Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1998 - pagina 173

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1998 - pagina 173

3 minuten leestijd

O N T A A R D E ^^^^^^ Het beeld van het geknechte landbouwhuisdier klopt niet. Anders dan zijn soortgenoten van weleer wist het de mens voor zich in te zetten, in ruil voor wat, wol, melk en een voortijdig einde. Maar wat heet 'voortijdig'?

Bart Voorzanger

Gedomesticeerde dieren zijn onze slaven, onze slachtoffers. En dat werden ze door een onomkeerbaar proces. Niet alleen is de natuur waarin ze thuishoren goeddeels verdwenen, maar ook hun eigen natuur, hun aard, is dermate veranderd dat ze in hun oorspronkelijke omgeving niet meer zouden kunnen leven. Wij hebben ze in die dubbele zin van hun natuur beroofd, en gezien het recente gemanipuleer en gekloon is ook dat ons niet genoeg. Zo ongeveer wordt ons het wrede lot

van ons vee maar al te vaak geschetst. De vraag is alleen of dat beeld klopt. De vraag is overigens ook of dat relevant is, maar daarover straks meer. Landbouw en veeteelt, zo hebben sommige biologen wel eens gesuggereerd, is geen uniek menselijke zaak. Er zijn mieren die schimmels kweken en andere die bladluizen houden. Maar mag je zulke mieren boeren noemen? Wie van niet vindt voert meestal aan dat hier gewoon sprake is van symbiose: twee

soorten die meer en meer afhankelijk raakten van eikaars gezelschap. Van exploitatie of domesticatie is geen sprake. Want wie zou dan wie exploiteren? Wie heeft hier wie getemd? Hoe anders ligt dat bij de mens en zijn landbouwhuisdieren. Ooit kregen onze verre voorouders er genoeg van om achter wilde schapen en runderen aan te hollen of ze met moeite te besluipen, en bedachten ze dat het veel handiger was ze in te sluiten en te temmen. De jager zag in dat veeteelt lucratiever was. En op eenzelfde manier begreep de verzamelaar dat landbouw veel meer opbracht. De mens overmeesterde de natuur, werd boer en leefde nog lang en gelukkig. Van toen af had hij de tijd om aan cultuur te doen en de middelen om talrijk te worden als sterren aan de hemel en zandkorrels aan het strand: de agrarische revolutie als bakermat van de menselijke beschaving en een ongeëvenaarde populatiegroei. Wederzijdse afhankelijkheid Maar zo ging het niet. Stephen Budiansky vertelt een heel ander verhaal. Landbouw en veeteelt zijn niet uitgevonden of ontdekt, maar zeer geleidelijk ontstaan. We moeten allereerst beseffen dat de relatie tussen mensen en hun gecultiveerde planten en dieren in één relevant opzicht inderdaad niet zonder weerga is. Heel veel planten en dieren zijn van elkaar afhankelijk en in die afhankelijkheid aan elkaar aangepast. In een vpRO-televisieprogramma volgde Cherry Duyns de Nederlandse bioloog Mare van Roosmalen die in het ZuidAmerikaanse oerwoud een nieuwe apensoort ontdekte. In dat programma vertelde Van Roosmalen uitgebreid over

wcs

MEI/JUNI

1998

21

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's

VU Magazine 1998 - pagina 173

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's