Vu cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Vu te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Vu.

Bekijk het origineel

De bronnen van het privaatrecht - pagina 22

Bekijk het origineel

PDF Bekijken
+ Meer informatie
Print this document

De bronnen van het privaatrecht - pagina 22

Rede gehouden bij de overdracht van het rectoraat der Vrije Universiteit

2 minuten leestijd

20 schuldbrieven aan toonder recht van hypotheek wordt toegekend op de onroerende goederen van de vennootschap-schuldenaar. O p een ander verschijnsel van denzelfden aard vestigde Scholten dezen zomer de aandacht, namelijk het in de practijk veelvuldig voorkomend tijdelijk ontslag uit de hypothecaire inschrijving. Art. 1506 lid 1 en 2 B. W . zijn Overheidsrecht, maar wie stoort er zich aan, zonder dat men in ernst het recht geschonden acht? Onze verouderde bepalingen op de levensverzekering zijn alweer zeer zeker Overheidsrecht, en heeft niet het gewoonterecht der practijk in meer dan één punt in ongeveer lijnrecht tegenovergestelde richting zich ontwikkeld? En zoo zoude ik gemakkelijk kunnen doorgaan, om aan te toonen, dat een welgevestigd gewoonterecht ondanks alle verzet der wet voor ons rechtsbewustzijn behoort te derogeeren aan het materieele Overheidsrecht. In den regel zal het vooral door invloed der rechtspraak, waarover zoo aanstonds, in het volksrecht worden opgenomen. Maar in die gevallen, waarin zulks niet geschiedt, zal de gewoonte, dat is het volksrecht, moeten praevaleeren. Art. 5 A. B. is dan ook een legislatieve misgreep, niet minder dan art. 3. Het is in den volstrekt algemeenen zin, waarin het daar staat, een groot woord, meer niet. Dat buiten dit alles het levend volksrecht zelf het gecodificeerde volksrecht zoowel als het Overheidsrecht voortdurend aanvult, ook al niet precies in harmonie met art. 3 A. B., laat ik verder ter zijde. Men legge eens ons wettelijk verkeersrecht naast het werkelijk geldende, men denke eens aan ons zeerecht, het reglement van den Effecten-handel en zooveel meer, en ieder zal toegeven, dat het stelsel onzer wet met haar „Allgesetzlichkeit" een zuivere fictie is, maar een fictie, die vaak nog maar al te zeer haar verderfelijke gevolgen doet gevoelen. Andere wetboeken zijn ons voorgegaan om in dezen de juiste verhouding tusschen Overheidsrecht en volksrecht te herstellen, het is wenschelijk, dat ook ten onzent de wet met de werkelijkheid zal worden in overeenstemming gebracht. Thans de derde vraag: de verhouding van den rechter tegenover

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1913

Rectorale redes | 48 Pagina's

De bronnen van het privaatrecht - pagina 22

Bekijk de hele uitgave van maandag 20 oktober 1913

Rectorale redes | 48 Pagina's

PDF Bekijken