Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 54

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 54

3 minuten leestijd

50 plantinge van mirten, met al de geesten der volmaakt rechtvaardigen deelen zullen. Wij deel en zullen, die, op den wortel des verderfs geteeld, nog de netels op ons blad voelen steken en bij den bussel hoorden, die men op het vuur zou werpen. Ja, waarlijk, het is wel om in een heerlijk dwepen met die mirtepracht zich zelf te vergeten en een aandoening over de ziel te voelen komen, waarvan ge beseft: „Ja, dat is nu aanbidden!"

Maar, by uwer ziele zaligheid, mijn broeder! sluit bij al die bewondering voor het schoon van den mirt toch ook uw oog voor den distel niet. Want ook dien distel noemt Jesaia met name, en met dien distel hebt ge nog wel waarlijk te rekenen, och, hoé dikwijls niet, dat er zelfs nog een stem tot uw consciëntie komt: „Die distel zijt gij!" „Gij, die distel," neen, natuurlijk niet voor uw geloof, en evenmin in uw hope; ook niet in Christus en dus minder nog naar dat leven gerekend, dat. ook op uw naam, met dien Christus verborgen is in Grod! Maar wel, helaas, ja, maar al te zeer, naar het leven dat er nu nog telkens bij u uitkomt; maar uw droeve aardsche werkelijkheid; naar uw ik en de zelfzucht van uw vleesch. Och, ge weet het, een distel wordt daaraan zelfs door den blinde gekend, dat wie hem aanraakt, zich wondt. En nu, is, naar dien maatstaf gemeten, de laatste stekel dan reeds voorgoed van uw stengel

weggenomen ? Scherpe

distelpunten, puntige doornen, brandende,

aan het blad, zaagt ge ze dan alleen aan u zelven nooit? Gringen de gewonden dan nooit met toorne van u weg? Hebt ge de pyn, hun veroorzaakt, dan nooit gadegeslagen? De pijn, neen niet die ge uit plichtsbesef, gelijk een arts, met opzet veroorzaakt hadt, maar die andere, die door niets dan u aan te raken, in uw omgang, enkel door het levenscontact, maar toch van u uitgaande, uw naaste werd aangedaan ? Neen. Ge behoeft daarom nog niet aanstonds aan een dier reusachtige distelplanten of monsterachtige doornen te denken, die huizen in het wilde woud. Och, ook in de maatschappij der menschenkinderen weet men die distels wel uit te roeien, zulke doornen wel uit te branden, maar, wat blijft, wat voortwoekert, wat onvergelijkelijk giftige netels

gevaarlijk

is,

dat

zijn

die

kleine

netelplanten,

die

nauw

zichtbare

bovenal die kleine prikkende punten, die als bij den Meidoorn of aan den rozenstengel onder de keurigste bloesem verborgen zijn en u verraderlijk lokken door de geuren die u toestralen! En durft ge ook daarmee dan alle verwantschap, zelfs nu, na uw

distels,

bekeering, zoo voetstoots, zoo argeloos ontkennen? o. Mijn broeder, dat werk der levendmaking gaat zoo wonder toe, en de distel wordt een mirt, gelijk de onooglijke pop straks in den prachtigen vlinder opvliegt, dat het een uit het ander werd, ja, en dat beide er gelijk waren, en het een het ander schuil hield, maar zoo toch dat de vlinder eerst in het laatste oogenblik uitkomt, en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 54

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's