GeheugenvandeVU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van GeheugenvandeVU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van GeheugenvandeVU.

Bekijk het origineel

Gereformeerde prediking.

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gereformeerde prediking.

7 minuten leestijd

TWEEDE REEKS.

VIII.

Ook de wereld van ons denken moet in Christus vastliggen; en al ging Brakel te ver, toen hij ^den redelijken godsdienst" uit Rom. 12; I als de aanduiding van »leerstellige waarheid" verstond, toch ligt in de keuze van zijn titel wel terdege ^«V element van waarheid, dat onze religie ook het eeren en liefhebben van God ^7net heel het verstand" als onverbiddelijken eisch stelt, en deswege geen vrede kan nemen met een godsdienst van enkel gevoelige vroomheid of drukke bezige werkheiligheid.

Gevoelige vroomheid is kostelijk, en kostelijk is het evenzoo een voorstander te zijn vangoede werken, maar behalve ons hart en onze hand, hebben we ook ons hoofd van onzen God ontvangen; en daarom is onze religie dan eerst wat ze zijn moet, als ge met heel uw persoon, in heel uw verschijning, en naar al uw vermogens voor uw God ; leeft, en alzoo Hem liefhebt met de gevoelige liefde van uw hart, met de volhardende energie van uw daad, maar óók met uxv denken, en krachtens dat denken, in uw belijden.

In Gereformeerde kringen strekt het geloof niet om het hoofd te verstompen, maar veel meer om ook ons hoofd op te scherpen, en ook met ons redelijk vermogen onzen God lief te hebben en te dienen.

Uit dien hoofde gaat de predikatie scheef, indien ze dit drievoudig effect niet in schoone harmonie weet te bereiken.

Te beklagen is de gemeente, die bijna uitsluitend van de gevoelige zijde wordt aangevat, en bij wie dientengevolge het hoofd leeg en de hand slap wordt. Evenzoo is te beklagen de gemeente die door de predikatie te eenzijdig tot Christelijke tverken van practijk en van godzaligheid wordt gedreven, en bij wie dientengevolge de teederder, schuchterder werkingen en gevoelens verstompt worden, en de belijdenis bijzaak wordt.

Maar ook is de gemeente te beklagen, die door de predikatie scherp op de leer wordt gezet, maar zonder dat de gevoelige Vroomheid prikkel en leiding ontvangt, en zonder dat de slappe handen en trage knieën worden opgericht.

Op harmonie, op schoone evenredigheid, op juiste inverbandzetting komt het hier aan in de drie sferen, waarin de predikatie zich bewegen moet, en elke predikatie behoort, zal hat wel zijn, op gevoel, energie en nadenken saam in te werken, opdat ia den strijd des levens het liefhebben van God met heel ons hart, heel ons verstand en al onze krachten tot zijn recht kome.

Dit nu hangt aan geestelijken tact, aan hoogeh kunstzin, men kan dit iemand niet in vaste regels voorschrijven. Al wat onzerzijds te doen is bestaat hierin, dat we de zaak toelichten, den drievoudigen eisch dien het hier geldt duidelijk maken, en wijzen op het onderling verband en op de evenredigheden, waarin deze drie moeten voorkomen.

Doch het overige moet de predikant zelf vinden.

Vinden door den eisch helder in te zien, door de begeerte om alzoo naar eisch te werk te gaan, en door zijn God te vragen. Ook door zich aan de goede voorbeelden van anderen te oefenen, en voorts door, na de predikatie, in zijn gemeente na te gaan, of het doel bereikt is, of wel in hoever er nog iets aan hapert.

Nog is er een laatste middel, dat veel geven kan, en veel te weinig wordt aangewend, en dat bestaat in het nog eens overlezen na eenigen tijd van wat men gepredikt heeft. Vooral het overlezen van het vroeger gepredikte, als men zelf eens in tegenspoed en moeite en duisternis verkeert.

Wie in zulke oogenblikken nog eens aandachtig overleest wat hij voor een jaar of meer gepredikt heeft, fJzoo zich zelven onder zijn eigen predikatie stelt, en nu nagaat, of hetgeen hij toen schreef metterdaad de uitwerking op zijn eigen ziel heeft, dat het hem het gevoel gezond maakt, de energie prikkelt, en het bewustzijn verheldert, merkt daaraan proefondervindelijk of zijn predikatie doel treft.

