De schoolwet voor de vierschaar van Europa. - pagina 29
27
Meer behoeft ons volk niet te weten. Indien het de feiten maar kent, is het wat het wil, en dunkt zijn keuze ons niet
in staat
om
te beslissen
twijfelachtig.
Op
het dwaalspoor gebracht door de voorstelling onzer dagbladbeeldt de overgroote meerderheid van ons publiek zich in, dat heel de beschaafde wereld over de school denkt, zooals onze Schoolwetmannen er over denken dat schier allerwegen een volksschool van gelijk gehalte als ten onzent bestaat; dat tvij met onze meening geïsoleerd staan en dat ónze richting iets wil, waar, in de toongevende kringen elders, geen ernstig man aan denkt. Die verkeerde voorstelling dient weggenomen. Op allerlei manier behooren de voorstanders der Christelijke en in het algemeen der Vrije School, door dag- en weekbladen, in maandwerken, vlugschriften en tractaatjes, er het publiek op te wijzen, dat deze onware voorstelling door de wetgeving, zoo van pers,
;
Europa als van Amerika, wordt gelogenstraft. Het moet ons volk gezegd, tot ons volk het wete en inzie, dat nog geen natie ter wereld den noodlottigen moed had, om, gelijk Nederland,
den
godsdiemt
aan
de
schooldeur
als contrabande
af
te
wijzfn.
Het behoort aan het licht te komen, dat onze schoolwetmannen, en niet wij, met hun zonderlinge denkbeelden alleen staan. Elk beroep op het schoolwezen in Amerika, het overgroote deel van Zwitserland, in Engeland en Baden, moet onze schoolwetmannen eens voor goed uit de handen worden geslagen. Het behoort vast te staan, krachtens getuigenis der officieele stukken, dat de Staatslieden en wetgevers alom met ons van oordeel zijn, dat een volksopvoeding zonder godsdienst op bederf der natie uitloopt, en dat onze Moenssen en Kerdijks, onze Do Veers en Lampings, onze Levy's en Borgesiussen, als Staatslieden geïsoleerd staan met hun overtuiging. Niet alsof ook niet in Engeland en Duitschland, en waar niet, een fractie zou gevonden worden, die woelt en werkt, om ook ten hunnent den godsdienst uit de volksschool te bannen, maar zóó dat die fractie allerwegen een kleine minderheid vormt, meest saamgesteld uit jonge boekgeleerden, die buiten het volksleven staan en de practische eischen van dit leven niet kennen mannen, die schier allerwegen tegelijk de banierdragers zijn van het schrilste ongeloof, en van den strijd tegen de Christelijke Kerk hun levenstaak maken. Er dient een einde te komen aan, wat wilt ge, aan het misverstand, of aan de misleiding. Men moet in Nederland niemand langer kunnen diets maken, dat de gemengde aard van onze bevolking dit bannen van den godsdienst uit de school wettigt; want dat in tal van landen do bevolking even gemengd is on niettemin een volksschool met godsdienst bezit, i» een onomstootelijk feit. Het moet eindelijk eens uit hebben met de fabel, alsof alle natiün van rondom óns om onze uitnemende volksschool benijden, ;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1875
Abraham Kuyper Collection | 36 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1875
Abraham Kuyper Collection | 36 Pagina's