Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1998 - pagina 242

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1998 - pagina 242

4 minuten leestijd

die lusten wel een kokkeltje. Een stel mossels heeft zich vastgeklampt aan een trosje kokkels. Smaal: "Mossels hebben houvast nodig en vinden dat soms bij kokkels. Dat is tekenend voor de samenhang tussen de soorten in dit leefgebied." De mosselcultuur is tamelijk uitgebreid. Naast het opkweken van mosselzaad op geschikte plaatsen op de bodem, spannen de vissers touwen in het water die de mossels houvast bieden. De kokkelstand ontwikkelt zich bijna zonder ingrijpen van de mens. De vissers zoeken eigenlijk alleen de beste plekken om hun korren uit te gooien. Pas de laatste tijd zijn er proeven met het uitzaaien van kokkelzaad op kansrijke plekken. Het RIVO onderzoekt of dat succes heeft.

Dr Aad Smaal: "We weten te v

beschermers de gevolgen van de schelpdiervisserij overschatten. Het lijkt erop dat koude winters en het afsterven vanwege concurrentie tussen de schelpen, die op de platen vaak mannetje aan mannetje liggen, minstens even veel invloed hebben op het bestand. De op het oog ruwe manier van vissen, met zuigkorren die als zandzuigers de bodem afschrapen en niet alleen de schelpen maar ook allerlei ander leven meenemen en bovendien de bodem omwoelen, is waarschijnlijk minder desastreus dan de natuurbeschermers vrezen. Op plaatsen die regelmatig zo zijn behandeld, blijven de schelpdieren het goed doen. Desondanks heeft de schelpdiervisserij grote gevolgen voor de kokkels, de mossels en de andere schelpdieren. Aan het einde van de jaren tachtig, toen de export naar Spanje, waar ze graag een kokkeltje verwerken in de maaltijd, een hoge vlucht nam, dreigde er regelrechte overbevissing. De vissers, of beter gezegd de reders van de schepen, werden rijk en hun riante villa's die goed in het zicht aan de weg over de dijk tussen Hansweert en Yerseke liggen, getuigen daarvan. Maar zij verwierven die rijkdom door in te teren op de voorraad die nodig is om in de toekomst de visserij veilig te stellen. Inmiddels realiseert iedere betrokkene zich dat er grenzen zijn en werken de vissers mee aan de controle op de quotering.

10

wcs

JULI/AUGUSTUS

1998

Houvast Smaal verwacht dat dit jaar een goed schelpdierenjaar zal worden. Dat zou dan moeten blijken uit de monsters die Joke Kesteloo en de bemanning van de 'Schollevaar' uit de modder van de plaat trekken. Ze gebruiken daarvoor een schuif, die exact gelijke hoeveelheden modder kan bevatten. Drie keer zo'n schuif staat gelijk aan een tiende vierkante meter zandplaat, inclusief de schelpen die Kesteloo telt en analyseert. Het eerste monster levert betrekkelijk weinig op, maar op de tweede plek, midden op de plaat, is het raak. Als de modderplakken in een zeef zijn gespoeld resteert er een aardig bergje schelpen en zelfs wanneer daar de lege exemplaren uit zijn gehaald is de oogst aanzienlijk. "Veertig kokkels op een tiende vierkante meter", telt Kesteloo, "dus vierhonderd per vierkante meter. Dat is behoorlijk veel. Het kan inderdaad een goed jaar worden." Kesteloo heeft de kokkels keurig op een rijtje in de modder gelegd en ze voelen zich daar kennelijk niet op hun gemak. Ze openen hun schelpen op een kiertje en steken een pootje naar buiten, dat zand wegschept. Verrassende snel verdwijnt de hele schelpenverzameling in zelfgegraven kuiltjes onder de modder. Niet onbegrijpelijk: een eindje verderop zijn scholeksters aan het foerageren en

Smaal en Baaij buigen zich vervolgens over de vraag of mossels die op de bodem zijn opgegroeid een andere smaak hebben dan mossels die aan touwen hebben gehangen. Smaal zegt geen verschil te proeven, maar volgens Baaij zijn mossels van de hangcultuur wat zouter van smaak omdat ze meer aan het zeewater zijn blootgesteld. We lopen terug naar de 'Schollevaar' en Smaal vindt in een klein plasje op de drooggevallen plaat een zeenaald. De smalle, puntige vis heeft zich kennelijk in het tij vergist en moet nu de vloed afwachten. Het is bijzonder aangenaam wandelen in de zon en de mensen van de 'Schollevaar' melden voor de zekerheid dat ze niet altijd onder zulke vakantieachtige omstandigheden werken. Kort geleden hadden ze wind- en waterdichte pakken aan vanwege de kou en soms kunnen ze niet uitvaren vanwege de zeegang. Aan boord van de 'Schollevaar' spoelen we onze laarzen af - "anders is het hier binnen de kortste keren een modderboel" - terwijl de schipper de rubberboot aan boord takelt. Op de terugweg naar Hansweert komt een fors containerschip recht op de 'Schollevaar' afvaren en voor de zekerheid verlegt De Munck zijn koers. "Op de Westerschelde is altijd wat te beleven", luidt het droge commentaar van Kesteloo. Zij bespreekt met schipper De Munck de locatie waar de 'Schollevaar' die middag verder zal gaan met de bestandsopname. Alle gegevens komen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's

VU Magazine 1998 - pagina 242

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's