De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 31
25In deze onhoudbare juxtapositie van staat en recht, die in strijd kwam met GIERKE'S eigen stelling, dat de staat een essentiële rechtelijke zijde heeft, openbaarde zich het innerlijk conflict tussen het in de machtssfeer overgehevelde souvereiniteitsbegrip en de leer van de volksovertuig ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 32
26was. Wanneer inderdaad staat en recht twee specifiek verschillende en zelfstandige zijden van de samenleving zouden zijn, dan valt inderdaad niet in te zien, hoe de souvereine wilsmacht van de staat aan het recht onderworpen zou kunnen worden. In GIERKE'S dialectische antithesis van souv ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 33
37 personen, die zich weer als leden in omvattender verbanden kunnen voegen, dan lost zich vanzelf het probleem op van de deel-staten in de Duitse bondsstaat en van het ingeordend zij'n van het Duitse rij'k in de meer omvattende volkenrechtelijke gemeenschap. Behoort echter de souvereiniteit tot ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 34
28slotte slechts als een formele, zij 't al oorspronkelijke, rechtsbron naast het juristenrecht en de wetgeving gesteld. En ook wanneer men met de Historische School het rechtsbewustzijn des volks tot laatste geldingsbron van het positieve recht proclameerde, en met BESELER en GIERKE — in ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 35
29stelde, kan dan niet meer worden aanvaard, zonder het recht tot een machtsdictaat te ontzielen. De staat moet dus ook zelf aan het recht gebonden zijn. Hoe viel echter deze gebondenheid te construeren vanuit de door JELLINEK aanvaarde leer der staatssouvereiniteit? JELLINEK nam hier de t ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 36
30als „mit ursprünglicher Herrschermacht ausgerüstete Verbandseinheit seszhafter Menschen" moest volgens JELLINEK los van alle normatieve gezichtspunten worden gevat. En hetzelfde geldt van het recht, voorzover dit slechts als feitelijke sociale gedragswijze, als „tatsachliche Rechtsübung" ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 37
31 macht over zijn competentie slechts een methodische hulpvoorstelling om de „Rechtmaszigkeit kompetenzerweitemder staatlicher Akte zu rechtfertigen". Weliswaar zegt hij, dat onder alle omstandigheden de souvereine macht van de staat over zijn eigen competentie haar grens vindt in de erkenning v ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 38
32bovengekomen en heeft zij, met name in haar logicistische uitwerking bij K E L S E N , veelszins tot een fundamentele verwarring van de met het souvereiniteitsbegrip opgeworpen problemen gevoerd "^). Zij suggereert ons nl., dat deze problemen met één slag verdwijnen, wanneer men slechts ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 39
33 ook in de staatsrechtswetenschap had geïntroduceerd en hier voor een zgn. zuiver-juridische methode het pleit had gevoerd met uitschakeling van alle niet-juridische (politieke, ethische e.a.) gezichtspunten, werd ze door K E L S E N en zijn school in het kader van de neo-Kantiaanse kenniscriti ...
De Strijd om het Souvereiniteitsbegrip in de moderne Rechts- en Staatsleer - pagina 40
34 viging van de staatsmacht met de rechtsmacht een historisch proces is, dat met de strijd tussen de oude overheidsstaat en de moderne constitutionele staat begon en eerst voltooid is, waar de republikeinse of de parlementaire regeringsvorm zich heeft ontwikkeld. Eerst wanneer de rechtsidee de v ...