GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

LITERATUUR KUNST

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

LITERATUUR KUNST

8 minuten leestijd

Arthur van Scbendel, De Waterman.

Tot de vragen over boeken, die in de artikelenreeks van de laatste weken aan de orde zijn geweest, behoort er nog een, die ik gaarne in deze serie betrekken wil. Het afdoen van enkele andere, die mij later hebben bereikt, volgt dan D.V. pa de bespreking van intusschen nieuw-ingekomen boeken.

De bedoelde vraag betreft het boek van Arthur van Schendel „De Waterman". Ze raakt eigenlijk twee punten, die ik dnidelijkheidshalve aldus meen te kunnen formuleeren: „Wat heeft de Auteur met dit boek bedoeld" en „is de sectarische stroomiug, die een van de belangrijke elementen is van den roman, een historische, dan wel een , door den Schrijver verdichte"?

Ten aanzien van het eerste punt komen we m.i. verder, als we de plaats van het boek in het geheel van Van Schendels werkzaamheid bepalen. En dan lijkt mij die plaats deze, dat eenerzijds „De Waterman"" is de pendant van „Het Fregatschip Johanna Maria", want de droomende zwerver is weer hoofdfiguur en water en wijde hemel zijn weer het decor. Aan den anderen kant echter grijpt de roman terug op Van Schendels vroegere werk, dat steeds op den gi-ondslag van historische verbeelding is gebouwd: Maarten Rossaert, de Waterman, leeft in den tijd van de Fransche overheersching, bij het begin van de vorige eeuw. Het zijn dus de bekende elementen van de Van Schendel-literatuur, die de architectuur van dit boek vormen en ze zijn weer aangewend op die rustige, klare wijze, die het kunstenaarschap van dezen auteur vóór alles kenmerken. De plaats van het boek in het geheel van het breede oeuvre van den Auteur is daarom die van samenbinding der componeerende bestanddeelen en daarin ligt — het is in 't verloop van deze artikelenreeks een en, andermaal opgemerkt- — een belangrijk waardeelement.

De bepaling van deze plaats brengt ons nader bij de bedoeling van den roman.

Evenals „Het Fregatschap Johanna Maria" is „De Waterman" winst- en verliesrekening van het leven *), levensphilosophie op de basis van levensverhaal. En ook inzooverre wordt de lijn van dat boek voortgezet, dat ook hier het ietwat vage en abstracte van vroeger werk (men denke b.v. aan „Een Zwerver verliefd" e.d.) heeft plaats gemaakt voor een duidelijk realisme, een werkelijkheid, die aan het algemeen-menschelijke ontspruit en daarom van en voor alle tijden is.

In het begin van het verhaal wordt verteld, hoe Maarten Rossaert er getuige van is, op pen winternamiddag, als hij dwaalt over de uiterwaard van de Merwede, dat een Fransche douanier, die op post slaat voor de schans, wordt doodgeschoïten en het lijk in de rivier wordt geworpen. Dat tooneel, door den jongen van vlakbij gezien, maakt een onverwoestbaren indruk op hem. Het geheim, dat (Je rivier verbergt, is zijn geheim geworden en de verandering, die daardoor zich jn hem voltrekt, is groot. Daarbij komt dat hij in voortdurend conflict leefde met zijn omgeving, door zijn starre onverzettelijkheid en wonderlijke geslotenheid. Voortaan is hij een voor ieder onbegrijpelijke, die het goede, dat men met hem voor heeft, niet ziet of niet zien wil. De lezer, die de ontwikkeling van den jongen meemaakt, begrijpt hem beter. Die verstaat, dat de diep-iukervendo iP.rvaringen, die na den moordavond in korte opvolgingen zich aan den jongen opdoen (hij heeft ))ij een zwaren ijsgang zijn moeder voor z'n oogen zien verdrinken, heeft de verschrikkingen van een cholera-epidemie en een bombardement mee doorleefd) een crisis bij hem teweegbrengen en dat hij daardoor is de eenzame doolaard, de zwerver, die geen rust vinden kan, in onvrede met zijn familie en mislukt in een veelbelovende carrière. Nadat hij als dijkwerker een tijdlang gezwoegd heeft in de uiterwaarden (spelende kinderen hebben hem tijdens dat werken den naam van „De Waterman" gegeven) wordt hij schipper. En dan zwerft hij rond op de Hollandsche wateren, eerst met zijn vrouw, later, als het verdrinken van hun eenig kind haar naar den vasten wal heeft doen vluchten, alleen, slechts vergezeld van. zijn trouwen hond.

Voor een deel heeft zijn onvrede een socialen inslag — hij heeft zich niet kunnen schikken in het gareel, waar men hem in spannen wilde — maar vooral is ze geestelijk van karakter. De streng-orthodoxe sfeer van zijn ouderlijk huis heeft hem met wrevel vervuld en de moeilijkheden, die aan een huwelijk met een Roomsch meisje in den weg iStonden — moeilijkheden, die hij intusschen heeft genegeerd, door er welbewust overlieen te stappen — ; zijn oorzaak geworden, dat hij zich geheel .van de godsdienstige begrippen van zijn opvoeding heeft afgekeerd. Hjj voegt zich, als hij met den turfschipper Wuddink in aanraking is gekomen, bij een soort van ideëelcommunistische secte, die omtrent ibezit, huwelijk, arbeid, allerlei zonderlinge opvattingen is toegedaan, geraakt daardoor in de beproevingen van vervolging, gevangenschap, executieven verkoop van zijn schip, en in vele andere zware zorgen. Dat alles brengt hem |in geestelijke verwikkelingen, waarin zijn droomersnatuur verstrikt raakt. De vraagstukken van gevve.ensv. ijheid, weerloosheid, plicht en zede, recht en onredit, godsbestuur en vaderliefde, worden hem donkere problemen, die hem geen uitzicht meer laten Als zijn vrouw is gestorven, laat hij zich wegzinken in het water, 't eenig vertrouwde, dat hem is gebleven.

