd voor spelletjes waarvoor een IQ boven de 75 vereist is. Taalquizzen vormen daarbij een categorie apart: zie er de X van xenon.
Registreren is een term die in relatie tot het geheugen nogal eens valt. Volgens deze beeldspraak registreert het geheugen als een soort camera ervaringen en slaat die op als herinneringen zoals bonen in het zout en haringen in het zuur. Toch is het menselijk geheugen absoluut niet in staat te voldoen aan de suggestie die de term wekt: het neutraal en objectief vastleggen van gegevens die dan later in ongewijzigde vorm weer kunnen worden geraadpleegd. Wat dat betreft is de computer, waarvan de werking ook dikwijls wordt gebruikt als metafoor voor het menselijk geheugen, vele malen adequater en betrouwbaarder. Dat ogenschijnlijk voordeel is meteen ook het grootste nadeel van dit apparaat: het verstaat de kunst van het weglaten niet. Het menselijk geheugen is selectief, het schift hoofdzaken van bijzaken en gaat daarbij al generaliserend hoogst onbetrouwbaar te werk. Want waar dacht u dat al die vooroordelen vandaan komen? Precies! Het geheugen kiest juist die ervaring uit om te bewaren, welke past in de verzameling die het toch al aan het aanleggen was en bekrachtigt daarmee eerdere indrukken. Wat niet past wordt weggegooid. Deze discriminatoire neiging dient overigens niet louter negatief te worden geduid: zij stelt ons in staat te anticiperen, snel ons oordeel klaar te hebben en daardoor bijvoorbeeld gevaarlijke situaties te ontlopen. Wie eenmaal door een pitbull is gebeten, weet voor eens en altijd hoe onbetrouwbaar in het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's