VU Magazine 1998 - pagina 188
Ver Waar leidt een reis naar de maan toe? Niet tot diepere inzichten. Wel tot universalisme. Wie zich horizontaal voortbeweegt stelt vast dat alle mensen verschillend zijn, en wordt cultuurrelativist. Wie verticaal reist en zich losmaakt van aardse bindingen, komt echter tot de slotsom dat we allemaal gelijk zijn.
Koos Neuvel
De maan leent zich slecht voor een avonturenroman. Te weinig onbekendheid, te weinig afwisseling in landschap. Een spannende roman of film moet het eerder hebben van weelderige landschappen die juist daardoor verraderlijk zijn; achter iedere struik of helling kan een immens gevaar schuilgaan. Niemand was echter bang dat Neil Armstrong belaagd zou worden door griezels toen hij voet op de maan zette. De spannendste avonturenverhalen
36
wcs
MEI/JUNI
1998
spelen altijd in de toekomst. Ongehinderd door hedendaagse technologische beperkingen kunnen in zulke boeken fantasieën over mens en maatschappij worden uitgeleefd. Het maanverhaal leende zich daar in vroeger tijden heel goed voor. Een beroemd auteur als H.G. Wells beschreef bijvoorbeeld in zijn boek 'The first men in the moon' hoe het leven op de maan geheel wordt voorbeschikt door de maatschappelijke taak. Lichaamsvorm past zich aan bij lichaamsfunctie. De hoofden van intellectuelen bijvoorbeeld nemen werkelijk kolossale vormen aan, zodat bibliotheken en naslagwerken overbodig zijn. Alle kennis is opgeslagen in slechts enkele hoofden. Overbodige lichaamsdelen komen voor amputatie in aanmerking. Maar dat schijnt niet erg te zijn, iedereen is gelukkig met zijn lot. Zulke fantasieën kunnen alleen floreren bij de illusie dat het, hoe onwaarschijnlijk ook, waar zou kunnen zijn dat er leven is op de maan. Want zelfs een fantasie heeft altijd een klein beetje rekening te houden met de werkelijkheid. Naarmate de kennis van de werkelijkheid op de maan zich echter ontwikkelde, werd duidelijk dat een samenleving zoals die van Wells volstrekt ondenkbaar was, bij afwezigheid van leven in welke vorm dan ook. Dat is dodelijk voor de verbeelding. De grote avonturenfilms van tegenwoordig spelen zich niet in de laatste plaats om deze reden nogal eens af in het verleden. In die films beleven we een terugkeer van dinosaurussen en andere reeds lang uitgestorven dieren. Niet in de toekomst maar in het verleden houdt het gevaarlijke onbekende zich schuil. Op de maan laten nog maar weinig schrijvers hun verbeelding los. De meeste schrijvers of filmmakers in het science-flctiongenre zoeken het iets verder weg in het ruimte. Zo citeerde regisseur Paul Verhoeven bij de première van 'Starship troopers' de natuurkundige Stephen Hawking die gezegd heeft dat er ergens in het heelal leven moet bestaan, leven dat ons vermoedelijk vijandig gezind is. En daar kunnen schrijvers en filmmakers weer jaren mee vooruit. De maan is onttoverd. Maar zelfs een
onttoverde werkelijkheid blijkt garant te kunnen staan voor spanning en avontuur, en een eigen vorm van verbeelding en mythologie op te kunnen roepen. De spanning en sensatie van de authentieke maanverhalen heeft op het eerste gezicht echter vooral een technisch karakter gehad. Zal alles wel goed gaan bij de lancering van de raket of spat de zaak ineens uit elkaar? Zal de raket veilig op de maan kunnen landen en vervolgens weer kunnen terugkeren in de dampkring van de aarde, of zullen de ruiratevaarders gedoemd zijn om eeuwig in heelal rond te dolen? De ruimtevaart vormt een demonstratie van wetenschappelijk vernuft, waarbij het belangrijkste avontuur de vraag is of alle berekeningen kloppen. De techniek moet ons natuurlijk niet in de steek laten. Chimpansee
Toen in de jaren zestig in de Verenigde Staten een ruimtevaartprogramma op poten werd gezet, zocht men geschikte kandidaten om de vluchten te kunnen bemannen. Al snel werd door president Eisenhower persoonlijk de knoop doorgehakt: het moesten testpiloten worden, vliegers die in de jaren vijftig furore maakten met hun moed en vaardigheid in het luchtruim. En enkelen van hen kregen dan ook een opleiding tot astronaut. Niet tot hun onverdeeld genoegen trouwens. De beroepshouding van de testpiloot sloot namelijk slecht aan bij datgene wat van een astronaut werd verlangd. De oude heldenmoed van de testpiloot was in de opleiding alleen maar hinderlijk. Liever geen eigen initiatief. De astronaut in spe werd gereduceerd tot een aanhangsel van de medische machinerie. In 'The right stuff', een film van Philip Kaufman gebaseerd op het gelijknamige boek van Tom Wolfe, over de beginjaren van de ruimtevaart, valt die degradatie mooi te zien wanneer de astronauten in het ziekenhuis een soort luiers dragen,ze lopen een beetje krom en het contrast met de werkelijk reusachtige verplegers is enorm. Ze moeten werkelijk overal bij geholpen worden, tot en met een zindelijkheidstraining. De beelden laten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1998
VU-Magazine | 492 Pagina's