Is dit nu zoo, dan was de preek goed, zoo niet, dan faalde er iets aan. En niets zoozeer als die zelfcriiiek op een vorige predikatie, strekt om ons proefondervindelijk te doen inzien, hoe we prediken moeten.

Schier elk prediker zal dan een dubbele ervaring opdoen. Eenerzijds de ervaring dat zijn predikatie hem meevalt en veel beter was dan hij, na ze pas bewerkt te hebben, vaak waande. Maar ook anderzijds, dateer allerlei leemten en gebreken in zijn, waarvoor hij op het oogenblik van de bewerking geen oog had.

Alzoo een zelfcritiek, die bemoedigt en verder helpt tegelijk.

Eén ding vooral zal op die wijs in het hcht treden, en dat is, dat de predikatiën in den regel te weinig geven, om liet opkomend geslacht ook in de wereld der gedachten van het oogenblik vast te zetten.

. In de profetieën en in de apostolische brieven vindt ge telkens de vraagstukken van den dag besproken, de worstelingen der geesten die toentertijd doorworsteld werden, de tegenstellingen die destijds aan de orde waren, de machtige problemen die in die jaren de geesten bezig hielden. En ook hiervan heeft onze huidige predikatie iets te leeren.

Zeker er zijn ook nu nog Arminianen, Sociuianen, Sabellianen, en wat ketters er meer iu het verleden optraden, en het is zaak tegen alle deze richtingen de gemeente te waarschuwen, en ze er tegen te zvapenen. Maar toch wie het daarbij laat, doet niet genoeg. Immers da grondfouten die destijds in deze ketterijen uitkwamen, werken nu wel evenzeer, maar op andere wijze, in anderen vorm, en onder anderen naam. En wat heeft de gemeente er nu aan, of ze al - ten strijde wordt opgeroepen tegen alle deze vijandige bataillons van vroeger, zoo ze niet leert inzien, ".t m."if'n en in v/at r.< . ü.ujicr, diezelfde Uiiilvyi lit Cil ketterijen zich thans aandienen.

Wie predikt heeft met hef; thans levend geslacht zoo in als buiten de kerk te doen.

Onze gemeenten moeten niet geïsoleerde oases zijn, die er in eigen kring zekere historische geleerdheid op na houden, maar ze moeten wel toegerust »met kloeke belijdenis" tegenover de dwalingen van het heden staan.

Ze mogen den strijd der geesten, die thans gestreden wordt, niet ignoreeren; iets wat trouwens toch niet baat, want ongemerkt sluipen bij uw kinderen die nieuwmodische gedachten toch in.

Daarom moeten de Dienaren des Woords hun tijd kennen, weten wat strijd er thans .is aangebonden, inzien wat stelsel van meeningen zich thans'als belijdenis der wereld tegenover de belijdenis der kerk stelt, en nu de gemeente vastzetten in haar eigen belijdenis, en wapenen om de belijdenis der wereld met goed gevolg af te weren, tegen te staan, en te bestrijden.

Dit nu is een uiterst moeilijk werk.

Want natuurlijk mag de kansel niet misbruikt, om er ta verhandelen wat in courant-aitikelen of tijdschriften thuis hoort. Ook mag de kansel er zich niet van a: fmaken met eenige groote woorden die men tegen de belijdenis der wereld slingert. En een enkele waarschuwing geeft ook niet genoeg.

En dan eerst geeft de kansel, op het stuk van leerstellige waarheid, wat hij geven moet, indien de Dienaar des Woords zielkundig indenkt, hoe de gedachten en de overleggingen in de gemeente moeten geleid, voorgelicht en gewapend worden, om die vaste, wel doorziene overtuigingen aan te kweeken, die de ketterij én in het verleden én in het heden én in haar kiem in het eigen hart, terstond ontwaren doen, en m.et moed en geestdrift tegen die ketterijen de waarheid, uit haar centraal levensbeginsel in den Christus, doen overstellen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 november 1895

De Heraut | 4 Pagina's

Gereformeerde prediking.

Bekijk de hele uitgave van zondag 10 november 1895

De Heraut | 4 Pagina's