Parlementaire redevoeringen - pagina 116
;ZITTING 1901114— 1902.waar het Rijk geen toezicht heeft. Ik voelde, dat ten deele hierin waarheid lag en daarom heb ik aan mijn ambtgenoot van Buitenlandsche daar,Zaken gevraagd,zich tewendentotde Belgische Regeering, met ver- ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 117
KWAKZALVERIJ.115wanneer men er niet toe komt, het systeem van Gheel hier terrein te doen winnen, en dat men door koloniën aan die groep van krankzinnigen zal bewijzen.eene weldaadHet blijkt meer en meer, dat gebruik van geweld en opsluiting slechts voor een klein deel ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 119
,VRIJMAKING VAN HET ONDERWIJS. recht verkregen hebben, nietHebbentegenstanders. Inhet:isolementligtvrienden alleen, maar ookzijnbijwijgisterenmijnkracht?woorden eene suggestieve kracht117 ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 120
ZITTING 1901118— 1902.Ik zal zoo vrij zijn, den band daarvan los te maken, bieden. uit dien ruiker voor mij zelf te houden en de bloemen de van een aan de heeren van de rechterzijde en gedeeltelijk deelen andere uit te ook aan de heeren van de linkerzijde. Misschien zal ik ze ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 121
PRACTISCHE VOLKSOPLEIDING.119er in de kringen van de openbare onderwijzers voor een oogenblik eenzeker gevoel van teleurstelling—drukkenuit tezalkunnen komen,— om mijalsof ertegenover hun zaak eene concurreerendei ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 123
PRACTISCHE VOLKSOPLEIDING.121op de moeilijkheden, die zich voordoen. De moeilijkheid werd door dien geachten afgevaardigde vooral daarin gezocht, dat men niet heeft de noodige onderwijzers. Dat is inderdaad een groot gebrek,vestigenwaarvan zoowel het middelbaar als het ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 122
ZITTING 1901—1902.120meester maakt,geesten zichbreekt enomisenrooftvoortsverdervolkonseen invretende kanker, dieisallegeestdrift drukt.komen,doenteEni ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 124
ZITTING 1901122doorschemeren, wat deze zaak bemoeilijkt.zelf latenheeftHijrecht.— 1902.met de benoeming van een hoogleeraar in het Romeinsch-Hollandsch recht niet gereed is en zal ook Er moet eerst onderzocht worden, wat voor het waarom meed ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 125
BIJZONDERE GYMNASIA EN HET JUS PROMOVENDI. van de wet op het hooger onderwijs geenartikelde principieele beslissingDeheerbetuigd,—wonderingisheeftde geachte spreker zegt: dat,ikniethebben vóór ...
Parlementaire redevoeringen - pagina 126
ZITTING 1901124— 1902.ambtenaar is, het lot van het gymnasium voor de hebben. Ik zou meenen dat men hiermede een handen toekomst zou inslaan en ik geef de verzekering, dat, wanneer gevaarlijken weg ik niet alleen tijd van leven, maar ook tijd van blijven hier heb, 1906 de wer ...