Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1998 - pagina 50

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1998 - pagina 50

3 minuten leestijd

De Romantiek had de componist met een onmogelijke opdracht opgezadeld: steeds maar weer iets nieuws verzinnen binnen de gegeven kaders. Maar de geijkte mogelijkheden van steeds langere stukken, met steeds grotere orkesten en steeds meer spektakel waren met het werk van Wagnei wel zo'n beetje uitgeput. De Franse componist Claude Debussy brak als eerste met de sinds de barok

Piep-piep-kraak geldende regel dat elke compositie een centraal punt, een grondtoon moest hebben. Waarom zou een symfonie alleen in C moeten staan en niet in C, a, Bes en fls tegelijk? De muziek die Debussy schreef zou de geschiedenis ingaan als impressionistisch: fragiele flarden en heldere, telkens verschuivende, ijle klankfragmenten zonder voorspelbaar begin- of eindpunt. Volgens Egmont Swaan, componist en inleider tijdens een avond, gewijd aan de ontwikkelingen in de twintigste-eeuwse muziek, paste deze muzikale doorbraak helemaal in de geest van optimisme en vernieuwing die van Europa vaardig was geworden. Was de betrekkelijkheid die uit Einsteins relativiteitstheorie sprak, eigenlijk niet ook van toepassing op de hele cultuur en samenleving? Nou dan! En hup, zo ging de hele muziektraditie op de schop.

Zwaarmoediger, filosofischer ingestelde Oostenrijkers pakten de zaak gründlicher aan dan de lichtvoetige Fransen. Schönbeig en Webein ontwikkelden hun twaalftoonstelsel. Niks geen grondtonen of blokken van harmoniërende akkoorden, maar transparantie en heldere lijnen, uitgezet via een rekenkundige reeks. Het leverde cerebraal geconcipieerde, abstracte muziek op die sterk contrasteerde met het haast figuratieve werk van een Debussy. Vooral die Weners hebben school gemaakt, zoals de doorsneemuziekliefhebber, vaak zeer tot zijn ongenoegen, in de loop van deze eeuw heeft ondervonden. Er werd door componisten gerekend dat het een lieve lust was. En dat was vooral ook bedoeld als een poging de muziek na een halve eeuw en twee wereldoorlogen weer eens grondig te ontsmetten. Maar zelfs dat steriele gereken werd weer tot een keurslijf. Niets was meer heilig toen, na Schönberg, Webern en Messiaen, Nono en Xenakis volgden en niet de noten maar de klank zelf tot het kneedbaar basismateriaal van hun composities maakte. Heftige glissando's en schril gegil, kortom: de piep-piep-kraak-muziek was een feit, en zelfs de hond begon te janken. Ook die techniek was uiteraard niet onuitputtelijk; even afgezien van het feit dat er geen publiek voor op de been te krijgen is. En dus wordt er sinds enkele decennia vanuit de serieuze muziek alweer driftig geflirt met de neo-romantiek; de Pool Henryk Góiecki met zijn monumentale, op het katholiek geloof geïnspireerde edelkitsch is daarvan een aansprekend voorbeeld. En er onstond (alweer) een nieuwe stroming, het neo-modalisme, waarin muziek uit het verleden en die van uitheemse culturen wordt gesampled en tot een nieuw geheel samengevoegd. Echt nieuwe muziek zit er, ook volgends de nog jonge componist Swaan, niet meer in. Alles is al eens gedaan. En componisten èn muziekliefhebbers zijn alleseters geworden. Gelukkig maar dat de lezing net op tijd is afgelopen om, weer thuis, op tv nog net dat portret van jazz-saxofonist Piet Noordijk mee te pikken! (GIP)

Deze tekst is gebaseerd op een lezing van Egmont Swaan, uit de serie 'De hoge G', najaar '97 georganiseerd door de Thomas More Academie.

50

WCS

JANUARI/FEBRUARI

1998

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's

VU Magazine 1998 - pagina 50

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's