GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

PERS-SCHOUW.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

PERS-SCHOUW.

8 minuten leestijd

Kinder bijbel.

„De Gulden : Wincfcel" geeft een interessant artikel van dr Lansberg over den stijl van den kinderbijbel, in het algemeen, en bizo-nder naar aanteiding van den „Idndei bijbel" van den heer Van , der Hul'st.: Het artikel omval o.m. deze passage:

Neen, wanneer wij een begrip^sbepaling van kinderbijbel willen geven, dan moet het deze zijn: het bijbelverhaal in zoodanigen vorm, dat men voortdurend het gevoel beeft: „wat Tiier vertéld wordt. mms . ^^^ aan ware gebeurtenissen, is ook gede-eltel'ij'k mijn eigen ig-eschiedenis!" Wij hebben omtrent het bovenaangehaalde stukje aangeto-ood, hoezeer de lezer zich erin betrokken gevoelde, en uit de op-merkingen, daarbij gemaakt, blijlrt spoedig, dat ook voor kinderen die taal en die beelden uit het leven gegrepen zijki.

Wat zouden wij graag den schrijver op^ zijn weg door de bijbelsche geschiedenis der menschheid verder volgen! Jïoe gaarne zouden wi|' wijzen op' zachte deiningen van het gemoedsleven, gelijk dit telkens bewogen wordt. Want dat - er groot verschil is tusschen levendig en gevoelvol beschrijven, blijkt duidelijk wanneer men b.v. een o-mschrijving vaal Genesis 46 vergelijkt, zooals deze gegeven werd in E. Gerdes' „Bijbel voor de Jeugd" bij die van Van de Hulst. Eerstgenoemde verhaalt:

„Het spreekt van zelf dat vader Jacob nu geen kleine haast had o-m naar Egypte op te trekken. Zoo spoedig mogelijk werden de kudden bij elkander gedreven, de tenten opgebroken en alles wat bruikbaar en licht te vervoeren was op de lastdieren geladen. In vrootijke drukte krioelden mannen, vrouwen en kinderen, knechten en dienstmaagden door elkander. Eindelijk was alles gepakt: de wagens werden aangespannen, de oude vader, benevens de vrouwen en kinderen .nemen plaats, en — de karavaan toog voorwaarts naar Egypteland",

Wij willen nu geen aandacht vestigen op deftige woorden, die in kindertaal niet passen, zo-oal's „benevens", „toog", en andere. Maar wat wij missen blijkt voldoende, wanneer wij nu de parafraseering. van Van de Hulst laten volgen:

„En vol dankbaarheid aan God, die hem deze overgro-ote vi'engde nog schonk in zijn ouderdom, zeide hiji: „Het is geno-eg, mijn zoo-n Jozef leeft nog, ik zal gaan en hem zien, eer ik sterf".

„Dat werd een drukke tijd in Jakobs huisgezin. Alles werd klaargemaakt voor de groote reis, en altijd weer sprak men daar over Jozef, en over Egypt-e, en over deze vreemde, maar mooie geschiedenis, die in hun leven voorgevallen was. Hoe wonderlijk' toch had de He-ere alles geleid!

Men sprak, ja. maar men dacht nog meer.

Jacob wist nu, dat zijn zonen hem vroeger bedrogen hadden, maar er was geen boosheid, neen, er was alleen \Teugde in zijin hart en dankbaarheid aan zijn God, die nu Jakobs gansche familie redde door — Jozef".

