VU Magazine 1998 - pagina 32
De theoretisch ingestelden gebruiken in feite een werktuig, hebben een tussenstap nodig om tot een spontane, creatieve uiting te komen. Wanneer een solist anticipeert en afgaat op datgene wat hij om zich heen en in zijn hoofd hoort, is hij waarschijnlijk veel meer actief met het creatievere deel van het brein: de rechterhelft." "Hoewel iedereen die muziek maakt, de klanken eerst in zijn hoofd selecteert voordat de noten en de interpretatie er uitkomen. Dat impliceert dat je de incongruenties er uitfiltert voordat je ze laat horen. Als ik speel, kan ik me niet veroorloven intens te lezen. Hopelijk zijn de meeste muzikanten niet alleen bezig met structurele, intellectuele processen. Dat is ook de vraag met die dove violiste: hoe voorkomt ze eigenlijk dat haar instrument vals gaat klinken? En wat hoort ze dan in haar hoofd, voor zover je dat zo mag noemen?" Robertson geeft nog een voorbeeld: "Laatst hadden we met het kwartet de première van een project dat we met een Indiase klassieke muzikant doen. U moet weten dat er in India geen notenschrift bestaat, tenminste niet zo gedetailleerd als wij dat kennen. Desondanks was hij degene die tijdens de repetities altijd precies wist waar we zaten. Hij leest geen muziek, maar heeft een fenomenaal geheugen. Maar wacht eens even... ik bedenk me plotseling dat het eigenlijk bijzonder boeiend zou zijn om hem eens onder de hersenscanner te zetten. Als hij musiceert, is er bij hem waarschijnlijk heel weinig activiteit via de linker hersenhelft, maar zul je veel meer activiteit zien in het rechter gedeelte. Dit soort dingen komt allemaal neer op informatie-overdracht en synthese, maar dat maakt de ene muzikant nog niet beter of slechter dan de andere." "Persoonlijk vind ik wel dat hier het essentiële verschil zit tussen de vroegere en hedendaagse, moderne klassieke muziek. De laatste is volgens mij veel meer gebaseerd op cognitie en dus op de linker hersenhelft, en niet op de emotie die overigens de mensen aantrekt die om deze reden naar concerten gaan." Commercie Is dat ook de reden waarom de beoefenaars van klassieke muziek vaak zo weinig creatief lijken? Omdat ze zo'n gedegen, cognitieve opleiding hebben gehad? "Ho, ho - dat klassieke musici niet creatief zijn is wel heel kort door de bocht. Maar je kunt af en toe best stellen dat een talent dat vanaf z'n vroegste jeugd door zijn ouders onder druk is gezet om te presteren en te studeren, vooral die cognitieve kant heeft ontwikkeld. Dat is eigenlijk alleen maar heel jammer, het is een handicap." Waarora zijn veel mensen dan ontevreden wanneer ze niet altijd dezelfde uitvoering van beroemde muziekstukken voorgeschoteld krijgen? "Dat lijkt me hooguit een vervelend effect van de commercie die deze muziekstukken omgeeft, dat is de musici niet te verwijten. Zelf hou ik er overigens niet van om een muziekstuk ondergeschikt te maken aan mijn persoonlijkheid. Ik probeer de muziek op te vatten door me in de psychologie van de componist te verdiepen en door er geen oordelen op toe te passen. Dat blijft lastig. Eigenlijk biedt het notenschrift, hoe ingenieus ook, maar een hele beperkte en gecodeerde weerslag van de manier waarop de componist het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's