GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

VAKWETENSCHAP EN PRAKTIJK

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

VAKWETENSCHAP EN PRAKTIJK

6 minuten leestijd

De beteekenis van de Prot. Ghr. Gentrales en Vakorganisaties van patroons voor het kerkelijk, politiek en maatschappelijk leven in ons vaderland-

II.

De miskenning ran de beteekenis.

De practische inleiding, welke aan dit artikel is vooraf gegaan, moge den welwillenden lezer dezer artikelen gesteld hebben midden in de practijk van het vraagstuk, dat wij behandelen. Het is immers de zeer verschillende beoordeeling van de beteekenis der Christelijke patroonsorganisatie, die meermalen terecht doet vermoeden, dat die beteekenis in onzen eigen Christelijken kring wordt miskend, althans niet in voldoende mate wordt beseft.

Wie nota neemt van de beteekenis, die anderen, niet tot onzen levenskring behoorende autoriteiten, toekennen aan de Prot. Chr. Patroonsorganisatie i), moet zich daarover verwonderen, en stelt zich de vraag, hoe het mogelijk is, dat in den eigen Christelijken kring zoowel talrijke Christelijke patroons als vooraanstaande leiders op kerkelijk, politiek, sociaal en economisch terrein uiterst gematigd staan in hun opvatting omtrent de beteekenis dezer Christelijke patroonsorganisaties.

Hoewel vaak zeer oppervlakkig, toch is men het over de beteekenis van de Christelijke vakorganisatie van arbeiders in onze kringen meer eens. Men denkt terug aan 1918, toen het revolutiegevaar dreigde. Toen was onze Christelijke arbeidersbeweging immers een bolwerk van beteekenis ter bestrijding der revolutiegolf. En ook in de toekomst zal ze dit zeker blijven. Onze Christelijke arbeidersorganisatie dient dus versterkt, al was het alleen maar daarom. Niemand in onze Christelijke kringen, die zich daartegen verzetten zal.

Maar de organisatie van Christelijke patroons? Och, patroons maken immers geen revolutie, en deswege is de belangstelling slechts matig en het niet-begrijpen der doelstelling veelsoortig.

Natuurlijk ontkennen wij niet, dat meermalen door vooraanstaande figuren in onze Christelijksociale beweging en ook door onze Christelijke pers gewezen is op de groote beteekenis der Christelijke patroonsorganisatie, met dankbaarheid moet dit zeker worden vermeld, maar nog steeds blijkt in breeden kring een ontstellend gemis aan besef van de primaire beteekenis dezer organisaties voor ons volksleven aanwezig te zijn. Mede daaruit is het te verklaren, dat zeer onlangs het Comité van samenwerking der drie Prot. Chr. Patroonscentrales in Nederland, saamgesteld uit den Christelijken Boeren- en Tuindersbond, den Christelijken Middenstandsbond en het Christelijk Werkgeversverbond, zich gedrongen voelde in een schrijven tot het Centraal Comité van A. R. Kiesvereenigingen in Nederland en tot het Hoofdbestuur van de Chr. Hist. Unie op te merken, dat zij nu ongeveer twintig jaar arbeiden aan de organisatie van Chr. patroons in Nederland, en hoewel dankbaar voor hetgeen reeds verkregen werd, toch moesten constateeren, dat talrijke Christen-patroons aangesloten blijven bij de z.g. neutrale (in wezen vaak „liberale") organisaties, zonder dat de noodzaak daartoe dringt, terwijl de Christelijke organisaties hun hulp en steun zoo dringend behoeven. Als een van de vermoedelijke redenen van dezen misstand werd genoemd hel feit, dat zij, die zich met andere deelen van onzen Christelijken arbeid bezig houden, onvoldoende inzien het belang en de principiëele beteekenis van onze Christelijke patroonsorganisaties. Met klem werd er op gewezen, dat het voor ons geloovig volksdeel niet is"" te verstaan, dat men mannen brengt op plaatsen, die hen aanzien en invloed geven, om dan te zien dat deze aldus verkregen invloed soms wordt aangewend legen een ander deel van onze Christelijke actie, i.e. tegen de Christelijke patroonsorganisatie.