In dezen vorm, in dezen rythmischen, krachtigen stijl, spreeld m-e-n tot het hart der kinderen, vestigt men indrukken van onvergankelijice waarde. In allen eenvoud. Kunstmiddelen van den stijl, gelijk een nu en dan herhaald „lieve kinderen", — of „dat klinkt vreemd, nietwaar? ", — of „maar wat dunkt u, "kinderen? " zijn hier buiten gehouden en versmaad. Zulke taal geeft het geheel een zoetelijfke tint, welke wij in Betsy's bewterking van den kinderbijbel van Mevr. de VVed. A. Bi. van Meeteren geb. Schilperoort zoo gaarne zouden missen. Reeds de aanhef „Lieve Lezertjes", is stuitend voor iederen tikschen achtjarigen knaap, en is voor ons een naklank van Van Alp-hen's

„Zie hier lieve Wichtjens, Een bundel gedichtjens. Vermaakt er u mee! "

Wij citeeren hier het artikel natuurlijk niet, om den eenen onder ons gangbaren „kinderjnibel" aan te bevelen met uitsluiting van don anderen, maar wel, om te doen zien, hoe ook op-dit gebied de vooruitgang bewust is en er reden is voor eenigszins ernstiger zelfbezinning bij alle opvoeders, die tot nu toe in de keuze van een „kinderbijbel" zich lieten advise-eren door den - eersten den besten boekhandelaar of zijn personeel.

Heilige Landstichting.

De Geref. Kerkbodes van Zeist, Baarn, Driebergen, bevatten - een artikel van A., die 14 dagen uit geweest is en daarbij 'het kunststuk verricht heeft van het verblijven binnen de vaderlandsche grenzen. A. is ook te Nijmegen .geweest, althans in de omgeving; hij heeft de Roomsche Heilige-Land-stichting bezien; men weet, dat Rome daarmee bedoelt een aanschouw-elij'ke voorstelling te geven van het Oostersche leven met zijn toestanden uit de periode der bij'belsche geschiedenis. A. vertelt ervan:

Toen wijl aankwamen wias een pater net begonnen met aan een schare van een 103 a 150 menschen over de bedoeling van de stichting een inleidende verklaring te geven.

Wij sloten ons bij hen aan en volgden den geestelijke naar - een Open veld, waarop ©en Bedo-uïnentent stond. Een tent van ge-itenvellen, zooals ook Abraham moet hebben bewoond; daarvoor een gezadelden ezel; daarin en daarbij allerlei dagelijksch-e-gebruiksvoorwerpen, daarnaast - een Ideinere tent; de hoofdtent verdeeld in verblijif voor het hoofd van 't gezin en voor de vrouwen en naast de tenten Oostersche graven, waaraan bij vertrek naar elders het vroegere kampverblijï valt te herkennen.

Historiegetrouw werd door den pater verklaring gegeven van 't leven van den aartsvader Abraham; van de belofte hem gegeven omtrent den komenden Messias, enz. - enz. Inderdaad is dit alles voor menschen, die van het Oostersche leven nooit iets hebben aanschouwd, bijzonder interessant en met groot geno'figen ben ik door den prettig vertellenden pater herinnerd aan wat ik vroeger reeds zag. Het geheel-e gezelschap-werd daarna gevoerd naar een huisje van een fella, , een inwo-ner van Egypte, wiens woning is als die van een Arabier, eveneens van een Syrischen boer. Jaren geleden zag ik op 'teiland Perim reeds een dergelijke woning.

Zeer primitief, maar zeer natuurgetrouw nagebootst. Inderdaad, zoo zagen ook de woningen van eenvoudige landlieden in het Heilige Land > er uit in de dagen van 'sHeilands omwandeling op aarde. Het huisje kan maar enkele personen bevatten en zoo trokken de bezoekers in een lange ri| naar binnen, maar-loopende langs de wanden van 't gebouwtje kwamen zij na enkele seconden weer naar buiten.

Uit het meer critisch getinte deel vaa het artikel haal ik dit aaa:

Dat in heel deze Heilige Land-stichtiiig de Roomsche Kerk een fijne propaganda beoogt, bleek mij ook hier uit de woorden van den pater. Natuurlijk werd Maria verheerlijkt als de moeder des Heeren. Maar voor Protestantsche ooren moest de Roomscho Maria-vereering verzacht worden. „De Zaligmaker, zoo onze pater, heeft niet Zijn Godheid van Maria ontvangen. Niet anders dan Zijb menschheid/ ontving Hij van haar. Wat iemand niet heeft, kan hij een ander niet geven. En Maria geniet dan ook geen goddelijke eere. Wij mogen Maria niet aanbidden." En toen, met een opzettelijke daling in de stem en vlug sprekend eindigde hijl: „Maar dat is nog wat anders dan bidden tot Maria."

