Honig uit den rotssteen - pagina 252
248 soms
slaap vinden, zóó weerbarstig en hardnekkig, dat er geen
eens
wakker roepen of wakker schudden aan is. Och, immers juist, zooals het bij onszelven eens was
verzonken den slaap der zonde. Daarmee is nog niet gezegd, dat alsdan zulk een zondeslaap ook in zonde behoeft uit te spatten. Neen, niet de uitspatting eerst, maar reeds de slaap zelf is zonde. Ook al tormenteeren u geen bange droomen, is uw bewusteloos nederliggen daarom geen slaap? Waarom zou het stille meisje, dat slapend met de ziel in huis omwandelt, niet even zondig voor Grod kunnen staan, als de jongeling, die droomend uitvliegt in de wereld? o, Gewisselijk, dat wilde droomen kan de zonde nog ontzettend verergeren. Maar toch, in den grond der zaak is het één. En reeds dat slapen zelf en op zich zelf, is het doodelijke, het ijslijke, het inzondige voor Grod. Daarom zoo ijselijk, omdat niemand zich aan dien slaap ontworstelen kan. Want al wildet gy, Satan staat met de chloroformflesch reeds voor u, en by de minste beweging reikt hij u het bedwelmend gif weer toe. :
in
U redden, maken dat ge wakker wordt en uit den slaap opkomt, kan daarom Hij alleen, die eerst dien Satan bij den arm neemt, dien arm verlamt; maakt dat geen geestelijke chloroform u dat oogenblik bereiken kan en u in dat gelukkig oogenblik dus roept bij uw naam, u optrekt van uw leger, u de oogen zalft met oogenzalf en u uitvoert in het frissche en verkwikkende van Gods heerlijk genaderijk. Dan zijt ge ontwaakt opgewaakt wakker. Dan is er weer een wil in u; een hooger bewustzijn; dan weet ge van u zelven en van uw Grod af. Dan waakt ge. Maar nu komt er nog erger gevaar. Hoe zult gij nu wakende blijven? Hoe voorkomen, dat ge straks, van onder Jezus' oogen weg, niet weer naar het oude lieve bed der zonde toesluipt, uw Christelijke wapenrusting weer aflegt, en u neervleit in de armen der zelfvergetelheid en der zieldoodende bedwelming ? Dat gevaar heeft Jezus voorzien. ;
;
Voorzien
bij
En daarom
;
zijn discipelen, is
het,
dat
en voorzien
hij,
voor
hij
deren nadruk tot zyn discipelen zeide: ik allen:
bij een iegelijk onzer. sterven ging, met zoo won,^Hetgeen ik u zeg, dat zeg
Waakt
Ge zijt zoo pas ontwaakt alsof de Heere zeggen wilde ge neigt nog om dus de vorige loomheid u nog in de leden weer in te sluimeren; en uw oogleden zijn nog bezwaard, o, Ziet dan toe, want de zielenverderver, de zielsbedwelmer merkt dat wel aanu, Het
zoo
zit
is,
:
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880
Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's