Ook tot de Jongelingsbonden richtten zich de drie Christelijke Patroonscenlrales. Deze werden er op gewezen, dat men in Prot. Chr. kring ijvert voor Chr. onderwijs, Chr. politiek, Chr. pers, Chr. radio-omroep, Chr. barmhartigheidsinstellingen. Evenzoo voor Chr. arbeidersorganisatie, doch de wonderlijke inconsequentie begaat, dat men zich daarnaast voorstander betoont van neutrale organisatie wanneer hel de ondernemingen of het bedrijfsleven betreft. Onze Chr. jeugd werd gevraagd, door dege bestudeering aandacht te willen schenken aan de Chr. organisatiegedachte op maatschappelijk terrein, opdat het geheele terrein van het leven gelijkelijk en in verband met elkaar wordt aangegrepen door het Chr. organisatieleven, en geen deel, wellicht het allerbelangrijkste deel, daarvan verloren gaat. ^) Gewezen werd ook op het verbazingwekkende van een dergelijke houding, wijl toch juist in onze dagen op maatschappelijk terrein de hoofdstrijd der geesten wordt gestreden en afdwalingen op kerkelijk en politiek terrein veelal haar grond vinden in foutieve beginselen of opvattingen op maatschappelijk terrein.

Een tweede bewijs.

Zoowel aan het Centraal Comité van A. R. Kiesvereenigingen als aan het Bestuur der Chr. Hist. Unie is ten vorigen jare door daartoe benoemde commissies rapport uitgebracht over een zeer belangrijk onderwerp in verband met de organisatie der maatschappij, n.l. over ordening van het bedrijfsleven.

Wie verwacht zou hebben, dat deze rapporten een warme aanbeveling zouden bevatten voor versterking en uitbouw der Christelijke maatschappelijke organisaties van patroons en arbeiders, komt bedrogen uit.

Zonder te vervallen in de fout der S.D.A.P. om politiek en vakbeweging te vereenzelvigen, kan toch niet worden ontkend, dat met erkenning van de zelfstandigheid der politieke zoowel als der maatschappelijke organisaties bij de behandeling door Prot. Chr. politieke organisaties van een vraagstuk, dat zoo nauw het maatschappelijke leven raakt, op de primaire taak der Prol. Chr. maatschappelijke organisaties (zoowel van patroons als van arbeiders) in het bizonder diende gewezen, dit te meer, waar in een der rapporten het begin eener conclusie luidt: „Bij het nemen der ordeningsmaatregelen moeten de beginselen van Gods Woord richtsnoer zijn." ^)

Wanneer immers aan een propageering van de in beide rapporten bepleite beginselen zich niet zou paren een breedere ontwikkeling speciaal der Christelijke organisatie van patroons, zaj, van toepassing dezer beginselen in ons maatschappelijk en politiek leven bitter weinig terecht komen, en gelijk de opvattingen, die in de Christelijke maatschappelijke organisaties naar boven komen, dikwijls weerklank en uitwerking vinden in de Christelijke politieke organisaties en de belangrijkheid dezer organisaties bepleiten en met name noemen, zoo ook dienen omgekeerd de Christelijke politieke organisaties de belangrijkheid der Christelijke maatschappelijke organisaties in breeder en juister licht te plaatsen en deze ook met name te noemen. Wie dit nalaat, miskent de beteekenis van de laatste, al is dit, wat wij stellig gelooven, in dit geval onbedoeld.

Onze Christelijke actie op allerlei terrein, niet het minst op het maatschappelijk levensterrein, heeft thans minder behoefte aan algemeene termen dan wel aan concretiseering.*)


1) Zie o.m. „Organisatorische verhoudingen tusschen werkgevers en werknemers", door Dr Ir. B. Bölger (uitg. Tjeenk Willink te Haarlem, 1929) blz. 18, waar op de belangrijkheid der C. W. V. wordt gewezen als „getuigende" organisatie.

2) Van den Ned. Bond van Jongelingsver. op Geref. Grondslag ontving het Comité reeds bericht, dat bij de samenstelling der leiddraden voor maatschappelijke onderwerpen aan de beteekenis der Chr. patroonsorganisatie aandacht zal worden geschonken.

3) Rapport inzake ordening van het bedrijfsleven (Centraal Comité van A. R. Kiesvereenigingen) conclusie II.

4) Op pag. 11 van het rapport uitgebracht aan het hoofdbestuur der Chr. Hist. Unie leest men o.m. onder het hoofd „Groei van het Organisatiewezen": „Mede moeten hier genoemd worden de vakvereenigingen van werkgevers en werknemers, wier werkzaamheid in belangrijke mate de heerschappij van het economisch individualisme heeft ondermijnd".

Waarom, zoo vragen wij, noemt men hier niet CON­ CREET met name de Christelijke patroons- en arbeidersorganisaties? Van talrijke „neutrale" of liberale patroonsorganisaties heeft men in deze NIETS te verwachten. Integendeel, hun optreden tegen allerlei sociale en economische wetgeving in den laatsten tijd geeft daarvan sprekende voorbeelden.

Waarom toch dit gepraat „in de ruimte"? Waarom niet CONCREET?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 januari 1938

De Reformatie | 8 Pagina's

VAKWETENSCHAP EN PRAKTIJK

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 januari 1938

De Reformatie | 8 Pagina's