Van de kapel der Ontvangenis ging het naar den „stal der geboorte". Een grot, waarin een nis met een kribbe aantoonen moest, waar de Heiland werd geboren.

Daarop zagen we een timmermanswerkplaats, waarin de Heere in Zijn kinderjaren met Jozef zou gewerkt hebben. Niet met Jozef, den „man" van Maria, want volgens den pater is Maxia nooit gehuwd. Zij is maagd gebleven. Hoe hij het klopt met een woord: „want ook zijne broeders geloofden niet in Hem", heett de pater ons niet verhaald.

Interessant is ook de karavansera, de herberg; waarin doortrekkende karavanen konden overnachten.

Van dit punt genoten we van een schitterend uitzicht over het 't terrein omringende heuvelland en daarna werden we geleid van „statie tot „statie" naar de bekende voorstellingen, die in elke Roomsche Kerk zijn te vinden, maar waarbij de geschiedenis naar 't schijnt een minder belangrijke factor is dan de Roomsche opvatting van de gebeurtenissen den hangen lijdensweg des Heeren vergezellende.

De Romeinsche hoofdman. Jozef van Arimathea en diens zoontje worden daarin bijzonder verheerlijkt.

Doch het meest zonderling aan doet de „statie" van de kruisiging. De Heiland wordt daar niet voorgesteld als gekruisigd wordende. Zijn kruisdood is daar geen vonnis, dat wordt geëxecuteerd, maar een levenseinde, dat Hij zelf heeft uitverkozen en ook zelf uitvoert. Hij klimt letterlijk aan 't kruis. De pater Avees er opzettelijk op, dat de Heere Jezus dezen dood immers had verkozen. Staat in 's paters bijbel niet het woord: Gelijk een lam is Hij ter slachting geleid, en vermeldt zijn Nieuw Testament niet, dat de Heere i s gekruisigd?

Wat ook moest treffen en waarachter ik ook pro-• paganda zoek, is de wijze waarop 's Heeren opstanding „weggemoffeld" werd, had ik haast gezegd. „Zoo meenden de vijanden, dat Christus overwonnen was, maar jn Zijn Kerk, die in Hem gelooft, leeft Hij voort, " zoo ongeveer onze Roomsche geestelijke.

Daarna werd nog even stilgestaan bij 't graf; bij den steen, die er voorgelegd werd: bij de vrouwen, die hem niet konden wegwentelen, maar zagen dat dit reeds geschied was, doch dit alles als terloops, 'twas alsof de pater hier moderne Protestanten in 't gevlei wilde komen.

't Slot was een bezoek aan de kerk, die vooraan op 't terrein is gebouwd. Een kerk, waarin alles er op is aangelegd, om sterken indruk van devotiei te brengen. Een twintigtal nonnen ligt daar dag en nacht in onbewegelijke biddende houding, verheerlijkende den Heere in Zijn Jijdenswerk.

De schrijver /.egt, dat hij „met gemer^gde gevoelens" de stichting verlaten heeft. Hij wekt op, de stichting te gaan bezien, maar men moet dan den pater interpre-3 hooren met een „door degelijke, grondige bijbelkennis gescherpt oor". Aldus luidt zijn conclusie. Waar mee nog niet de bedenking ^veggenomen is bij degenen, die op zij'n eigen voougang redeneeren als hij:

Met .gemengde gevoelens verliet ik het terrein. Hier oiïeren duizenden Protestanten hun f 0.50 entree voor een zuiver Roomsch werk.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 september 1925

De Reformatie | 4 Pagina's

PERS-SCHOUW.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 september 1925

De Reformatie | 4 Pagina's