VU Magazine 1998 - pagina 193
Met zi)n met ae AmenKanen, Kussen ot turopeanen die de meest vergaande plannen hebben om de maan te verkennen. Het enige land dat in de komende jaren werkelijk voornemens is werk te maken van het maanonderzoek is het land van de rijzende zon: Japan. In maart 1999 vertrekt de Lunar-A sonde naar de maan. Vanuit een zeer lage baan (40 kilometer) rond de maan zal de robot drie 'penetrometers' afvuren, in feite injectienaalden met wetenschappelijke meetapparatuur erin. De cilindervormige naalden - elk 90 centimeter lang - zullen zich tot een diepte van één tot drie meter in de maanbodem boren. Daar doen ze onder meer metingen aan trillingen en temperatuurverschillen. Met een antenne worden de gegevens doorgeseind naar het moederschip, dat rond de maan blijft draaien. In 2003 wordt de Selene-1 gelanceerd. Deze zal gedurende een jaar op 100 kilometer hoogte rond de maan cirkelen en het oppervlak bestuderen met radar, laser, en gamma- en röntgenapparatuur. Na een jaar observeren zal een deel van de robot-
Japanners
Grote afwezige in de maanplannenmakerij is de Verenigde Staten. Een vervolg op de succesvolle sonde Clementine (die de eerste aanwijzingen voor ijs op de maan leverde) en de Lunar Prospector (die het ijs 'vond') blijft voorlopig uit. Al jaren wordt in Amerikaanse ruimtevaartkringen een discussie gevoerd over de vraag wat prioriteit heeft: een terugkeer naar de maan of een expeditie naar Mars. Onbemande
eerst
verkenner zich afscheiden en op de maan landen, om daar gedurende twee maanden metingen te verrichten. De andere ruimtevarende naties kunnen hier tot dusver niet veel tegenover stellen. In Rusland is het onderzoek van het zonnestelsel drastisch ingekrompen door chronisch geldgebrek. In Europa leidt het Leda-project, waarbij een klein automatisch karretje op de maan moet worden geplaatst, een sluimerend bestaan. Meer aandacht krijgt EuroMoon, een project waaiTOor voormalig astronaut Wiibbo Ockels zich sterk maakt. Hij wil in 2001 een sonde laten neerkomen nabij de zuidpool van de maan. Het grootste deel van het benodigde geld zou door bedrijven en particulieren moeten worden opgebracht. Onzeker is nog of een andere belangrijke geldschieter, de Europese ruimtevaartorganisatie ESA, het project wil steunen.
kwartiermakers voor een nieuwe lichting maanwandelaars staan echter nog niet op stapel, behoudens enkele initiatieven van commerciële bedrijven die stuk voor stuk worstelen met de financiering. Het enige land dat een duidelijke keuze heeft gemaakt is, opnieuw, Japan. Het grootste Japanse aannemingsbedrijf heeft een divisie die zich bezighoudt met het bedenken van constructies op de maan. Japanse onderzoekers hebben een methode bedacht om cement te maken van maanstof. In periodieken van de Japanse ruimtevaartorganisatie NASDA wordt volop gedagdroomd over toerisme naar de maan. "We kumien met zekerheid zeggen", staat in zo'n blad te lezen, "dat de maan op zijn minst de potentie heeft uit te groeien tot een belangrijk economisch gebied, waarmee waardevolle grondstoffen, hoogwaardige technologie en veel geld zijn gemoeid." (MT)
wcs
MEI/JUNI
1998
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's