Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 149
137XXXVI. ,^tj lua£ lieuacgt!' Hij was veracht en de onwaardigste onder de menschen, een man van smarten en verzocht in krankheid; en een iegelijk was als verbergende het aangezicht voor hém; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht.Jesaia 53:3.Nogal ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 151
139 diepe,schriklijkeverachting,degrievende smading en de kren-kende boon.Ook die verachting was een deel van den drinkbeker dien hij drinken moest. Reeds eeuwen vooruit had hij het voorzien, en bij dat voorzien, op Davids lippen geklaagd: „Ik ben een wor ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 148
136 stervensweeën nog op zijn Goddelijk hart wordt getrapt. „Indien Zone Gods zij f, kom af van het kruis" Zoo blies Satan het hun in. Zoo heeft Jezus het gevoeld. Zoo was de toeleg in de wonde, die Jezus werd toegebracht. Maar zij die voorbijgingen, wisten niet wat ze deden. Zij geloofden niet, ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 150
138Toen kleefde er aan dien heerlijken naam smaad enschande.Zulkeen drukkende, hinderlijke, ergerende smaad, dat zelfs de vurigste van Jezus' intiemste jongeren, dien smaad niet aandorst, en toen ze hem vroegen: „Zijt gij ook niet van die ?", naar eeden greep en tot be ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 153
141Hoe zou onze ziel één en al gehoor zijn geweest, als we o, zelven het eens van zijn lippen hadden mogen hooren, hoe hij heel de Schrift des Ouden Verbonds doorliep, om het uit de boeken van Mozes en al de profetische geschriften te betuigen, „dat de Zoon des mensehen alzoo lijden moest ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 152
140 Dit roept het ons dan toch toe, dat al ons knielen voor Jezus ons geenszins ontheft van de medeschnld aan wat toen 'tegen Jezus door mensehen als wij gelasterd is. Dit zal uw ziele er dan toch uit verstaan, dat ge voortaan niet meer denkt: Die schandelijke menschen lasterden Jezus, maar ik, v ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 155
143En daarom roept de Schrift u toe: Zie op dat kruis, aanschouw de ontzettendheid van dat geheim en verborgen lijden. Hoor dat roepen: „Gij allen die op den weg voorbijgaat, ziet of er een smart is gelijk mijne smart", en roep dan met. den profeet in verbazing en met aangrijping der ziele ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 154
112moet de diepte der vernedering uitdrukken; en zelfs dat drukt het nog niet uit, en daarom klaagt hij „Hoe wonderbaarlijk omlaag gedaald is Sion !" Eens zong men in dat Sion „G-ij bultige berg Basan, wat verheft gij u tegen Sion. Grod zelf heeft dezen berg begeerd en zal hier eeuwiglij k ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 156
XXXVIII. „t^routoe, 31c utu 30011.' Jezus nu, ziende zijne moeder en den discipel, dien hij lief had, daarbij staande, zeide tot zijne moeder: Vrouwe, zie, uw zoon. Joh. 19 26. :Jezus mijdt eerst den moeder-naam. Hij zegt niet: „Moeder, lieve Moeder", maar schijnbaar in koeler zin: Vrouwe, ...
Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 157
145moederleven door zijn sterven zon ontstaan, en nu roept hij haar. doelende op Johannes, die bij haar stond, van het kruis toe: Vrouwe, zie, uw zoon!Er sprak heldenmoedin die vrouwen, dat ze het aandorsten, op ontzettend oogenblik, ter poorte van Jeruzalem uit, den wegnaar ...