GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

De wijze in Israël - pagina 12

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De wijze in Israël - pagina 12

Rede ter gelegenheid van de zesenzeventigste herdenking van de stichting der Vrije Universiteit

3 minuten leestijd

wordt uitgesproken, als Jesaja namens Jahwe zegt: „Louter dwazen ('ëwïlïm) zijn de vorsten van Zoan, de wijste raadslieden van Farao — een domme raad. Hoe kunt gij tot Farao zeggen: Ik ben een wijze, een zoon der koningen uit de voortijd? W a a r zijn zij dan, uw wijzen? Laten zij het u toch bekend maken, opdat men wete wat Jahwe der heerscharen over Egypte besloten heeft" (Jes. 19 : 11, 12) ^^). De wijzen zijn hier de raadgevers van de koning, zoals David Husai en Achitofel tot raadgevers had (II Sam. 15 : 12, 32—37; 16 : 15—23; 17 : 1—23) ^''). Dat de wijsheid in het bijzonder aan koningen wordt toegeschreven, is in het oude Oosten vanzelfsprekend. Denk maar aan wat de wijze vrouw uit Tekoa tot David zegt: „mijn heer is zo wijs als de wijsheid van een engel Gods: hij weet alles wat op aarde geschiedt" (II Sam. 14 : 20). Wij hebben hier weer de gedachte, dat de wijsheid van boven komt, zoals ook van Achitofel staat, dat zijn raad even zwaar woog als wanneer men een woord Gods gevraagd had (II Sam. 16 : 2 3 ) " ) . Zowel Babylonische als Assyrische koningen beroemen zich in hun inscripties op hun wijsheid"). Om echter op de wijsheid van Egypte terug te komen — het zegt wel wat, dat van de wijsheid van Salomo wordt meegedeeld, dat zij groter was dan die van allen uit het Oosten, en dan al de wijsheid van Egypte (I Kon. 5 : 10 = SV: 4 : 30). Hoe verleidelijk het zou zijn, lang bij Salomo stil te staan en volle aandacht te besteden aan de door Alt gelanceerde hypothese, dat Salomo de in Babel en Egypte aangetroffen „Listenwissenschaft", de dorre opsommingen van allerlei wetenswaardigheden in lijsten van encyclopaedische inhoud, in zijn spreuken en liederen een totaal ander karakter gegeven heeft en dat daarin zijn aandeel in de internationale concurrentie op het gebied der wijsheid bestond, wij moeten ons houden aan ons onderwerp *®). En dan constateren wij, dat koning Salomo wijs was, maar niet een wijze van beroep. Wel moeten wij er op letten, dat Eissfeldt in verband met deze mededelingen over Salomo terecht de opmerking maakt, dat het in het Oude Testament niet geheel ontbreekt aan drang naar echte wetenschap ^°). Ook is juist bij Salomo de wijsheid duidelijk een gave van Jahwe en stelt zij hem in staat in de rechtspraak de juiste beslissingen te nemen (cf. I Kon. 3). Geen wonder, dat zijn naam aan het boek der Spreuken is verbonden, al zijn daarin niet alle spreuken van zijn hand, maar slechts twee bundels (10 : 1— 22 : 16 en 25 : 1—29 : 27) ^^). Wanneer hij wijzer wordt genoemd dan de Ezrahiet Ethan en Heman en Kalkol en Darda, de zonen van Mahol (I Kon. 5 : 1 1 = SV: 4 : 31), dan weten wij helaas van 10

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 22 oktober 1956

Rectorale redes | 28 Pagina's

De wijze in Israël - pagina 12

Bekijk de hele uitgave van maandag 22 oktober 1956

Rectorale redes | 28 Pagina's