Nabij God te zijn - pagina 14
I6IK ZALwerkelykheidDAN GEDURIGBIJU ZIJN.Ze moet ons gevoelen, onsworden.beseffen,ons gewaar worden, ons deuken, ons verbeelden, ons willen,Zeons handelen, ons spreken doortintelen en doordringen.moet ...
Nabij God te zijn - pagina 15
Heere, van mijne vijanden;Redmij,Uschuilbijik.Psalm 143:9.Welhaar oog, maar tochonderheurMaar dan ook kloktdreigt.opgewipte vleugels naar zich kieken al devrij,laat detotr ...
Nabij God te zijn - pagina 17
U SCHUILBIJheidroepenhetIK.vertrouwensdesuitgaat:,Biju Heere,schuil ik!"God is iets anders dan het verkeeren in gekomen zijn tot het heilgeheim van zijn verborgen omgang. Het schuilen duidt nooit op een duurzamen ...
Nabij God te zijn - pagina 18
10U SCHUILBIJMaar schuilen urekomen.Alsmeer,isiets uitdeplotseling de ziel overmant.angstomAls donkere nachtis.isde wateren tot aan de lippenAlsbangedeAls er ...
Nabij God te zijn - pagina 20
12U SCHUILBIJwereldwanhoopdooriiitdryftomIK.zelfmoord brengt, den geloovigetotGod.te schuilen bij zijnZe geven het beiden op, de man der wereld en het kind van God, maar terwijl de man der wereld heil zoekt ...
Nabij God te zijn - pagina 16
BIJ U SCHUIL IK.vaderen moeten uitstorten, en het had, zonder het antwoordopgeschreizijnGod moetenafwachten, met heeltezijnzielbijzijnschuilen, zoodra in den stroom der vernieling,op het volk aankwam ...
Nabij God te zijn - pagina 21
BIJlijknietdoetmeerkan,enü SCHUIL IK.voelt13dat het bezwjjken zou, danhet de laatste heroïeke daad, die het toch triomfeerendan geeft het 't op, maar om het nu ook aan den Heere over te geven, en dan, dan schuilt ...
Nabij God te zijn - pagina 19
U SCHUILBIJkroopenkleed versteekt, heeft wie aanvielhaarinzich11IK.meer met dat hulpeloos kind, maar met de moedernietookzoodenietmaar tusschenhope staatzijndat ...
Nabij God te zijn - pagina 23
ANTWOORDTGIJbesmeteengebedis,15MIJ NIET.waarover de vurige bidder straks deverzoening inroept.Als ge in hetdaaromafschuift, enwezenbeginallevan het gebed wilt indringen, moetnu a ...
Nabij God te zijn - pagina 22
Ik schreie tot U,mijniet;iksta,maar maarGijantwoordtGij acht nietop mij. Job 30Eengebedwezenlijkroeptomeenantwoord,antwoord van Boven, een antwoord van GodsLangalle ...