Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

UIT HET POLITIEKE EN SOCIALE LEVEN

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie

UIT HET POLITIEKE EN SOCIALE LEVEN

8 minuten leestijd

Christendom en Economie.

I.

Onder den titel „Christianity and Economics" heeft Lord Stamp een boekje geschreven, dat alleszins aandacht verdient.

Het aantal geschriften, dat'zich met de verhoulüng van Cliristelijke religie tot het eoonomischo leven bezig houdt, is eigenlijk niet zoo heel gering. Jloii hoort dikwijls klagen over het gemis aan principiëele voorlichting — klachten, die niet heeleniaal ongegrond zijn •— maar het blijkt dat veel van wat in het verleden gepubliceerd is, niet die belangstelling heeft gekregen, welke verwacht kon worden. Voor dat gebrek aan interesse zijn verklaringen te geven (die er op het oogenblik weinig toe doen); feit is echter, dat iemand, die zich ernstig bezig zou houden met het verzamelen van litteratimr als lüdr bedoeld, geruimen tijd noodig zou hebben. En tevens zou blijjien, dat die httetraluur belangrijke gegevens voor dien tegenwoordigen tijd zou bevatten.

\Xo zijn maar al te spoedig geneigd — de razend snelle ontwikkeling van het economische leven, de geweldige veranderingen, die zich opi dat terrein liebben voltrokken, de enorme moeilijkheden waarvoor we staan, zijn daar mede de oorzaak van — van 'te voren geschriften uit het verleden^ zelfs uit het recente verleden., als verouderd te beschouwen; al voordat zij gelezen zijn. Welnu, dat is verkeerd. Kuyper's en Sikkel's sociale geschriften zijn niet verouderd, wel — helaas — bij velen onbekend. De beroemde rede van Kuyper op het eerste Christelijke Sociale Congres (1891) is ook voor deze dagen, juist voor deze dagen, van groote waarde. En zooi zouden we door kunnen gaan. Wie kent Georg Wimsch's „Evangelische Wiirtschaftselhik"? Zeker, dit werk gaat van geheel andere beginselen uit dan de onze; de schrijlve'r is (of was? ) Marxist, „religieus-mairxist". Maar het is nog altijd de moeite van ernstige studie waard. In ieder geval had het een prikkel kunnen vormen om de problemen, die deze schrijiver stelt en uitwerkt, critisch te onderzoeken. Dat is veel te weinig geschied. Ondanks de behoeftie en de begeerte naar principiëele studies op het gebied der economie.

Die begeerte, welke thans sterk leeft, is weer oorzaak, dat elk werk, dat in dezen tijid verschijnt en zich met de relatie tusschen de Christelij'ke beginselen en het moderne stoffelijke leven bezighoudt, met blijdschap wordt begroet. Vandaar, dat we voor het boekje van Sir Josiah' Stamp, nu Lord Stamp, aandacht meenen te mogen vragen. Het is het lezen inderdaad waard! Misschien is het goed, om eerst de hoofdstukken te noemen, waarin het werk verdeeld is.

Na een inleiding en een voorwoord, krijgen wij een uiteenzetting van de methoden om het probleem, dat Lord Stamp stelt, te benaderen. Vervolgens (hoofdstuk II) een beschouwing over den economischen achtergrond van de Christelijke onderwijzing. Daai'na over de prediking van Jezus Christus tot de menschen van zijn tijd (III); over de verhouding van de Christelijke leer tot het economisch leven in het verleden (IV); oiver de fundamenteele Christelijke principes (V); over de houding van de Kerk in den tegenwoordigen tijid (VI), en tenslotte een hoofdstuk, dat algemeen© beschouwingen en conclusies geeft (VII).

