1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 41
^5 leert de einheitlichkeit van ziel en lichaam. Debater had gaarne bemerkt, dat het feit, dat deze inleiding naar Gereformeerde metthodologie is bewerkt, beter tot uitdrukking ware gekomen. De heer DE GAAY FORTMAN antwoordt, dat de tweede alinea van punt 6 door hem min of meer ironisch bedoeld i ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 42
54 Bij de rondvraag vraagt de heer De Gaay Fortman of de volgende vergadering kan worden gehouden in de Kerstvacantie. Na cenige bespreking wordt besloten, dat het Bestuur deze zaak nader zal regelen. Vervolgens deelt de Voorzitter aan Prof Bouman zijn herbenoeming mede als lid van de redactie va ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 43
Mogelijke oorzaken voor het uitsterven van diergroepen. door Dr, J. P. DE GAAY FORTMAN.Het onderwerp, dat ik heb op mij genomen, heden bij U in te leiden, is er een van de neventerreinen van mijn vak. In de opleiding van den bioloog was de palaeontologie tot voor kort een noodzakelijk bijv ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 44
ió zal ik kunnen meespreken, misschien ook een gereserveerd eigen oordeel mogen hebben. Maar ook zullen hier vraagstukken van algemeen biologischen oard ter sprake komen, zooals U uit de opgegeven punten zal zijn gebleken. Mij dunkt, daarover mogen wij allen als medici en natuurkundigen in dsn ru ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 45
37. wijt te maken. Juist op dit gebied hebben wij veel reden onze dankbaarheid uit te spreken voor het feit, dat onze theologen steeds op de bres stonden, als' ongeloovigen uit feiten van wetenschap meenden wapenen te moeten smeden tegen onzen Bijbel en de Waarheden, daarin vervat. De pogingen va ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 46
36 ming van de organisatie der diergroepen in de palaeontologic. De voorstelling, dat dit alles is geëvolveerd door een blind toeval, een soort dobbelspel met atomen, is een apriorisme, dat juist door den richtingsgang, die ligt in dat evolveeren der groepen van beneden naar boven, direct wordt w ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 47
3gOpeens bleken ze te leven als door een plotselinge scheppingsdaad Gods, wanneer een nieuwe periode als een lente komt. Een verscheidenheid van verwante vormen treedt telkens op in varieerende uitbundigheid als takken aan een stam, onberekenbaar, ongedetermineerd, maar uitgedreven uit hun ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 48
40rende variaties. Hier staan we nog op den bodem der goed geconstateerde feiten, w^aar een scherpe, tamelijk nauwe grens aan de fluctueerende variaties, dus aan deze soortsaanpassing gesteld is. Minder zeker is de mutatie geconstateerd als een mogelijke aanpassing der soort verder dan de ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 49
41we ons dus stellen op het standpunt van blijdschap over de mislukking, omdat nu het terrein van het onbekende groot genoeg blijft. Voor ons zelf is immers het wetenschappelijk levensdoel niet, om zooveel mogelijk onbekend te doen blijven, maar om met eerbied Gods gedachten na te denken, ...
1923 Orgaan van de Christelijke Vereeniging van Natuur- en Geneeskundigen in Nederland - pagina 50
42Bekend en doeltreffend is steeds de veigeiijkmg met het maatse lappelijk leven. Men kan verschillend oordeelen over de beteekenis der arbeidsverdeeling, die hoogere organisatie en meerdere prestatie mogelijk maakt; men kan veel oog hebben voor de schaduwzijden, er aan verbonden, maar dat ...