Honig uit den rotssteen - pagina 235
231
XCY. a^efiraftenen
ban gart*
Een gebroken en verslagen hart
zult Gij,
o God, niet verachten.
Psalm
51
:
19.
„Gebroken van hart"
te zyn, is, zoo ge het diep doordenkt, eigende hardste eisch die tot een zondig mensch komen kan. Wat „besnoeid" worden! o, daartegen heeft ons trotsche „ik" geen bedenking. Want iemand te vinden, die beweert in niets te feilen, komt bijna niet voor. Ieder erkent nog wel dat het beter met hem kon dan het gaat. En zoolang er van niets ergers sprake is, dan om de weelderige uitwassen wat af te snoeien, stuit ge bij verreweg de meesten nog op geen wezenlijk bezwaar. Yan die „besnoeide" menschen loopen er bij duizenden op den breeden weg met hun besnoeidheid en ingetogenheid te pronken, en van geschoren heggen in hun eigen rechtvaardigheid is het vlak der hel doorkruist en omtuind. Dat geeft dus niets. Geeft althans niets voor God. In het verborgen gerichte. Als zijn licht het al doordringt en ontdekt. lijk
Maar ook met de ledematen die aan u zijn, te krenken, in te toomen, te buigen en desnoods te knakken en te breken, komt ge voor dien Kenner der harten geen stap verder. Ook dat pogen kent anders elk kind van God. Zoo kan het niet blijven. De zeilen van het zondig leven moeten gereefd. Er moet ingetoomd. Het lichaam moet onder bedwang gebracht. Dit zal men niet meer doen. En dat zal men afschaifen. En daar zal men aan sterven. Zonden, met name uitgedrukt, worden tot werkeloosheid gedoemd. Dingen die men vroeger zag, ziet men niet meer. Er is verandering, er is vooruitgang. Dat is meer dan „besnoeiing," dat is „besnijding" van de wilde natuur. En toch ook dit brengt er u niet, en kan er u niet brengen. Want zoo verminkt ge uw leven wel, maar zet het niet in zijn tegendeel om. En voor uw afgezette been neemt ge een houten been, of desnoods een kruk, en op dit houten steunsel strompelt ge toch weer den ouden weg op. Och, de verminkte zielsworstelaars zijn ook onder de genooden der hel. Neen, de ledematen doen het zoomin als de wilde uitwassen. Dat zijn altegader slechts uitspruitsels van het leven. Als ge met God te
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's