In de inleiding (die van de hand van Rufus M. Jones is, de hoofdredacteur van een serie werken, "waarin ook dat van Lord Stamp een plaats gevonden heeft) wordt gezegd, dat het boekje „Christianity and Economics" de innige relatie tusschen Christelijke idealen en de economische orde behandelt. Dat is, zegt Jones, een moeilijk en doornig onderwerp, vol verraderlijke hindernissen en gevaren, vol moeilijkheden, die overwonnen moeten worden. Er zijn, luidt het, opj het oogenblik niet veel menschen, die hun weg door wildernissen van dezen tijd kunnen vinden en uit dezen chaos komen met een duidelijke, krachtige en wijze boodschap, idie ons tot richtsnoer kan dienen. Jones meent, dat Lord Stamp een van die menschen is. Aanstonds waarschuwt de inleider de lezers, dat het boekje, hetwelk hij introdüoeert, niet bedoeld IS als een panacee voor onze kwalen. Het zal degenen, die van „patente geneesmiddelen" houden, teleurstellen. De hoofdverdienste is de klaire uiteenzetting van het probleem en de gezonde wijze van behandeling. Deze^nsüge kenmerken blijken, lezen we, uit de voorloopige conclusies, waartoe «e schrijver komt. Het is goed om die conclusies DU reeds te vermelden; zij. geven ons aanleidüig Offl daarover eenige opmerkingen te maken.

1. De prediking van Christus, aldus Lord Stamp, heeft voornamelijk een geestelijke en geen econofliische strekking. Zijn economische uiteenzettingen nadden betrekking op de omstandigheden van Zijn eigen tijd, die geheel verschillend zijn van die van onze dagen. Dat alleen al maakt het moeilijk, ze letterlijk op de wereld van heden toe te passen.

2. Pogingen om aan de letter der Heilige Schrift richtsnoeren voor ons economisch handelen te ontleenen, hebben, in het algemeen gesproken, gefaald.

3. De Heilige Schrift schrijft geen enkelen bijzonderen vorm van economische of politieke samenleving voor, of een bijzonder plan voor het economische leven. Zij toont zelfs geen voiorkeur.

4. De Christelijke stuwkracht tot zedelijke verbetering der wereld is zQer groot geweest. Het is zeker, dat de Westersche beschavüig vooral door de Christelijke opvattingen van barmhal-ügheid en gerechtigheid, en over de afzonderlijke rechten van de individueele ziel werd geleid

Deze conclusies worden voorts ondersteund door de opvatlmg, dat de voornaamste taak van het Christendom niet is het ontwerpen en uitwerken van schema's en programma's om maatschappelijke systemen te' veranderen, die door onveranderde mensclien bestuurd worden, maar dat het de menschen moet vernieuwen: nieuwe menschen moet en wil scheppen, die de begeerde sociale orde nader zullen brengen. Goede harten kunnen wel niet de plaats van goede hoofden innemen, maar de goede harten kunnen het aan goede hoofden mogelijk maken den weg naar het goede leven te vinden.

Zoo ongeveer meent de inleider de strekking van het boekje van Lord Stamp te kunnen samen'vatten.

Alvorens den inhoud van „Christianity and Eco^ nomics" meer gedetailleerd te bespreken, is het wellicht wenschelijk, eenige opmerldngen over de weergegeven samenvatting en haar basis te maken.

De conclusies, waartoe Lord Stampi komt, worden ook hier meermalen vemomen. Het zou weinig moeite kosten deze als karakteristieke uitingen van zekere geestesstroomingen nader aan te wijzen.

Ze bevatten, zooals dat gewoonlijk genoemd wordt, een kern van waarheid. Maar waarheid zijn zo niet; althans is op sommige van die conclusies wel het één en ander aan te merken.

Dat geldt ook voor de twee eerste; het is echter beter, een bespreking daarvan uit te stellen tot de behandeling van de hoofdstukken, waarin zij geimotiveerd worden.

