Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

VU Magazine 1998 - pagina 455

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VU Magazine 1998 - pagina 455

5 minuten leestijd

van de

omst

geschapen. In onze oorsprong zit ons wezenlijke anderszijn niet. Dat zit in wat er daarna gebeurde. God gaf de uit stof geschapen mens naar vorm en vermogen iets bijzonders mee een ongekende mate van godgelijkheid. En hij gaf hem een bijzondere opdracht: de schepping te bewaren. Als je God als grote pottenbakker vervangt door God als dirigent van een evolutieproces dat uiteindelijk op de mens uitdraaide, en als je het 'daarna' van die grote opdracht veilig weet te stellen, dan valt het met de strijdigheid van geloof en wetenschap wel mee. Het 'daarna' krijgt in deze conceptie bijvoorbeeld de vorm van de mens die zich van zichzelf bewust werd, en daarmee ook van de Godvormige leegte om hem heen. Die leegte vullen we door onze verantwoordelijkheid te nemen en ons in te zetten voor een beheer van het geschapene. Eindpunt Dit is maar één manier om Darwin naar je hand te zetten. Het was wellicht de mijne geweest als ik christen was gebleven. Maar hoe je een dergelijke integratie ook uitwerkt, een eerste voorwaarde voor de zin van zo'n verhaal is dat de mens anders in de natuur staat dan alle andere dieren. Het is dan ook niet vreemd dat dat sommigen met vuur betogen dat de mens in het tropisch regenwoud niet leven kan. Wij zijn geen deel van de natuur (meer), wij staan ertegenover, zo verkondigen zij. Veel hout snijdt dat niet. In de eerste plaats zal geen evolutionist de mens zomaar in een tropisch regenwoud zetten. We komen daar niet vandaan, we zijn er net zo ontheemd als een olifant of een leeuw zou wezen. En de mensen die er wel degelijk leven, doen dat dankzij diepgaande kennis en grote technische bedrevenheid. Maar belangrijker is nog dat het tropische regenwoud voor niemand een paradijs is. Alles wat er leeft wordt voortdurend bedreigd. De meeste planten en dieren leggen er het loodje voor ze zelfs maar in de buurt van hun volwassenheid komen. En dat geldt niet alleen voor tropische regenwouden. Onze enige zekerheid in het leven is een meestal voortijdige dood. Een tweede voorwaarde voor dit soort verhalen is dat de evolutie een opgaande lijn vertoont die op de mens uitdraait, dat we de mens mogen beschouwen als de jongste en hoogste soort, als hoogtepunt dat tevens eindpunt is. Ik geef toe: dat 'eindpunt' voeg ik net iets te terloops toe. Over het vervolg zijn de ideeën niet zo duidelijk. Eén optie is dat de mens voortgaat op de ingeslagen weg, en zich tot in eeuwigheid intellectueel en moreel blijft ontwikkelen. En daar lijken de meeste christenen van uit te gaan. Een iets reëlere mogelijkheid is dat uit de mens weer nieuwe soorten voortkomen die net zo op ons zullen neerzien als wij het doen op onze verre voorouders. Dat is al lastiger te verteren. Maar wat er waarschijnlijk zal gebeuren is dat de mens gewoon

uitsterft, zonder nakomelingen na te laten die zijn fakkel kunnen overnemen. Dat is nu eenmaal het lot van al wat leeft. Van alle soorten die er ooit waren is nog nèt geen honderd procent inmiddels verdwenen, en binnenkort zullen de soorten die er nu zijn ook allemaal verdwenen zijn (troost u, dit is een 'binnenkort' op een evolutionaire tijdschaal, al gaat het door een explosieve groei van menselijke activiteiten nu allemaal even wat sneller dan een poosje geleden). Voorzover dat verdwijnen geleidelijk gaat, laten de verdwenen soorten verwanten na die daarna weer een poosje de toon aangeven. Door ingrijpender gebeurtenissen zoals de inslag van wat fors uitgevallen ruimtepuin of een omslag in het klimaatsysteem, zullen van tijd tot tijd ook hele levensvormen - de huidige zoogdieren bijvoorbeeld - integraal verdwijnen. Maar ook het leven zelf veroorzaakt dit soort omslagen. De eerste fotosynthetiserende organismen - de voorlopers van onze groene planten - produceerden zuurstof als afvalstof. Maar die zuurstof was puur gif voor veel toen bestaande levensvormen, dus die gingen er allemaal aan. Het ontstaan van een soort die op grote schaal fossiele brandstoffen verbruikt - de mens - zou opnieuw zo'n atmosferische crisis kunnen betekenen. Luchtverontreiniging met diepgaande consequenties voor het bestaande oecosysteem is niets nieuws. De massa-extinctie die wij nu om ons heen zien is eerder vertoond. Er vallen nu eenmaal zo nu en dan gaten in de biosfeer. Evenwicht vertoont de natuur alleen als je er kort genoeg naar kijkt. De zo ontstane gaten worden meestal snel weer gevuld (zij het alweer alleen maar snel op een evolutionaire tijdschaal), maar met wat is nauwelijks te zeggen. Wij waren ook niet te voorzien toen de dinosauriërs verdwenen. Rentmeester Er is geen enkele reden om te denken dat de mens in dit opzicht een uitzondering vormt. Over een poosje is er van ons, en dus ook van onze strevingen en ambities, van onze wetenschap, cultuur en samenleving, van onze kunst en onze religie, geen spoor meer te vinden. En de wereld draait zonder ons gewoon door, zoals hij dat eerder het overgrote deel van zijn bestaan zonder ons gedaan heeft. Uiteindelijk zal elke vorm van leven hier onmogelijk worden. Waarschijnlijk verdwijnt eerst het meercellige leven, waarna de bacteriën - in tijd en ruimte toch al de belangrijkste, en aanvankelijk zelfs heel lang de enige, levensvorm - voor lange tijd het rijk weer alleen krijgen, tot ook zij ten slotte verhongeren, bevriezen of verbranden. En dan is het uit. We zien de mensheid graag als het kloppend hart van het leven op aarde, maar in werkelijkheid zijn we van dat zeer tijdelijke leven niet meer dan een hartenklop. En terzijde: ook het

wcs

NOVEMBER/DECEMBER 1998

79

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's

VU Magazine 1998 - pagina 455

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998

VU-Magazine | 492 Pagina's