Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Honig uit den rotssteen - pagina 92

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Honig uit den rotssteen - pagina 92

2 minuten leestijd

88

nog

alleen

lippen

En door

in

oogenblikken

van angst en zielsnood weer op de

kwam. geen wonder, onwaar. Neen,

want wat men voorgaf was eenvoudig door en niet op goddelyke, maar juist op menschelijke

wijze wil Grod van ons verbeden zijn. Bidden op goddelijke wijze is kortweg ongerijmd, want Grod, wyl Hij Grod, dat is de Algenoegzame is, bidt niet en kan niet bidden, dan na eerst in den Zoon menscli te zijn geworden, om alsnu uit een menschelijk hart, in onze menschelijke nooden inlevend, met menschelijke taal, menschelijk gebaar, kortom geheel in menschelijken vorm door ervaring te leeren wat bidden is en wat het bidden zijn moet.

het stuk van het gebed is al dit redeneeren over Gods albestuur over de uitwerking die ons gebed hebben kan, en wat dies meer zij, eenvoudig dwaasheid. doen het vanzelf, zonder Bidden is als het ademen onzer ziel. ons af te vragen hoe het werkt. En alzoo eerst weet onze eigen ziel dat het waarlijk bidden is. Voor uw gebed is alle philosophie een doodelijk gif. Een gebedsvernieling, waaruit, o, zoo weinigen slechts weer tot de opstanding des gebeds wederkeeren. ge menschelijk, geheel onbevangen en onbevooroordeeld, Tenzij naar uw aard en den nood van uw menschelijk hart en uw menschelijk hopen en verlangen bidden wilt, is er voor u geen bidden met al. Ook de discipelen vroegen het Jezus „Heere, leer ons bidden !", wat anders legt nu de Heere hun op de lippen dan een en zie vragen, aldoor vragen, zooals een kind het aan zijn vader doen zou, een vragen dat geen einde neemt, dat alles omvat en zoo diep innig menschelijk is, als eenig bidden maar zyn kan. En zoo leerde hij het, die, met den Vader eenswezend, God uit God en met God was. Och, dat voor hem dan toch en niet voor de drogredenen van ons denken het vertrouwen onzer ziele bij het gebed mocht zijn. o, Mijn broeder, juist daarin is de grondelooze barmhartigheid des Eeuwigen, dat Hij dat menschelijke duldt, dat kinderlijke wil, aan dat eenvoudige een welbehagen neemt, ja, dat juist de glorie zijner ondoorgrondelijke ontfermingen, dat Hij uw menschelijk hart den ademtocht tot het bidden inschiep, en naar dat stille roepen luisteren wil van den troon zijner heerlijkheid.

Op

en

We

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's

Honig uit den rotssteen - pagina 92

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1880

Abraham Kuyper Collection | 257 Pagina's