Bepalen wij ons eerst tot de derde conclusie. Neen, de Bijbel is geen staatkundige grondwet en ook niet een verzameling van wetten, die het bedrijfsleven regelen. Maar het zou geheel verkeerd zijn te meenen, dat de Schrift aan den mensch volkomen vrijheid laat, of dat iedere bijzondere vonn geoorloofd is. De Schrift wij'st het machtsmisbruik af, eischt dat de mensch als schepsel Gods erkend wordt, veroordeelt het kwaad, dat zich ook in het economisch leven openbaart. De Schrift eischt broederschap en schvildbelijdenis, naastenliefde en gehoorzaamheid. Wie dat erkent, zal zeker besluiten, dat bepaalde vormen der samenleving in strijd zijn met het Woord, dat dit inderdaad bindende voorschriften geeft. En dat de „vrijheid", die dikwijls geëischt wordt, niets anders beteekent dan een weigering om zich aan die voorschriften te onderwerpen. Zoolang als de vormende factor in het economisch leven voornamelijk een „onstuimigen drang tot daden" (of hoe men dien moge formuleeren) wordt aanvaard — die alles als verwerpelijke hmdernis beschouwt, wat hem op een gegeven oogenblik weerhoudt voort te gaan — zal van een gehoorzaam onderwerpen aan de elementaire beginselen der Schrift geen sprake zijn. Het beroep op de conclusie als door Lord Stamp geformuleerd, is in den regel het krachtigst, wanneer men de eischen der Schrift op den voorgrond plaatst, en toepassing daarvan begeert. Want dan komt 't verzet; 't verzet, dat door een wonderlijk© wending n.b. op de Schrift wil steunen, terwijl het in wezen niets anders beteekent dan een verwerping van haar gezag.

Biedenkingen moeten ook nu reeds worden ingebracht tegen de stelling, dat de voornaamste taak van het Christendom niet is het ontwerpen en uitwerken van programma's vo'or veranderingen in het maatschappelijk stelsel, maar veeleer het „veranderen" der menschen. „Het Christendom" — de Chr. godsdienst — kan natuurlijk geen maatschappelijke stelsels bouwen; de Christenheid uit den aard der zaak wel. En zij heeft dat gedaan, zoolang de Christelijke volkeren bestaan; zij heeft voortdurend schema's en programma's ontworpen; zij heeft invloed op de wetgeving uitgeoefend. Of zij daarbij altijd aan haar beginselen trouw bleef, is een andere vraag. Hiet feit van haar' voortdurende werkzaamheid staat echter vast. En zoo zullen ook de „veranderde menschen", waarvan de inleider spreekt, werkzaam zijn, bouwen aan het maatschappelijk stelsel. En de „goede hoofden", die de hulp der „goede harten" mogen genieten bij het zoeken van de wegen naar het „goede leven", zullen als vanzelf samenwerking begeeren, gemeenschappelijk de taak willen aanvaarden. Hoeveel belangrijks't individu ook in eigen omgeving kan verrichten, de maatschappelijke vraagstukken, de problemen die de samenleving betreffen, kunnen alleen door samenwerking tot oplossing worden gebracht. Zoodat hier inderdaad een taak voor „het Christendom", „de Christenheid" is weggelegd; deze taak is één der voornaamste.

Dat blijkt vooral in deze dagen, die over^duidelijk aantoonen, dat de volkeren slechts door een gemeenschappelijk erkemien van Gods machi tot coöperatie kunnen worden gebracht. Die overduidelijk laten zien, dat een „eenheid", welke op stoffelijke en polilieke belangen berust, geen werkelijke eenheid is.

We laten het ditmaal bij deze voorloopige opn merkingen. Den volgenden keer hopen we met de bespreking van het boekje van Lord Stamp zelf te beginnen. Een boekje, waarvan de inleider zegt, dat de lezer goed zal doen het te „kauwen en te verteren", en het dan misschien zal „opnemen in het kostbare bloed van een versterkt circulatiesysteem in zijn lichaam".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juli 1939

De Reformatie | 8 Pagina's

UIT HET POLITIEKE EN SOCIALE LEVEN

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juli 1939

De Reformatie | 8 Pagina's

PDF Bekijken