Met de fijnheid, die Van Schendel eigen is, js het gegeven bewerkt, en de zuiverheid, waarmee de gemoedsgesteldheid van den Waterman is ge-

peild, maakt het boek diep-menschelijk en warm. Daarbij heeft de stijl een klaarheid en de beelding oen. beheersching, is de .conceptie evenwichtig en de waarneming scherp, dal het als een kunstwerk van grooto literaire waarde js gestempeld. En dan is vooral ook een verdienste, dat het boek zoo door en door Hollandsch is, dragend, gelijk indertijd een rticensent schreef v„al de kenmerken van . den HoUandschen volksaard: eenvoud en soberheid, vroomheid en liefde voor den gebaortcgi-ond. De beschrijving van het HoUandsche landschap en do HoUandsche rivieren, beurtelings , bij kalm zomerweer en bij watersnood, is in haar sober- , heid te welsprekender. Van Schendel ziet Holland als weinigen het zien."

Heel duidelijk — en hier kom ik terug op het eerste punt van de vraag, die tot dit artikel aanleiding is - is derhalve, dat Van Schendel ook ia dit- boek .weer opmaakt de winst- en verliesrekening van het leven, ^anders gesteld, maar in wezen precies gelijk aan de besomming, die hij in „Het Fregalschip Johanna Maria" daarvan gaf. Maar daarmee zijn er ook dezelfde bezwaren, die aan een ten volle waai-dceren in den weg staan. Want ook hier komt de winst- en verliesrekening op een deficit uit. De uitkomst van deze levensphilosophie is die van armoede, van volstrekt gemis aan ecnigen blijvenden steun, eenige wezenlijke kracht. Het uilzicht-looze, donkere, verlatene van den geslingerden zoeker, , dat hem in zelfmoord doel eindigen — de ensceneering daarvan is zoo, dat men den opzet nauwelijks merkt — is consequentie van de inneiiijke conflicten, die hem hebben verteerd, omdat hij zich in Iwijfelzuchl afwendde en eigen wegen ging. De.Schrijver echter legt de oorzaak in de problemen, waarop hij gestuil is en in de omstandigheden, die deze problemen tot benauwingen hebben gemaakt. In dit laatste is het boek geheet een vrucht van dezen tijd, want die geesteshouding heeft de signatuur van het moderne denken, dat de moeilijkheden van elhisch-religieuzen aard, waar het voor blijft slaan, irrationeel verklaart, en de oorzaak van alle levensproblemen. Maar daarin is het óók een boek, dat een christen niet kan waardeeren, al ziet en erkent hij de superieure qualiteiten die het heeft als literaire schepping.

Wat betreft het tweede punt, dat in de vraag besloten ligt, of n.l. de sectarische strooming, die geleekend, uitvoerig geteekend, wordt in haar ideeën en practijken, een historische dan wel een verdichte is, kan geantwoord worden, dat historie daarin met verdichting verweven is. Het sectarisch bewegen alszoodanig is historisch: 'lis dat van de z.g. Zwijndrechtsche Nieuwlichters, een merkwaardige en veelszins nobele gemeenschap, die aan haar tijd ver vooruit was en daarom niet werd verstaan. De gedenkschriften van 'Maria Leer, die — ik meen in 1892 — zijn uitgegeven door iemandj die zich D. N. Anagrapheus noemde, bevatten allerlei materiaal, dat voor de kennis van deze strooming van beteekenis is. Blijkbaar heeft Van Schendel Anagrapheus' boek bestudeerd. Verwantschap daarmee is in zijn Waterman-beschrijvingen althans duideUjk op te merken .: en de figuur van schipper Wiuddink herinnert 'sterk aan die van Stoffel .Muller, het hoofd van de Nieuwlichters. Aan den anderen kant echter zijn er zoodanige afwijkingen in het beeld, dat hij geeft van de ]> eweging, afwijkingen, die geheel liggen in de psychische gesteldheid van den Waterman, dat de onderstelling grond heeft, dat verdichting met de historische feiten verweven is. Dat neemt echter geenszins weg, dat men uit den roman een tamelijk wel beü-ouwbaar beeld zich vormen kan van wat de secte der Nieuwlichters is geweest. Want Van Schendels verdichting is hier, zooals altijd, op de basis van het historische ontwikkeld.


1) De belangstellende lezer vindt dit aangetoond in mijn „Tienjaren-Oogst", pag. 79 vigg. In 't bijzonder zou ik den steller van de thans behandelde vragen naar die bladzijden willen verwijzen. Ze geven antwoord op andere punten in zijn brief, die ik daarom nu voorbijga. • ,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 februari 1935

De Reformatie | 8 Pagina's

LITERATUUR KUNST

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 8 februari 1935

De Reformatie | 8 Pagina's