GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

De wijze in Israël - pagina 14

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De wijze in Israël - pagina 14

Rede ter gelegenheid van de zesenzeventigste herdenking van de stichting der Vrije Universiteit

3 minuten leestijd

Pfeiffer doet in zijn Introduction to the Old Testament ), waarin grote stukken van de Pentateuch onder de „wijsheid" hun plaats krijgen. Het Oude Testament kent ook aan Edom wijsheid en wijzen toe. De profeet Jeremia moet namens Jahwe Sebaöt vragen: „Is er geen wijsheid meer in Teman, is voor de verstandigen de raad verdwenen, heeft hun wijsheid zich verborgen?" (Jer. 49 : 7). En Obadja bevat de vraag: „Zal Ik niet te dien dage, luidt het woord van Jahwe, de wijzen uit Edom doen vergaan, en het inzicht uit het gebergte van Esau?" (vs 8). Ook hier is de vraag, of de wijzen een aparte stand vormden niet gemakkelijk te beantwoorden. Wel krijgen wij de indruk, dat zij met verstandige raadslieden op één lijn staan. In het boek Job komt onder Jobs vrienden Elifaz, de Temaniet, voor. Deze was dus een Edomiet^^). Maar evenmin als van Job zelf krijgen wij van hem de indruk, dat hij „wijze" was zonder meer. Job zelf immers was een rijke bezitter van vee (Job 1 : 3) en had zitting onder de rechters in de poort der stad (Job 29 : 7—25). Elifaz zelf heeft het over iets, dat de wijzen op gezag van hun vaderen, zonder het te verbergen, verkondigen, „toen aan hen alleen het land gegeven was en geen vreemdeling in hun midden verkeerde" (Job 15 : 18, 19). Hierin ligt de mededeling, dat later in het land (Edom?) de overlevering, ook de chokma, door vreemde invloeden is verbasterd^®). Dat wij hieronder Egyptische en andere invloeden moeten verstaan, is niet zeker, maar het is wel waarschijnlijk. Wij weten niet precies, waar het land Uz, de woonplaats van Job (hfdst. 1 : 1 ) lag. Van Gelderen denkt aan Aram. Anderen denken aan Edom. Pfeiffer acht het boek Job een product van Edomietische wijsheid""). Hij neemt in Genesis een bron S (van South of Seir) aan^^). Dit lijkt een overschatting van de Edomietische invloed op de vorming van het Oude Testament. Bovendien zal men, wat het boek Job betreft, onderscheid moeten maken tussen de woonplaats van de hoofdpersoon en die van de schrijver van het boek. Dat deze laatste niet een Israëliet is geweest, is onwaarschijnlijk. Het zou echter niet juist zijn, in dit verband het woord „onmogelijk" te gebruiken. Aan Arabische wijzen immers wordt het woord gegeven in het boek der Spreuken. De wijsheid van Salomo was groter dan die van allen uit het Oosten (I Kon. 5 : 10 = SV: 4 : 30). Het zesde deel van het boek der Spreuken (hfdst. 30) bevat de woorden van zulk een man uit het Oosten, Agur, de zoon van Jake, en Spr. 31 : 1—9 de woorden van Lemuel (cf. Spr. 30 : 1). Het is mogelijk, dat Agur een wijze was van beroep, maar bewijzen kunnen wij dit niet. Hij was naar 12

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 22 oktober 1956

Rectorale redes | 28 Pagina's

De wijze in Israël - pagina 14

Bekijk de hele uitgave van maandag 22 oktober 1956

Rectorale redes | 28 Pagina's